RIVM_Logo

Waterstofperoxide in dampfase

Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Hygiëne en Infectiepreventie 2009 nummer 6

Vraag

Mag waterstofperoxide in de dampfase worden gebruikt voor ruimte-desinfectie?

Antwoord

Inleiding

Patiënten besmet met BRMO of bepaalde pathogene micro-organismen worden in het ziekenhuis verpleegd in bronisolatie. Dit kan variëren van contactisolatie op zaal tot een éénpersoonskamer of isolatiekamer. De patiënt verblijft in deze ruimte totdat voldoende kweekuitslagen aantonen dat de patiënt geen drager of niet meer besmettelijk is of tot ontslag. Voor een beperkt aantal (resistente) MO is desinfectie geïndiceerd na ontslag van de patiënt. Het heeft geen zin om de kamer te desinfecteren als de patiënt nog aanwezig is. Tussentijdse desinfectie is niet nuttig omdat als de patiënt in de kamer verblijft, de contaminatiegraad van de kamer na desinfectie weer snel zal toenemen tot het niveau van voor de desinfectie. Desinfectie van de kamer is alleen van nut direct na het ontslag van de patiënt. In geval van een epidemische situatie kunnen soms wel tussentijdse desinfectiemaatregelen worden afgesproken.Wanneer patiënten met een dergelijke bronisolatie op een OK of een onderzoeks/ behandelruimte zijn geweest kan ook daar desinfectie van de ruimte worden toegepast na vertrek van de patiënt. Daarnaast heeft ruimtedesinfectie ook procedurele toepassingen op andere plekken in een zorginstelling bijvoorbeeld in cleanrooms of bepaalde laboratoria (na een calamiteit

Gebruikte desinfectantia

De Nederlandse wetgeving op het gebied van desinfectiemiddelen laat een beperkt gebruik van desinfectantia toe. Voor oppervlakte-desinfectie mag alleen gebruik gemaakt worden van middelen die door het College voor de Toelating van Gewasbescherming en biociden (CTGB) zijn goedgekeurd en toegelaten. Toegelaten middelen zijn te herkennen aan een (N) toelatingsnummer gevolgd door de letter van het land waar de toelating voor geldt. Producten die geen toelatingsnummer hebben mogen niet gebruikt worden voor algemene desinfectie doeleinden. In de praktijk betekende dit tot voor kort dat alleen voor ruimtedesinfectie gebruik gemaakt kon worden van chloor 250 ppm. Voor kleine oppervlakken die niet groter zijn dan ½ m2 bestaat voorlopig een gedoogbeleid voor het gebruikt van 70 % alcohol. Aan beide middelen kleven nadelen. Chloor heeft een penetrante geur en werkt corrosief op metalen. Alcohol 70% is brandbaar en kan daarom op last van de brandweer maar beperkt worden gebruikt. Daarnaast zijn alcohol 70% en chloor 900-1000ppm (bij biologische verontreiniging) officieel gezien ook niet toegestaan. Uit oogpunt van patiëntveiligheid worden deze gedoogd (bron: IGZ rapport ‘neem tijd voor de inwerktijd’(1)).

Nieuwe ontwikkelingen

Sinds kort is het middel waterstofperoxide (H2O2) in dampfase voor desinfectie van besmette ruimten door het CTGB getest en goedgekeurd voor gebruik in de gezondheidszorg. Waterstofperoxide is al van oudsher bekend als een krachtig desinfectiemiddel. Peroxiden zijn bactericide, sporicide en in hoge concentratie fungicide, tuberculocide en virucide. 0,3% H2O2 inactiveert binnen 10 minuten HIV. H2O2 in de dampfase voor desinfectie van ruimten is een methode waarbij H2O2 in zeer fijne mist in een ruimte wordt gebracht. Na verdamping van de nevel blijft het desinfectans H2O2 als gas in de ruimte achter en doet vervolgens zijn desinfecterende werking. In het stuk “Desinfectie methodisch bekeken” van de auteur Anton Duisterwinkel en gepubliceerd in dit nummer van het tijdschrift THIP staat aangegeven hoe de methode werkt.

CTGB


Door het CTGB is voor H2O2 in dampfase een goedkeuring afgegeven voor gebruik in de gezondheidszorg voor ruimten waar mensen in verblijven. Door het CTGB is een risicobeoordeling opgesteld waaruit blijkt dat er geen onaanvaardbare risico’s zijn en het gebruik van H2O2 in de praktijk veilig is. Bij de risicobeoordeling is alle beschikbare informatie, waarvan de kwaliteit door het CTGB is goedgekeurd, meegenomen. Er zijn door het CTGB eisen gesteld aan het gebruik van H2O2 in dampfase voor desinfectie van ruimte, meubilair en eventuele aanwezige apparatuur. Zo kan het alleen worden uitgevoerd door deskundig personeel. Dit houdt in dat het uitvoerende personeel moet zijn opgeleid en gecertificeerd want anders is het gebruik van het middel in deze uitvoering wettelijk niet toegestaan.

Aanbeveling van de Werkgroep Infectie Preventie

Indien een desinfectiemiddel of –methode door een onderzoeksinstelling is getest en vervolgens bij het CTGB is aangemeld en door het CTGB is goedgekeurd voor gebruik in de gezondheidszorg dan blijkt uit de opgestelde risicobeoordeling en toelating dat het product veilig is voor gebruik. De beoordelingsmethode die is opgesteld en uitgevoerd door het CTGB staat voor de WIP niet ter discussie en wordt direct aanvaard. In de praktijk betekent dit dat door de WIP wordt geadviseerd om gebruik te maken van door het CTBG toegestane middelen, dus middelen met een N nummer. Het middel mag alleen in de praktijk worden gebruikt voor de doeleinden die door het CTBG zijn voorgeschreven en waarvoor de aanvraag is aangevraagd. H2O2 in dampfase is alleen aangevraagd voor het desinfecteren van ruimten die besmet zijn met bacteriën en schimmels. Het mag niet worden gebruikt indien er sprake is van besmetting met Mycobacteriën en virussen omdat hiervoor door het CTGB geen goedkeuring is afgegeven. Alhoewel het zeer waarschijnlijk is dat het ook goed zal werken bij een besmetting met het norovirus, is het niet toegestaan dit middel in deze fase voor desinfectie te gebruiken bij besmette ruimten veroorzaakt door dit micro-organisme. Ook mag de methode alleen worden uitgevoerd door opgeleid en gecertificeerd personeel. Het is dus noodzakelijk altijd de aanvraag van het CTGB te lezen en niet alleen uit te gaan van het N nummer.

Het nadeel van H2O2 in dampfase is dat het gebruik van de methode kostbaar is. Afhankelijk van overeenkomsten met leveranciers kan gekozen worden voor aanschaf, een huurcontract of b.v. op een afroepbasis waarbij de betreffende firma de procedure uitvoert. In dit laatste geval dient de instelling dan wel rekening te houden met een langere doorlooptijd tussen vraag en uitvoer. Bij aanschaf zal er geïnvesteerd moeten worden in opleiding van een specifiek team van personeel dat de desinfectieprocedure uitvoerd. Omdat we te maken hebben met verloop van personeel zal dit voor instellingen een continu-proces zijn. Verder is het een arbeidsintensieve methode, de te behandelen ruimte moet worden afgeplakt en tijdens de desinfectiefase mogen geen personen in de ruimte aanwezig zijn. Bij gebruik in ruimtes met overdruk, dient deze te worden uitgeschakeld. Indien dit in bepaalde settings (zoals OK’s) niet altijd per individuele ruimte gerealiseerd kan worden is deze methode hiervoor soms niet geschikt.

Literatuur

  • (1) IGZ rapport: Neem (inwerk)tijd voor het desinfectiebeleid. Den Haag, januari 2007.

Auteur

Thea Daha
Hygiëniste Werkgroep Infectiepreventie.
Roel Lagendijk
Universitair Medisch Centrum Utrecht
Met dank aan Ben Minderhout
Adviseur Infectie Preventie
Universitair Medisch Centrum Utrecht


 

 

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / WIP THIP DOCS / Waterstofperoxide in dampfase

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu