Inhoud mei 2012

  • Gesignaleerd 09 mei 2012

    Overzicht van bijzondere meldingen, clusters en epidemieën van infectieziekten in binnen- en buitenland tot en met 5 april 2012

  • Legionella-pneumonie bij een medisch toerist 09 mei 2012

    M.C. Trompenaars, N. Reedijk, M. Dirven, J. Donkervoort, S. Euser


    In 2010 werd in de regio Rotterdam-Rijnmond een patiënt in een ziekenhuis behandeld met intermitterende chemotherapie. De patiënt was voor behandeling naar Nederland gekomen en verbleef tijdens de chemotherapie in een hotel dat hem was toegewezen door zijn zorgverzekeraar. Op de derde dag van zijn verblijf in het hotel kreeg hij koorts en werd hij in het ziekenhuis – waar hij al onder behandeling was – opgenomen met een longontsteking. Met een urineantigeentest werd infectie met Legionella pneumophila serogroep 1 vastgesteld. Conform de Wet publieke gezondheid (WPG) werd dit door zowel het laboratorium als de behandelaar gemeld aan de GGD Rotterdam-Rijnmond. De af-deling infectieziekten startte onmiddellijk het brononderzoek omdat de patiënt in de incubatieperiode in een publieke ruimte verbleef, namelijk een ziekenhuis en een hotel.

  • Legionella-preventie bij een hoogrisicopatient: wiens verantwoordelijkheid? 10 mei 2012

    M.F. Verweij, M.-C. Trompenaars, J. Donkervoort, J. den Boer, A. Krom, C.J. Kessler, J.E. van Steenbergen

    Een 45-jarige patiënt uit het Caraïbisch gebied krijgt chemotherapie in een ziekenhuis in de Randstad – een behandeling die patiënten bijzonder kwetsbaar maakt voor infecties. Na enkele weken wordt de man met een Legionella-pneumonie (veteranenziekte) op de afdeling intensive care opgenomen. Nader onderzoek wijst uit dat de man is besmet in het hotel waar hij gedurende de behandelingscyclus verblijft.

  • Q-koorts bij kinderen gedurende de drie epidemische jaren weinig gemeld 10 mei 2012

    E.N.E. Slok, E. de Vries, A. Rietveld, F. Dijkstra, D.W. Notermans, J.E. van Steenbergen

    De afgelopen Q-koortsuitbraak in Nederland is één van de grootste ooit beschreven. Coxiella burnetii, de bacterie die deze zoÖnose veroorzaakt, wordt aerogeen verspreid. Aanwezigheid in de buurt van besmette melkgeitenbedrijven, in het bijzonder gedurende de lammerperiode, wordt beschouwd als de belangrijkste risicofactor. Voor omwonenden is er in theorie een gelijk risico op blootstelling, ongeacht de leeftijd. Niettemin is er relatief weinig Q-koorts bij kinderen gemeld. Het is onduidelijk of Q- koorts bij kinderen gemist is.
    We analyseerden de bij het RIVM beschikbare data over het aantal gemelde gevallen in Nederland onder kinderen (0-19 jaar) gedurende de periode 2007-2009 en maakten een schatting van het vermoedelijke aantal infecties en mogelijke aantal ziektegevallen. Deze aantallen zijn vergeleken met de beschikbare literatuur over seroprevalentiestudies en casusbeschrijvingen van kinderen met Q-koorts.

    In de studieperiode werden 128 kinderen gemeld bij de GGD (3,6% van het totaal aantal meldingen). De incidentie bij jongeren (< 20 jaar) over de periode 2007-2009 bedroeg 0,33 per 10.000, bij volwassenen (≥ 20 jaar) 2,69. Bij geen van de kinderen zijn complicaties gemeld. Twintig nationale en regionale studies rapporteerden seroprevalenties bij kinderen variërend tussen 0 en 70%. In 19 artikelen werden 52 cases met serieuze gevolgen beschreven, inclusief 4 kinderen die stierven aan hun complicaties. Bij chronische Q-koorts werden vooral cardiale infecties beschreven.

    Q-koorts bij kinderen presenteert zich met name als een zelflimiterende ziekte met koortsachtige symptomen, maar ook met bijzondere presentaties zoals encefalitis, osteomyelitis, hepatitis of endocarditis. Slechts 3,6% van de Nederlandse meldingen zijn jongeren < 20 jaar (23,11% van de populatie). Omdat blootstelling van volwassenen en kinderen gedurende deze uitbraak vergelijkbaar wordt verondersteld, mogen we stellen dat infecties bij kinderen minder worden opgemerkt. Dit komt enerzijds door het hogere percentage asymptomatisch beloop bij kinderen, maar anderzijds is er, ook bij ernstige uitingsvormen, mogelijk minder diagnostiek verricht naar C. burnetii en zijn er daardoor ziektegevallen gemist. We baseren deze conclusie op een (literatuur)schatting van het percentage kinderen dat zich na infectie daadwerkelijk klinisch manifesteert.

  • Gebrek aan uniformiteit bij meldingen van Shigatoxineproducerende Escherichia coli en Shigella aan en door GGDen 10 mei 2012

    I.O. Lede, M.M. Kraaij-Dirkzwager, J.H.T.C. van den Kerkhof, D.W. Notermans

    Sinds de invoering van moleculaire diagnostiek in 2007 naar Shigatoxineproducerende Escherichia coli (STEC) en later Shigella/entero-invasieve E. coli (EIEC) door een toenemend aantal medisch microbiologische laboratoria (MML), zijn de meldingen aan en door GGD‘en in Nederland fors toegenomen.(1) Het aantal STEC-meldingen steeg jaarlijks van ongeveer 50 tot 70 meldingen vóór 2007 naar ongeveer 400 meldingen in 2010.(2)

  • Communicatie over infectieziekten en de rol van nieuwe media 10 mei 2012

    D.J.M.A. Beaujean

    Internet en andere digitale communicatiemiddelen worden steeds belangrijkere bronnen van informatie voor het publiek. Dat heeft invloed op de manier waarop professionals communiceren, zowel onderling als naar het publiek. Uit de enquête die het RIVM heeft gehouden onder GGD-artsen en –verpleegkundigen blijkt dat communicatie tussen professionals vooral via e-mail en telefoon gebeurt. De meeste respondenten vinden het wel belangrijk dat de communicatiemogelijkheden worden uitgebreid.

  • Wanneer gebruik ik welke concentratie chloor? 10 mei 2012

    T. Daha

    Het gebruik van chloor kent een lange geschiedenis. Momenteel is chloor naast alcohol 70% het meest gebruikte desinfectiemiddel in de gezondheidszorg voor oppervlaktedesinfectie. Desondanks bestaan er bij de professionals die het beleid opstellen voor reiniging en desinfectie binnen de
    gezondheidszorginstellingen, nog steeds veel vragen over het gebruik in de praktijk en de wetgeving. Het is vooral onduidelijk welke concentratie wanneer moet worden gebruik.

  • Aankondigingen LCI-richtlijnen 10 mei 2012

    Overzicht van nieuwe, herziene of goedgekeurde richtlijnen.

  • Meldingen Wet publieke gezondheid tot en met week 12, 2012 11 mei 2012

    Registratieoverzicht meldingsplichtige infectieziekten.

  • Meldingen uit de virologische laboratoria tot en met week 12, 2012 11 mei 2012

    Overzicht tot en met week 12, 2012

  • Nationale surveillance MRSA en CPE tot en met week 14, 2012 11 mei 2012

    Overzicht MRSA-isloten tot en met week 14, 2012 en overzicht Carbapenemaseproducerende Enterobaceriaceae.

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu