RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Clostrium difficile: Desinfecteren of reinigen?

Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Hygiëne en Infectiepreventie 1998 nummer 5

Vraag:

Is desinfectie van oppervlakken en ruimten geïndiceerd bij een patiënt met Clostridium difficile diarree?

Antwoord

Inleiding

Clostridium difficile is een anaërobe sporevormende bacterie die bij verstoring van de normale colonflora — bijvoorbeeld door een colonoperatie of door antibioticagebruik — een ziekenhuisinfectie kan veroorzaken. Onder invloed van antimicrobacteriële therapie kunnen matige tot ernstige infecties ontstaan variërend van lichte diarree tot ernstige colitis waarbij zich pseudomembranen vormen die uit fibrine en leukocyten op necrotisch colonslijmvlies bestaan. Clostridium difficile produceert twee toxinen, enterotoxine en cytotoxine; de veroorzakers van het ziektebeeld indien zij in voldoende concentratie voorkomen(1). De ernst van de ziekte is vooral geassocieerd met het voorkomen van het enterotoxine(2).

De sporen van Clostridium difficile kunnen weken tot maanden in leven blijven en de omgeving van de patiënt in het ziekenhuis is vaak zwaar besmet, vooral vloeren en badkamers(3), maar ook stoelen, nachtkastjes, thermometers en dergelijke. De sporen zijn bestand tegen zeer ongunstige invloeden zoals uitdroging, verhitting en chemische stoffen.

Een andere bron van besmetting met Clostridium difficile vormen de asymptomatische dragers. Zeker in aanwezigheid van een patiënt met Clostridium difficile diarree kan men er van uitgaan dat er een groot aantal dragers is op de afdeling.

Literatuur

Omdat de verspreiding van Clostridium difficile via besmette voorwerpen en oppervlakken kan plaatsvinden moet grote aandacht worden besteed aan de reinigings- en/of desinfectieprocedure bij een Clostridium difficile besmetting.

In het artikel van G. Parlevliet et al., gepubliceerd in THIP 1998;2,4, onder het kopje ‘Preventie en bestrijding van epidemieën’ is een lijst opgenomen met maatregelen ter bestrijding van een epidemie met Clostridium difficile zoals in de literatuur beschreven. Voor het desinfecteren van de kamer en het toilet wordt 1000 ppm. chloor geadviseerd. Het bewijs van de effectiviteit daarvan zou in de literatuur beschreven staan(5-9).

In deze literatuur staat het gebruik van chloor wel vermeld, maar of het bewezen effectief is niet. In de aangehaalde publicaties staat een groot aantal getroffen maatregelen vermeld, zoals meer aandacht voor het wassen van de handen, gebruik van handschoenen, desinfectie van de kamer met 1000 ppm. chloor, isolatie van de patiënt, enzovoort. Wat de waarde van de afzonderlijke maatregelen is, behalve het wassen van de handen en het dragen van handschoenen, is niet bekend en ook moeilijk evalueerbaar.

Advies

Bacteriesporen zijn bijzonder resistent tegen desinfectantia en kunnen maandenlang in het stof in leven blijven. Slechts enkele desinfectantia kunnen sporen doden, hiervoor zijn evenwel contacttijden van tenminste 6 uur noodzakelijk (10-11). Voor oppervlakte- en ruimtedesinfectie is dit niet mogelijk. Men moet dan kiezen voor een zeer degelijke reinigingsprocedure in plaats van een desinfectieprocedure. Bij een goed uitgevoerde reinigingsprocedure wordt het stof verwijderd en daarmee de sporen.

Literatuur

  1. Verbrugh HA, Mouton RP, Polderman AM. Medische Microbiologie. 8ste druk, Bohn Stafleu Van Loghum, Houten/Zaventem 1992.
  2. Mayhall CG (ed). Hospital epidemiology and infection control. Williams & Wilkins, Baltimore USA 1996.
  3. Kaatz GW, Gitlin SD, Schaber DR. Acquisition of Clostridium difficile from the hospital environment. Am J Epidemiol 1988;127:1289-94.Externe link
  4. Parlevliet GA, Koeleman JGW, Meester HHM, Donkers LEA. Clostridium difficile, een literatuuronderzoek naar een onbekende bacterie. THIP 1998;2:35-9.
  5. Wilson KH. The microecology of Clostridium difficile. Clin Infect Dis 1993; 16 (suppl. 4):S214-8.Externe link
  6. Gerding DN, Johnson S, et al. Clostridium difficile associated diarrhea and colitis. Infect Control Hosp Epidemiol 1995;16:459-77.Externe link
  7. Nath SK, Thornley JH, et al. A sustained outbreak of Clostridium difficile in a general hospital: persistance of a toxigenic clone in four units. Infect Control Hosp Epidemiol 1994;15:382-9.Externe link
  8. Barbut F, Mario N, et al. Investigation of a nosocomial outbreak of Clostridium difficile associated diarrhea among AIDS patients by random amplified polymorphic DNA (RAPD) assay. J Hosp Infect 1994;26:181-9.Externe link
  9. Cartmill TDI, Panigraphi H, et al. Management and control of a large outbreak of diarrhea due to Clostridium difficile. J Hosp Infect 1994;27:1-15.Externe link
  10. Rutala WA. APIC guideline for infection control practice; APIC guideline for selection and use of disinfectants. Am J Infect Control 1990;18,2:99-117.Externe link
  11. Manual of Clinical Microbiology. Murray PR, editor in chief. ASM Press. Washington DC 1995. 

 

Auteur:

Thea Daha
Hygieniste Werkgroep Infectiepreventie.


Zie ook

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / WIP THIP DOCS / Clostrium difficile: Desinfecteren of reinigen?

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu