RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Veelgestelde vragen asielzoekerskinderen en het RVP

Zie ook Asielzoekerskinderen en het RVP

  1. Wat is het verschil tussen reguliere JGZ en PGA (Publieke Gezondheidszorg aan Asielzoekers)?
  2. Met welke asielzoekers-/vluchtelingenkinderen kan de JGZ te maken krijgen?
  3. Hoe weet de JGZ of er een (ex)asielzoekerskind in het werkgebied is komen wonen?
  4. Krijgen vluchtelingen in een gemeentelijke crisisnoodopvanglocatie het RVP aangeboden?
  5. Wanneer krijgen asielzoekerskinderen het RVP aangeboden? 
  6. Wat zijn de afspraken als een kind na het doorlopen van de asielprocedure met een verblijfstatus in de gemeente komt?
  7. Welke kinderen komen meteen als nieuwkomer in de gemeente wonen? 
  8. Wat zijn de afspraken als kinderen als nieuwkomer meteen in de gemeente komen wonen en dus niet eerst via de COA worden opgevangen?
  9. Wie is verantwoordelijk voor het beoordelen van de vaccinatiestatus?
  10. Wanneer ondersteunt RIVM-DVP met het vertalen van het vaccinatiebewijs?
  11. Moet een kind dat geen schriftelijk bewijs van vaccinatie heeft, als ongevaccineerd beschouwd worden?
  12. Hoe beoordeelt de jeugdarts of PGA-arts de vaccinatiestatus?
  13. Waar staat het vaccinatieprogramma precies op de WHO-site?
  14. Wat betekenen de afkortingen op vaccinatiebewijzen of op de WHO-site?
  15. Wat doe ik als ik een vaccinnaam niet herken?
  16. Wat doe ik als ik de precieze data van gegeven vaccinaties niet kan achterhalen?
  17. Op het buitenlands vaccinatiebewijs staan vaccinaties die voor de geboortedatum zijn toegediend. Hoe kan dat?
  18. Hoe is de vaccinatiegraad in Syrië?
  19. Wie is verantwoordelijk voor het maken van het vaccinatieplan?
  20. Wanneer ondersteunt RIVM-DVP bij het maken van het vaccinatieplan?
  21. Hoe maakt de jeugdarts het vaccinatieplan?
  22. Wat is basisimmuniteit?
  23. Is een BMR-0 nodig voor een ex-asielzoekerskind dat inmiddels een verblijfstatus heeft en in de gemeente woont?
  24. Hoe zit het met groepsvaccinaties en kinderen die bezig zijn met een inhaalschema?
  25. Waar wordt de vaccinatieopdracht geregistreerd?
  26. Moet ieder asielzoekerskind een internationaal vaccinatiebewijs krijgen?
  27. Hoe komt het asielzoekerskind aan een internationaal vaccinatiebewijs?
  28. Moeten de internationale vaccinatiebewijzen ook op het reguliere CB of inhaalspreekuur worden uitgereikt?
  29. Registreert en vergoedt RIVM-DVP ook alle toegediende vaccinaties van asielzoekerskinderen?
  30. Hoe en waar wordt de vaccinatiestatus geregistreerd?
 

1. Wat is het verschil tussen reguliere JGZ en PGA (Publieke Gezondheidszorg aan Asielzoekers)?

PGA is een afspraak/opdracht die aan de JGZ-organisatie is gegeven: het leveren van publieke gezondheidszorg aan asielzoekers. GGD GHOR Nederland coördineert de uitvoering van PGA. De JGZ is verantwoordelijk voor PGA-JGZ en krijgt een vergoeding van de COA om PGA uit te voeren. Een PGA-arts is een JGZ-arts die PGA doet. Zodra een ex-asielzoekerskind met een verblijfstatus in de gemeente komt wonen, valt het onder de reguliere JGZ en wordt er niet meer gesproken van PGA

2. Met welke asielzoekers-/vluchtelingenkinderen kan de JGZ te maken krijgen?

De kinderen kunnen verdeeld worden in 4 groepen, afhankelijk van de status die ze hebben en de locatie waar ze verblijven. Zie ook paragrafen 2 en 3 van Asielzoekerskinderen en het RVP.

  • Vluchtelingenkinderen die tijdelijk verblijven in gemeentelijke noodopvanglocaties. Dit zijn kinderen die nog niet in een COA-locatie (COL/POL/AZC of anderszins) wonen. Daarbij is er in principe geen PGA of JGZ.
  • Asielzoekerskinderen in COA-locaties. Bij hen is de PGA verantwoordelijk voor het RVP. 
  • Kinderen die een (tijdelijke) verblijfstatus hebben gekregen en zijn gehuisvest in een gemeente. Bij hen is de reguliere JGZ verantwoordelijk voor het RVP.
  • Kinderen die direct als nieuwkomer/vestiger (en niet via COA) in de gemeenten zijn gehuisvest. Bij hen is de reguliere JGZ al direct verantwoordelijk voor het RVP. Zie paragrafen 3 en 4 van Asielzoekerskinderen en het RVP.

3. Hoe weet de JGZ of er een (ex)asielzoekerskind in het werkgebied is komen wonen?

JGZ-organisaties hebben de taak alle kinderen in beeld te hebben. 

  • Iedere GGD die de PGA JGZ uitvoert, heeft toegang tot het bewonersinformatiesysteem van COA (IBIS), waar alle asielzoekerskinderen in staan. De instellingen JGZ die de PGA JGZ in de COA locaties uitvoeren, krijgen bewonersgegevens van de locaties door de GGD GHOR NL toegestuurd. 
  • Iedere JGZ-organisatie heeft toegang tot de mutaties van de gemeentelijke Basisregistratie Personen (BRP, voorheen: GBA). 

4. Krijgen vluchtelingen in een gemeentelijke crisisnoodopvanglocatie het RVP aangeboden?

Dit waren opvanglocaties onder verantwoordelijkheid van de gemeente en geen COA-locaties. Er werd geen PGA dienstverlening geboden. In 2016 zijn deze locaties afgebouwd en/of overgenomen door het COA.

5. Wanneer krijgen asielzoekerskinderen het RVP aangeboden? 

Kinderen die als asielzoeker binnenkomen in een COA-locatie krijgen vanaf het verblijf in een POL (momenteel tot leeftijd van 4-19 jaar) of een AZC (tot de leeftijd van 19 jaar) het RVP aangeboden. Bij hen doet de PGA-arts in principe de vaccinatie-intake en vult het vaccinatiestatus en –opdrachtformulier in. Het RIVM noteert de ontvangen vaccinatiegegevens in Praeventis. Als het formulier 20 weken na binnenkomst in Nederland nog niet is binnengekomen, stuurt RIVM-DVP een volledige set vaccinatiekaarten naar de ouders, passend bij de leeftijd van het kind. Als zij op een gegeven moment een verblijfstatus krijgen en in een gemeente worden geplaatst, vallen zij vanaf dat moment onder reguliere JGZ. Zie paragrafen 2 t/m 4 van Asielzoekerskinderen en het RVP. 

6. Wat zijn de afspraken als een kind na het doorlopen van de asielprocedure met een verblijfstatus in de gemeente komt?

Vanaf dat moment valt het kind onder de reguliere JGZ. Soms mist (in eerste instantie) de overdracht van PGA-JGZ en soms is het vaccinatieplan niet opgestuurd naar het RIVM. De JGZ-arts heeft dan geen beschikking over alle vaccinatiegegevens. Vraag, in afwachting van het RVP-vaccinatiebewijs, aan de ouders naar het gele vaccinatieboekje. De vaccinaties kunnen ook in het groeiboekje genoteerd zijn.
Soms is de asielprocedure zo snel geweest, dat er überhaupt nog geen vaccinatie-intake door de PGA-arts is gedaan. De reguliere jeugdarts moet dan alsnog de vaccinatiestatus beoordelen en een vaccinatieplan maken. Gebruik hiervoor het vaccinatiestatus en –opdrachtformulier en stuur dit op naar RIVM -DVP.

7. Welke kinderen komen meteen als nieuwkomer in de gemeente wonen?

Dit zijn bijvoorbeeld uitgenodigde vluchtelingen en kinderen in het kader van gezinshereniging. Zij vallen onder de categorie ‘vestigers’. 

8. Wat zijn de afspraken als kinderen als nieuwkomer meteen in de gemeente komen wonen en dus niet eerst via de COA worden opgevangen?

Zij vallen vanaf het begin onder de verantwoordelijkheid van de reguliere JGZ. Bij deze nieuwkomers verstuurt het RIVM-DVP een zogenaamde welkomstbrief naar ouders met het verzoek een kopie van het vaccinatiebewijs van hun kind op te sturen. De brief is in zowel Nederlands als Engels geschreven. Ouders krijgen vervolgens een ingevuld RVP-vaccinatiebewijs en vaccinatiekaarten opgestuurd, én gegevens van de organisatie met wie ze contact op kunnen nemen voor de vaccinaties. Als ouders niet reageren, stuurt het RIVM-DVP een volledige set vaccinatiekaarten op met een blanco RVP-vaccinatiebewijs. Dit doet het RIVM-DVP bij kinderen in de leeftijd tot 13 jaar. Dat is zo bepaald door het ministerie van VWS

9. Wie is verantwoordelijk voor het beoordelen van de vaccinatiestatus?

De jeugdarts of PGA-arts is in alle gevallen verantwoordelijk voor het beoordelen van de vaccinatiestatus en het maken van een vaccinatieplan.

10. Wanneer ondersteunt RIVM-DVP met het vertalen van het vaccinatiebewijs?

  • Bij nieuwkomers/vestigers die zich meteen in de gemeente vestigen met een verblijfsstatus, verstuurt het RIVM-DVP een zogenaamde welkomstbrief naar ouders met het verzoek een kopie van het vaccinatiebewijs van hun kind op te sturen. De brief is in zowel Nederlands als Engels geschreven. Ouders krijgen vervolgens een ingevuld RVP-vaccinatiebewijs en vaccinatiekaarten opgestuurd, én gegevens van de organisatie met wie ze contact op kunnen nemen voor de vaccinaties. Als de informatie van ouders uitblijft, verstuurt het RIVM-DVP een volledige set vaccinatiekaarten met een blanco RVP-vaccinatiebewijs. Dit doet het RIVM-DVP bij kinderen in de leeftijd tot 13 jaar. Bij oudere kinderen tot 19 jaar biedt het RIVM-DVP deze ondersteuning niet. Wel worden al toegediende vaccinaties geregistreerd en vaccinaties, in het kader van het RVP in Nederland toegediend, ook uitbetaald. Dat is zo bepaald door het ministerie van VWS
  • Bij asielzoekerskinderen is krijgt de JGZ die de PGA uitvoert van de COA een vergoeding voor het uitvoeren van de dienstverlening. Dat betreft onder meer de intake inclusief het gebruik van een tolk, het aanbieden van een internationaal vaccinatiebewijs en het vaccineren. Het laten vertalen van een vaccinatiebewijs valt hier niet onder. Mogelijk hebben deze kinderen geen vaccinatiebewijs bij zich. Het intakegesprek is bij hen het belangrijkste instrument voor het bepalen van de vaccinatiestatus. 

11. Moet een kind dat geen schriftelijk bewijs van vaccinatie heeft, als ongevaccineerd beschouwd worden?

Nee, het intakegesprek is het belangrijkste instrument voor het bepalen van de vaccinatiestatus. Dit gesprek vindt zo nodig plaats met behulp van een tolk. De jeugdarts of PGA-arts maakt een professionele inschatting van welke vaccinaties al zijn gegeven. 

12. Hoe beoordeelt de jeugdarts of PGA-arts de vaccinatiestatus?

Het intakegesprek is het belangrijkste instrument voor het bepalen van de vaccinatiestatus. Dit gesprek vindt zo nodig plaats met behulp van een tolk. Soms is kennis van de Engelse taal voldoende en helpt het gebruik van google translate of een vertaalapp op de telefoon. Soms moet het vaccinatiebewijs worden vertaald.
Tips voor de beoordeling van de vaccinatiestatus zijn:

De jeugdarts maakt een professionele inschatting van welke vaccinaties al zijn gegeven. 

13. Waar staat het vaccinatieprogramma precies op de WHO-site?

  • Ga naar de website van de WHO
  • Selecteer het betreffende land (bijvoorbeeld Syrië)
  • Scroll op de pagina naar beneden naar Immunization Schedule.
Vaccinatieschema Syrië

Je ziet dan welke vaccins op welke leeftijd worden gegeven. Ook kun je zien of dat voor de algemene bevolking geldt of alleen bij risicogroepen.

Let op:

  • Het vaccinatieschema op de WHO-site is het huidige schema en laat niet zien wat het schema in het verleden was. Het bovenstaande vaccinatieschema van Syrië is bijvoorbeeld afgelopen zomer aangepast. 
  • Het vaccinatieschema is geen garantie dat een individueel kind dat ook precies heeft gevolgd. De anamnese (eventueel aangevuld met vaccinatiepapieren) moet dit uitwijzen.
  • Door met de pijl op de naam van het vaccin te staan, wordt getoond waar de afkorting voor staat. Bijvoorbeeld bij DTaPHibIPV wordt dan getoond: Diphteria and tetanus toxoid with acellular pertussis, Hib and IPV vaccine.
  • Soms staat bij bepaalde vaccins ‘afhankelijk van de beschikbaarheid van het vaccin’. Er wordt bedoeld dat er ofwel een combinatievaccin (bijvoorbeeld) DKTP-Hib-HepB wordt gebruikt, ofwel dat er wordt gevaccineerd met een combinatievaccin met minder componenten en daarnaast losse vaccinaties (bijvoorbeeld polio- en of hepB-vaccins).

14.    Wat betekenen de afkortingen van op vaccinatiebewijzen of op de WHO-site?

Internationale afkortingen van vaccincomponenten

Difterie 

aP/wP 

Kinkhoest (Pertussis) 

T/TT/ 

Tetanus 

Td 

Tetanus en difterie 

IPV/OPV 

Polio (i.m./oraal) 

Hib 

Haemophilus influenzae b  

HepB 

Hepatitis B 

Pneumo_conj/ PCV 

Pneumokokken (geconjugeerd)  

MMR  

BMR (Mumps, Measles, Rubella)  

MenC_conj  

Meningokokken C (geconjugeerd)  

HPV 

Humaan Papilloma Virus 

 

15.    Wat doe ik als ik een vaccinnaam niet herken?

Gebruik google om de bijsluiter van het vaccin op te zoeken. Daarin staat altijd welke vaccincomponenten het vaccin bevat. Op sommige vaccinatiebewijzen staan termen als tri/quatro/penta/hexa-valent vaccin. Dit betekent dat het vaccin respectievelijk 3/4/5/6 vaccincomponenten bevat maar geeft niet aan welke componenten dit zijn.

16.    Wat doe ik als ik de precieze data van gegeven vaccinaties niet kan achterhalen?

Bij het ontbreken van vaccinatiepapieren kan de jeugdarts op basis van o.a. de anamnese een professionele inschatting maken dat bepaalde vaccinaties al wel zijn gegeven. Vaak is het dan niet mogelijk de precieze data te achterhalen. Vul dan op het vaccinatiestatus en –opdrachtformulier fictieve data in, waarvan je het waarschijnlijk acht dat die vaccinaties rondom die tijd zijn gegeven en geef daarbij aan dat het fictieve data zijn. Je kunt in plaats daarvan ook de leeftijden vermelden waarop de vaccinaties zijn gegeven (bijvoorbeeld: 2 mnd, 4 jaar, etc).

17.    Op het buitenlands vaccinatiebewijs staan vaccinaties die voor de geboortedatum zijn toegediend. Hoe kan dat?

De islamitische jaartelling is anders en kent geen schrikkelmaanden. Mogelijk zit daar de oorzaak. Veel islamitische landen gebruiken overigens wel onze universele jaartelling. Ook kan er een verwisseling van kinderen hebben plaats gevonden. Vraag aan de ouders wat de reden zou kunnen zijn. Als je overtuigd bent dat dit kind de vaccinaties op het vaccinatiebewijs wel gehad heeft, pas dan de vaccinatiedata aan zodat het klopt. De geboortedatum kan niet aangepast worden en blijft zoals ouders het hebben opgegeven.

18.    Hoe is de vaccinatiegraad en het vaccinatieschema in Syrië?

Sinds het uitbreken van de oorlog is de vaccinatiegraad gedaald en is de anamnese extra belangrijk om te achterhalen hoeveel vaccinaties een kind al heeft gehad. In de zomer van 2016 is het vaccinatieschema van Syrië op de website van de WHO aangepast.

Oud schema:

Vaccinatieschem Syrie (oud) 

Nieuw schema:

Vaccinatieschema Syrië 

Dit maakt ook weer duidelijk hoe belangrijk de anamnese is bij de inventarisatie van de reeds toegediende vaccinaties. De hepatitis B-serie moet volgens de Nederlandse normen nog met een extra hepatitis B-revaccinatie afgerond worden. Ook zal de MenC is de meeste gevallen alsnog toegediend moeten worden.

19.    Wie is verantwoordelijk voor het maken van het vaccinatieplan?

De jeugdarts of PGA-arts is verantwoordelijk voor het maken van het vaccinatieplan.

20.    Wanneer ondersteunt RIVM-DVP bij het maken van het vaccinatieplan?

De vaccinatiestatus is bekend als:

  • Deze al (door een jeugdarts in een andere organisatie) gemaakt is en een kopie is opgestuurd naar RIVM-DVP
  • De ouders van een nieuwkomer/vestiger een kopie van het vaccinatiebewijs heeft opgestuurd naar RIVM-DVP

Hierover kan contact opgenomen worden met een medewerker van het regiokantoor RIVM-DVP.
Let Op: het kan zijn dat de gegevens in Praeventis niet compleet zijn, als eerder niet alle gegevens bekend waren. De anamnese blijft dus het belangrijkste instrument. Als er nog geen vaccinatiestatus bekend is en geen plan gemaakt is, kan de jeugdarts –indien nodig-contact opnemen met de medisch adviseur  van het regiokantoor RIVM-DVP voor ondersteuning bij het maken van het plan.

21.    Hoe maakt de jeugdarts het vaccinatieplan?

  • Leidraad voor het maken van een plan vind je in de Uitvoeringsregels RVP 2015/2016, hoofdstuk 8, inhaalschema’s en beslisboom. 
  • De stelregel is niet meer vaccinaties geven dan nodig, maar bij twijfel over een toegediende vaccinatie deze vaccinatie alsnog toedienen. Liever een vaccinatie teveel dan te weinig. Zo wordt er optimale bescherming tegen de doelziekten geboden. 
  • Asielzoekerkinderen krijgen het reguliere RVP met 2 aanvullingen:
    BMR0 op leeftijd van 9 maanden
    Alle kinderen komen in aanmerking voor HepB-vaccinatie, dus ongeacht de leeftijd. 

De jeugdarts maakt een professionele inschatting van welke vaccinaties al zijn gegeven.

  1. Is de basisimmuniteit voor DKTP en Hepatitis B voltooid?
    Is de basisimmuniteit voor Hib en Pneu voltooid (bij kinderen <2 jaar)?
    Is er een BMR en een MenC toegediend? 
  2. Voltooi zo nodig de basisimmuniteit. 
  3. Inventariseer of er nu revaccinaties nodig zijn. Zo ja, plan ze of dien ze toe.
  4. Zorg dat RIVM-DVP op de hoogte is van de actuele vaccinatiestatus.

Als een kind ongevaccineerd is, is in veel gevallen basisschema 4 van de beslisboom uit de Uitvoeringsregels RVP van toepassing. Dat schema geldt voor kinderen van 2 tot 19 jaar.

22.    Wat is basisimmuniteit?

Een kind is basisimmuun na het toedienen van een afgeronde serie vaccinaties, waarmee een langdurige immuniteit wordt bereikt. De basisimmuniteit wordt opgebouwd met één of meer vaccinaties, afhankelijk van het vaccin en/of de leeftijd. Soms is de langdurige immuniteit levenslang, soms moet er toch weer na een aantal jaar een revaccinatie plaats vinden. 

  • DKTP: basisimmuniteit wordt bereikt na het toedienen van een primaire serie (2 of 3 vaccinaties, afhankelijk van de startleeftijd) én de revaccinatie 6 maanden later. Afhankelijk van de leeftijd en/of reisgedrag zijn er daarna nog revaccinaties/boosters nodig.
  • Hepatitis B: basisimmuniteit wordt bereikt na het toedienen van een primaire serie (2 of 3 vaccinaties, afhankelijk van de startleeftijd) én de revaccinatie 6 maanden later. De bescherming is zeer langdurig, men gaat uit van levenslang.
    NB: In sommige landen gebruikt men een 3-doses schema van 0-1-6 maanden met een los HepB-vaccin (dus niet in een combinatievaccin). Dit schema is ook volwaardig.
    Bij een schema van 0-2-6 maanden met los HepB-vaccin is het interval tussen de 2e en 3e vaccinatie korter en dit schema wordt in Nederland als suboptimaal beschouwd. Het advies hierbij is om een 4e HepB-vaccinatie aan te bieden.
  • BMR: 1 vaccinatie is voldoende voor de basisimmuniteit. Om de effectiviteit van de vaccinatie bij vrijwel alle kinderen te garanderen vindt een aantal jaren later nog eenmaal een vaccinatie plaats. 
  • MenC: 1 vaccinatie na de 1e verjaardag is voldoende. 
  • Pneu: basisimmuniteit wordt bereikt na het toedienen van een primaire serie (2 vaccinaties) én de revaccinatie 6 maanden later. Bij kinderen die starten na de 1e verjaardag, wordt basisimmuniteit bereikt met 2 vaccinaties met een minimaal interval van 8 weken. 
Zie ook de Uitvoeringsregels RVP 2015/2016. 

23. Is een BMR0 nodig voor een ex-asielzoekerskind dat inmiddels een verblijfstatus heeft en in de gemeente woont?

Procedureel heeft het kind recht op deze vaccinatie, maar medisch inhoudelijk is de noodzaak waarschijnlijk niet groot. De jeugdarts maakt daarover een inschatting op basis van de individuele situatie. 

24.     Hoe zit het met groepsvaccinaties en kinderen die bezig zijn met een inhaalschema?

Houd met het volgende rekening:

  • Als het kind een actief dossier in Praeventis heeft en binnen de doelgroep van de groepsvaccinatie valt, wordt het automatisch opgeroepen voor de groepsvaccinatie (mits de betreffende vaccinaties nog gepland staan). Voor asielzoekerskinderen geldt dat zij een actief Praeventisdossier hebben als:
    -Het vaccinatiestatus en –opdracht formulier bij het RIVM-DVP is binnengekomen en is verwerkt ;
    -Er 20 weken na registratie in het COA-bestand geen formulier vaccinatiestatus en –opdracht is binnengekomen.
    -Het kind een (tijdelijke) verblijfstatus heeft en wordt gehuisvest in een gemeente.
  • De selectie van kinderen voor een 9-jarigengroepsvaccinatie wordt 4-6 weken vóór de eerste groepsvaccinatie in het werkgebied gemaakt; bij HPV-vaccinaties is die periode 6-8 weken vóór de eerste groepsvaccinatie in het werkgebied.
  • Vaccinatiegegevens die in die periode nog bij het RIVM-DVP binnenkomen, zijn niet verwerkt in de groepsvaccinatie-oproep. Ook kan het gebeuren dat het formulier vaccinatiestatus en –opdracht en vaccinatiekaarten van toegediende vaccinaties nog niet naar het RIVM zijn verstuurd.
  • Het kan dus voorkomen dat de naar de ouders verstuurde oproepkaarten voor een groepsvaccinatie niet stroken met de actuele vaccinatiestatus van het kind.
  • Ook kan het voorkomen dat in een paar weken na een groepsvaccinatie de aldaar gegeven vaccinaties nog niet zijn verwerkt in Praeventis (en daarmee tevens RVP-Online).
  • Houd daarom bij het opstellen van inhaalschema’s voor deze kinderen rekening met de groepsvaccinaties in de regio en stem dit zo goed mogelijk af.
    -Stem af of je de vaccinaties, die normaliter via groepsvaccinaties worden gegeven, zelf geeft of dat het kind deze op de groepsvaccinatie haalt. N.B. Dit vergt dan wel een duidelijke instructie aan ouders/kind, want het is niet mogelijk de oproep voor de groepsvaccinatie te blokkeren.
    -Vraag bij groepsvaccinatie-sessies en inhaalvaccinatiemomenten altijd na of het kind de afgelopen weken nog is gevaccineerd.

25. Waar wordt de vaccinatieopdracht geregistreerd?

De vaccinatieopdracht wordt in het DD JGZ genoteerd en als een vaccinatie is toegediend wordt er een oproepkaart of blauwerandkaart opgestuurd naar RIVM-DVP. Als het een (ex)asielzoekerskind betreft wordt het eveneens op het Vaccinatiestatus en –opdrachtformulier genoteerd. Een kopie daarvan wordt opgestuurd naar RIVM-DVP. Dat kan ook digitaal. Met het invoeren van de toegediende vaccinaties in Praeventis, berekent Praeventis ook de planning. RIVM-DVP stuurt vervolgens een ingevuld RVP-vaccinatiebewijs en vaccinatiekaarten naar de ouders voor de nog toe te dienen vaccinaties. 

26. Moet ieder asielzoekerskind een internationaal vaccinatiebewijs krijgen?

Ja, de PGA-JGZ geeft (ouders van) asielzoekerskinderen een internationaal vaccinatiebewijs en noteert daarin de toegediende vaccinaties uit het RVP.

27. Hoe komt het asielzoekerskind aan een internationaal vaccinatiebewijs?

De JGZ zorgt daarvoor, deze zijn te bestellen via www.sdu.nl. De kosten hiervoor zijn opgenomen in de PGA vergoedingen.

28. Moeten de internationale vaccinatiebewijzen ook op het regulier CB of inhaalspreekuur worden uitgereikt?

Wel als het een asielzoekerskind betreft. Kinderen met (inmiddels) een verblijfstatus ontvangen van het RIVM een RVP-vaccinatiebewijs. Indien het vaccinatiebewijs nog niet door ouders is ontvangen, noteer dan zolang de vaccinaties in het groeiboekje.

29. Registreert en vergoedt RIVM-DVP ook alle toegediende vaccinaties van asielzoekerskinderen?

Ja. Als ouders geen vaccinatiekaarten hebben, wordt de vaccinaties verantwoord met een blauwerandkaart. Na registratie bij RIVM-DVP wordt de vaccinatie vergoed volgens de afgesproken tarieven, ongeacht waar het kind in Nederland verblijft en in wat voor type opvang het verblijft.

30. Hoe en waar wordt de vaccinatiestatus geregistreerd?

De vaccinatiestatus wordt in het DD JGZ genoteerd. Als het een (ex)asielzoekerskind betreft wordt het eveneens op het Vaccinatiestatus en –opdrachtformulier genoteerd. Een kopie wordt opgestuurd naar RIVM-DVP. Dat kan ook digitaal. RIVM-DVP stuurt vervolgens een ingevuld RVP-vaccinatiebewijs en vaccinatiekaarten naar de ouders voor de nog toe te dienen vaccinaties.
Als het een nieuwkomer (vestiger) in de gemeente betreft, heeft RIVM-DVP een actieve rol bij kinderen tot hun 13e verjaardag. RIVM-DVP stuurt een welkomstbrief met het verzoek om een kopie van het vaccinatiebewijs op te sturen.
Als ouders dat gedaan hebben, heeft RIVM-DVP de vaccinatiestatus in Praeventis gezet en hebben de ouders een ingevuld RVP-vaccinatiebewijs en passende set vaccinatiekaarten toegestuurd gekregen. Als ouders niet gereageerd hebben, dan hebben de ouders een set vaccinatiekaarten ontvangen voor een ongevaccineerd kind met een blanco RVP-vaccinatiebewijs. Als de jeugdarts concludeert dat er al wel vaccinaties zijn toegediend, dient dit gemeld te worden aan RIVM-DVP, zodat de vaccinatiestatus correct in Praeventis komt te staan.(Dat laatste geldt ook voor nieuwkomers van 13-19 jaar.)
Als de jeugdarts tijdens de intake ontdekt dat er wel een buitenlands vaccinatiebewijs is, kan alsnog een kopie of foto opgestuurd worden naar RIVM-DVP




 

 

Home / Documenten en publicaties / Veelgestelde vragen asielzoekerskinderen en het RVP

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu