U bevindt zich op: Home › Bibliotheek › Veelgestelde vragen Dengue
Veelgestelde vragen over Dengue (Knokkelkoorts)
Knokkelkoorts is een door muggen overgebrachte virusziekte, die normaal niet in Nederland voorkomt. De ziekte wordt veroorzaakt door het denguevirus. Het denguevirus hoort samen met minstens 72 andere virussen bij de familie van de Flavivirussen. Veel van deze virussen worden verspreid door muggen. De term flavi komt van flavus, het Latijnse woord voor geel. Knokkelkoorts komt af en toe voor bij mensen die tropische landen hebben bezocht waar de ziekte voorkomt.
Knokkelkoorts komt in Nederland erg weinig voor. Als het voorkomt is het een importziekte bij mensen die in een land zijn geweest waar de ziekte voorkomt. In 2008 werd het door virologische laboratoria in Nederland bij 127 patiënten vastgesteld, in 2009 bij 161 mensen en in 2010 tot en met eind mei bij 40 personen.
In Nederland is de kans daarop zeer klein. Slechts een klein deel van de Aziatische tijgermuggen is besmet met het denguevirus. En niet alle besmette muggen brengen het virus over op mensen, en niet alle mensen die het virus oplopen worden ziek. In Nederland zijn tot nu toe nog nooit mensen ziek geworden door steken van de sporadisch geïmporteerde Aziatische tijgermug. In bepaalde andere landen komt de ziekte vaker voor. Op de website van de WHO (http://www.who.int/topics/dengue/en/) is te zien waar.
De infectie verloopt vaak ongemerkt, en het virus verdwijnt weer zodra iemand weerstand heeft opgebouwd. Ongeveer een op de 5 à 10 mensen ervaart ziekteverschijnselen. Na besmetting kan het 2 tot 14 dagen duren totdat iemand ziek wordt. Vaak denken mensen dan dat ze een griepje hebben. Sommige mensen merken amper iets van de infectie, soms zijn de verschijnselen ernstiger. Dan krijgt iemand hoge koorts, koude rillingen, hoofdpijn en pijn in de spieren, botten en gewrichten (vandaar de Nederlandse naam ‘knokkelkoorts’). De ziekte is zelden levensbedreigend, maar het kan een tijd duren voordat iemand die knokkelkoorts heeft gehad, zich weer fit voelt.
Dat kan worden bepaald door bloedonderzoek, waarbij getest wordt of er antistoffen in het bloed zitten. Daarnaast is het soms mogelijk om het virus zelf aan te tonen in het bloed van mensen die nog koorts hebben. Omdat er meerdere flavivirussen zijn, betekent een positieve test niet altijd dat er sprake is van een denguevirusinfectie. Er kunnen ook andere oorzaken een rol spelen. Daarom is dan vervolgonderzoek nodig.
Ja, bij sommige mensen kan dengue ernstig zijn, bijvoorbeeld als iemand in het verleden al eens geïnfecteerd is met een ander type denguevirus. Dan kan er dengue hemorragische koorts (dengue haemorrhagic fever (DHF)) optreden: hoge koorts, een vergrote lever en bloedingen. DHF begint met een plotselinge koortsaanval. De koorts kan 2 tot 7 dagen duren en oplopen tot 41° C, gevolgd door koortsstuipen en bloedingen. Als de patiënt niet wordt behandeld kan hij in shock raken (dengue shock syndrom (DSS)) en uiteindelijk sterven. Deze ernstige vorm van Dengue komt alleen maar voor in de landen waar mensen voortdurend worden blootgesteld aan besmette muggenbeten.
Als iemand knokkelkoorts krijgt is hij of zij geïnfecteerd met één bepaald type van het denguevirus. Hij wordt dan immuun tegen dit type, maar niet tegen andere varianten. Als hij daarna besmet wordt met een ander type denguevirus is hij dus niet beschermd. Er is dan zelfs een grotere kans op een complicatie: dengue hemorragische koorts (dengue haemorrhagic fever (DHF)). Dat kan levensbedreigend zijn.
Er bestaan geen medicijnen of vaccins tegen knokkelkoorts. De behandeling bestaat uit symptoombestrijding.
Je kunt deze ziekte alleen proberen te voorkomen door te zorgen
dat je niet wordt gestoken door besmette muggen. Daarvoor moet je
kleding dragen die zoveel mogelijk huid bedekt, en een Deet-houdend
anti-muggenmiddel gebruiken.
Verder moet voorkomen worden dat de broedplaatsen van de
overbrengers van deze ziekte, kleine waterpoeltjes, niet voorkomen
in de buurt waar mensen wonen of werken. Hierbij moet gedacht
worden aan kleine hoeveelheden stilstaand water, zoals in
regentonnen, emmertjes en bloempotten. Hiermee voorkom je dat de
muggen zich voortplanten.
De vrouwtjesmug (het mannetje steekt geen mensen) kan geïnfecteerd raken door het bloed van een besmet mens. Als ze besmet is, kunnen ook haar eitjes besmet raken en dus uitgroeien tot besmette muggen. Vrouwtjesmuggen kunnen soms besmet raken via een mannetjesmug.
Een besmette tijgermug draagt het denguevirus in de
speekselklieren. Als de vrouwtjesmug een mens steekt, kan het virus
op die manier worden overgedragen
Pdf document - 32KB
70051 Zoekresultaten voor ""