Inhoud oktober 2012

Overzicht van de bijdragen in het Infectieziekten Bulletin van oktober 2012

  • Gesignaleerd tot en met 20 september 2012 29 oktober 2012

    Overzicht van bijzondere meldingen, clusters en epidemieën tot en met 20 september 2012

  • De pijlers van het Rijksvaccinatieprogramma 29 oktober 2012

    M.A.E. Conyn-van Spaendonck, M. van Blankers-Zanders, T. van Dijk

    Sinds de start in 1957 is het Rijksvaccinatieprogramma van een programma dat aanvankelijk gericht was op de preventie van 5 ziekten, te weten pokken, difterie, tetanus, kinkhoest en polio, uitgebreid naar 12 ziekten. Het RVP heeft tot doel de bevolking te beschermen tegen verschillende ernstige infectieziekten. Een belangrijk aspect hiervan is dat met de meeste vaccinaties binnen het RVP geprobeerd wordt om bescherming te bieden aan de gevaccineerde, maar ook de verspreiding van ziekteverwekkers te stoppen en
    epidemieën te voorkomen.

  • Kinkhoest terug van weggeweest 29 oktober 2012

    N.A.T. van der Maas, F. Mooi, G.A.M. Berbers, C. Swaan, S. de Greeff, H.E. de Melker

    Sinds 1996 is er een aanzienlijke toename van kinkhoestmeldingen. De aanpassingen in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) om deze toename tegen te gaan, hebben effect gesorteerd op het vóórkomen van kinkhoest bij kinderen in de leeftijd van 3 maanden tot 8 jaar, kinderen die recent zijn gevaccineerd. Echter, bij zuigelingen die te jong zijn om te vaccineren blijft de incidentie aanzienlijk (~200 per 100.000). Onder adolescenten en volwassenen bij wie de kinkhoestimmuniteit is weggeëbd, is er een doorgaande stijging zichtbaar. De hoge incidentie van kinkhoest bij zuigelingen wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de toename van kinkhoest bij volwassenen, waarmee het gunstige effect van vaccinatie van broertjes en zusjes op de jonge zuigeling weer teniet wordt gedaan. Op grond van nader onderzoek moeten aanpassingen in het RVP geïmplementeerd worden om de kinkhoestlast te verminderen.

  • Kinkhoestvaccinaties bij Nederlandse kinderen: ‘geheugenimmuniteit’ 29 oktober 2012

    L.H. Hendrikx

    Kinkhoest is een luchtweginfectie die veroorzaakt wordt door de bacterie Bordetella pertussis. B. pertussis wordt via druppeltjes uit de mond- en keelholte van mens tot mens overgedragen en is zeer besmettelijk. Hoewel iedereen besmet kan raken met B. pertussis, worden de meest ernstige gevallen van kinkhoest gezien in jonge, (deels) ongevaccineerde kinderen. Voor het vaccinatietijdperk, was kinkhoest wereldwijd een belangrijke doodsoorzaak bij jonge kinderen. De invoering van kinkhoestvaccinaties in de jaren ‘40 en ‘50 heeft geleid tot vergaande reductie van de mortaliteit en morbiditeit van kinkhoest. Echter, ondanks de momenteel uitgebreide kinkhoestvaccinatieprogramma’s in veel landen, is kinkhoest tegenwoordig de meest voorkomende ziekte waartegen men wordt gevaccineerd.

  • Bijwerkingen van de kinkhoestboostervaccinatie op 4-jarige leeftijd 29 oktober 2012

    J.M. Kemmeren, N.A.T. van der Maas, L.H. Hendrikx, G.A.M. Berbers, H.E. de Melker, A.M. Buisman

    Sinds 2008 neemt het aantal meldingen van heftige bijwerkingen na de boostervaccinatie DaKTP (difterie, kinkhoest, tetanus, polio) op 4-jarige leeftijd toe. De bijwerkingen lijken vaker voor te komen bij kinderen die op de zuigelingenleeftijd eveneens gevaccineerd zijn met acellulair kinkhoestvaccin. Daar voor werd op de zuigelingenleeftijd namelijk helecel-kinkhoestvaccin gebruikt. In dit artikel wordt een vragenlijstonderzoek beschreven naar de gevolgen van de veranderingen in kinkhoestvaccinatie op de zuigelingenleeftijd op het voorkomen van bijwerkingen. Verder wordt een onderzoek naar de invloed van helecel- en acellulaire kinkhoestvaccinaties op het geheugen van het afweersysteem van kinderen beschreven. Ook wordt ingegaan op een pilotstudie – Kleuterprikonderzoek – naar mogelijke oorzaken van lokale reacties na de boostervaccinatie op 4-jarige leeftijd. De immuunrespons van kinderen met een heftige lokale reactie na de boostervaccinatie op 4 jarige leeftijd zal worden vergeleken met die van kinderen die niet of nauwelijks een lokale reactie hebben gehad.

  • Cocooning ter preventie van kinkhoest: een haalbare strategie in Nederland? 29 oktober 2012

    O. Visser, J.L.A. Hautvast, L. Kamp, J. van der Velden, M.E.J.L. Hulscher

    Kinkhoest kan met name op de zuigelingenleeftijd ernstig en zelfs fataal verlopen. Het beschermen van nog niet (voldoende) gevaccineerde zuigelingen is dan ook het belangrijkste doel van kinkhoestpreventie in Nederland. In het huidige Rijksvaccinatie-programma (RVP) zijn kinderen tot zij hun vaccinatie krijgen (op de leeftijd van 2 maanden) echter niet beschermd. Er zijn verschillende strategieën mogelijk die zich richten op het beschermen van de pasgeborenen. Cocooning is één van de opties en in eerdere Nederlandse artikelen is deze strategie aanbevolen als toekomstig beleid. Het PRIKKI-onderzoek richt zich op de acceptatie van cocooning onder de doelgroepen voor vaccinatie en onderzoekt welk implementatietraject noodzakelijk zal zijn, mocht de strategie beleid worden.

  • Bofvaccinfalen bij studenten: wat zijn mogelijke oorzaken? 29 oktober 2012

    S. Gouma, H.J. Boot, R.S. van Binnendijk

    Sinds 2010 is er in Nederland sprake van voortdurende bofuitbraken. Een combinatie van verschillende factoren maakt dat de uitbraken zich specifiek onder studenten voordoen. Ten eerste is er sprake van relatief snel wegebbende immuniteit na bofvaccinatie en is een deel van de jongvolwassenen minder goed beschermd. Een tweede factor is het verschil in genetische en antigene samenstelling tussen de huidige uitbraakstammen (vooral genotype G) en de Jeryl Lynnvaccinstam uit 1967 (genotype A). De laatste factor is samenscholing van suboptimaal beschermde individuen die zich met name voordoet in studentensteden en andere settings met veel jongvolwassenen. (1,2) In dit artikel wordt kort ingegaan op deze
    3 factoren aan de hand van bestaande literatuur.

  • Minder prikken voor pneumokokkenconjugaatvaccinatie 29 oktober 2012

    E.J.M. van Gils

    Een schema met 2 of 3 in plaats van 4 vaccinaties met het pneumokokkenconjugaatvaccin Prevenar-7R leidt tot een goede afname van dragerschap in de neuskeelholte van pneumokokkentypen die zijn opgenomen in het vaccin. Dus ook met minder injecties met Prevenar-7R blijven preventie van infecties en groepsimmuniteit gewaarborgd. Het voorkomt echter niet dat er vervanging door andere pneumokokkentypen optreedt. Dit blijkt uit het proefschrift Reduced-dose schedules with pneumococcal conjugate vaccine: impact on nasopharyngeal carriage and herd immunity.

  • Seroprevalentie van 7 kankerverwekkende HPV-typen in Nederland 29 oktober 2012

    M. Scherpenisse, M. Mollers, R. Schepp, H. Boot, H. de Melker, C. Meijer, G. Berbers, F. van der Klis

    Het humaan papillomavirus (HPV) is een van de meest voorkomende seksueel overdraagbare virussen wereldwijd. Deze studie geeft inzicht in de sero-epidemiologie van 7 hoog-risico-HPV-typen in de Nederlandse bevolking. Er wordt een toename in HPV-seroprevalentie waargenomen rond de leeftijd van eerste seksueel contact. Vrouwen zijn vaker HPV-seropositief dan mannen en in 10% van de seropositieve personen worden antistoffen tegen meerdere HPV-typen gedetecteerd. HPV-seroprevalentiedata van de bevolking uit de periode voordat de vaccinatie werd ingevoerd, kunnen gebruikt worden als nulmeting om de langetermijneffecten van de HPV-vaccinatie goed te kunnen monitoren en inzicht te krijgen in het effect van vaccinatie op viruscirculatie in mannen en vrouwen.

  • Monitoring van vaccinatiegraad en bijwerkingen van het HPV-vaccinatieprogramma 29 oktober 2012

    T.M. van ’t Klooster, M. Mollers, A. Steens, C.C.H. Wielders, A. van Lier, N.A.T. van der Maas, H.E. de Melker

    Baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door het humaan papillomavirus (HPV). Van dit virus
    bestaan veel verschillende typen. De zogeheten hoogrisicotypen kunnen kanker veroorzaken waarbij HPV16 en HPV18 verantwoordelijk zijn voor 70% van alle gevallen van baarmoederhalskanker. Op advies van de Gezondheidsraad (GR) is HPV16/18-vaccinatie opgenomen in het Rijksvaccinatie-
    programma (RVP). In 2009 is gestart met een inhaalcampagne voor meisjes geboren in 1993-1996. Vanaf 2010 kunnen 12-jarige meisjes zich via het RVP laten vaccineren tegen HPV. Tot nu toe is het bivalente vaccin (Cervarix) gebruikt. Het RIVM is verantwoordelijk voor de monitoring van het HPV-vaccinatieprogramma. Hieronder lichten we enkele van deze activiteiten toe; de vaccinatiegraad, de vaccinatiestatus van dochters in relatie tot het baarmoederhalskankerscreeningsgedrag van hun
    moeders en mogelijke bijwerkingen van de vaccinatie.

  • Uitbreiding aantal prikken per vaccinatieconsult: mening van ouders en professionals 29 oktober 2012

    P. Kaaijk, D.E. Kleijne, N.Y. Rots

    In 2010 heeft het voormalig Nederlands Vaccin Instituut een onderzoek uitgevoerd om inzicht te krijgen in mening van ouders en professionals over het geven van meer dan 2 prikken aan kinderen tijdens het vaccinatieconsult. Er is geïnventariseerd welke bezwaren de doelgroepen hebben en of hierbij de leeftijd van de kinderen – zuigelingen, 4-jarigen en 9-13-jarigen – een rol speelt.

  • Combineren van vaccins: the sky is the limit? 29 oktober 2012

    H.J. Boot, G.A. Berbers, J. Whelan, S.J. M. Hahné

    Door de ontwikkeling van nieuwe vaccins zijn er in de afgelopen decennia verschillende uitbreidingen geweest van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Werden kinderen in 2000 nog tegen 8 ziekten gevaccineerd (difterie, tetanus, polio, kinkhoest, Haemophilus influenzae B, bof, mazelen en rubella), in 2012 zijn dat er inmiddels 11 voor jongens (+ pneumokokken, meningokokken en hepatitis B) en 12 voor meisjes (+ humaan papillomavirus) geworden. Om te voorkomen dat kinderen meer prikken moeten krijgen, is er een sterke tendens om vaccins, die eenzelfde vaccinatieschema hebben, zoveel mogelijk te combineren in één product.

  • De impact van veroudering op de immuunrespons tegen vaccins en infectieziekten 29 oktober 2012

    T. Guichelaar, P. Kaaijk

    In dit overzichtsartikel wordt een beknopt overzicht gegeven van de huidige vaccinatiepraktijk bij ouderen en welke infectieziekten bij ouderen een probleem vormen. Daarnaast geeft het artikel een overzicht van de huidige kennis over onderdelen van het oudere immuunsysteem die anders functioneren en de aanwijzingen die deze kennis geeft tot mogelijke verbetering van infectieziektebestrijding door vaccinatie bij ouderen.

  • Acceptatie van vaccinatie tijdens de zwangerschap 29 oktober 2012

    A. van Lier, A. Steens, J.A. Ferreira, N.A.T. van der Maas, H.E. de Melker

    Zwangere vrouwen worden normaal gesproken in Nederland niet via grootschalige campagnes gevaccineerd. Het advies van de overheid aan zwangere vrouwen om zich te laten vaccineren tijdens de grieppandemie in 2009, was dan ook een unieke gelegenheid om te onderzoeken hoe zwangere vrouwen aankijken tegen vaccinatie tijdens de zwangerschap. Voor het nemen van toekomstige beslissingen over vaccinatie tijdens de zwangerschap is het belangrijk om te weten welke redenen zwangere vrouwen hebben om zich al dan niet te laten vaccineren.

  • Q-koortsvaccinatie van hoogrisicopatiënten 29 oktober 2012

    M. Bults, D.J.M.A. Beaujean, C.J. Wijkmans, A. Timen, J.H. Richardus, H.A.C.M. Voeten.

    In 2010 ontving de minister van Volksgezondheid het advies van de Gezondheidsraad (GR) om hoogrisicogroepen vaccinatie tegen Q-koorts aan te bieden. (1) Het enige beschikbare humane vaccin tegen Q-koorts, genaamd Q-VAX, was ontwikkeld in Australië. Ondanks het feit dat Q-VAX niet geregistreerd was voor gebruik in Nederland, wogen volgens de GR de voordelen op tegen eventuele nadelen, voornamelijk voor patiënten met specifieke hart- en vaataandoeningen wonend in hoogrisicogebieden in Noord-Brabant en Zuid-Limburg. De Minister van Volksgezondheid nam dit advies van de GR over. Dit artikel beschrijft een onderzoek dat is uitgevoerd om meer inzicht te krijgen in de besluitvorming over vaccinatie door deze hoogrisicopatiënten en de factoren die de besluitvorming beïnvloeden.

  • Hepatitis A-infectie: een risico voor Nederland 29 oktober 2012

    L. Verhoef, M. Koopmans.

    Hepatitis A is in Nederland vooral een reisgerelateerde ziekte. Een recent cluster van infecties door semigedroogde tomaten laat echter zien dat we alert moeten zijn op onverwachte infectiebronnen. Uit de Pienterstudie blijkt dat de leeftijd van de bevattelijke populatie toeneemt en daarmee de potentiële ernst van een infectie. Op dit moment is vaccinatie van ouderen nog niet kosteneffectief maar het is aan te bevelen de immuniteit tegen hepatitis A te blijven monitoren.

  • Griepvaccinatie voor zorgpersoneel: het blijft zoeken naar de juiste weg 29 oktober 2012

    A.D.J. van der Geest-Blankert

    Sinds de Gezondheidsraad (GR) enkele jaren geleden heeft geadviseerd om zorgpersoneel te vaccineren tegen de griep, proberen veel instellingen hun personeel te motiveren hiervoor. (1) Dit blijkt in de praktijk niet mee te vallen. Binnen het UMC St. Radboud leek een intensieve vaccinatiecampagne succesvol. (2). De laatste 2 jaar is daar helaas weer een flinke daling te zien. Het blijft zoeken naar de juiste manier om medewerkers te overtuigen van nut en noodzaak van de griepprik.

  • Vaccinatie van werknemers altijd aanbieden?! 29 oktober 2012

    H.P.J. Stinis

    De Arbowet schrijft voor dat iedere werknemer die een gerede kans heeft tijdens het werk een infectieziekte op te lopen welke met vaccinatie voorkomen kan worden, op kosten van de werkgever vaccinatie aangeboden moet krijgen. In de praktijk blijkt dat het begrip preventie in de Arbowet nogal eens verkeerd begrepen wordt. Het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) heeft op zijn kennisportaal KIZA.nl een overzicht van risico’s op infectieziekten in beroepssituaties geplaatst om de besluitvorming in goede banen te leiden: de VIZIA-kaart. (Vaccinatie InfectieZiekten In de Arbeid) Hiermee kan iedereen zelf nagaan welke werknemer voor welke vaccinatie in aanmerking komt. In dit artikel wordt toegelicht hoe de kaart tot stand gekomen is.

  • Reizigersvaccinatie? Begrijpelijke voorlichting maakt het verschil 29 oktober 2012

    C. Rozendaal

    GGD-professionals die reizigers adviseren hebben dagelijks met vaccineren te maken Reizigers krijgen advies op het gebied van hun gezondheid en daarnaast krijgen zij vaccinaties aangeboden ter preventie van infectieziekten. Reizigers kiezen meer bewust voor vaccinatie(s) wanneer zij de aangeboden informatie en de gangbare manier van voorlichten goed begrijpen. Dit artikel beschrijft een onderzoek onder reizigers naar de effectiviteit en doelmatigheid van voorlichten in samenhang met vaccineren: een evidence based practice benadering.

  • Meldingen Wet publieke gezondheid tot en met week 36, 2012 29 oktober 2012
  • Meldingen uit de virologische laboratoria tot en met week 36, 2012 29 oktober 2012
  • Nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE) week 36, 2012 29 oktober 2012

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / Oktober 2012 / Inhoud oktober 2012

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu