RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Evaluatie van het functioneren van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit in 1993

Evaluation of the performance of the Dutch National Air Quality Monitoring Network in 1993

Publiekssamenvatting

In dit rapport wordt het technisch functioneren van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit [LML] in 1993 geevalueerd. Tevens wordt de beschikbaarheid van meetwaarden beschouwd mede in relatie tot wettelijke eisen [AMvB's] zoals die voor een aantal componenten zijn geformuleerd. Het gemiddeld bruto component rendement, een maat voor de beschikbaarheid van meetwaarden, bedroeg voor de automatische opstellingen voor gasvormige componenten 95,7%, voor fijn stof 86,0% en voor de meteorologische grootheden 98,0%. Het gemiddeld bruto component rendement voor de semi-automatische opstellingen bedroeg 97,3%. Hiermee heeft het meetnet in 1993 een vergelijkbaar rendement behaald als in vorige jaren. Overzicht van de bruto component rendementen in 1993: * GASVORMIGE COMPONENTEN: ammoniak: 87,9; koolstofmonoxide: 97,2 ; ozon: 95,4 ; stikstofoxiden: 94 ,0; zwaveldioxide 97,8. * DEELTJESVORMIGE EN DEELTJESGEBONDEN COMPONENTEN: fijn stof 86,0 ; metalen met mvs 98,8 ; verzurende aerosolen met lvs 97,0 ; zwarte rook 97,0. * CHEMISCHE SAMENSTELLING VAN NEERSLAG IN HET KADER VAN HET LML: meting neerslaghoeveelheid 98,9 ; monsterverzameling 100 ; * CHEMISCHE SAMENSTELLING VAN NEERSLAG IN HET KADER VAN ECE/EMEP: 100. * METEOROLOGISCHE GROOTHEDEN: globale straling 96,7 ; temperatuur 97,4 ; windrichting 98,5; windsnelheid 98,1. Van de automatische opstellingen heeft de NOx-monitor opnieuw matig gefunctioneerd. Dit resulteerde tevens in een groot verlies van meetwaarden voor ozon. Daarnaast is de prestatie van de monitor voor fijn stof mager te noemen. Opvallend is de sterke verbetering in prestatie van de ammoniak opstellingen (+21,1% t.o.v. 1992). Storingen in de data-acquisitieapparatuur zorgde voor vrijwel alle automatische componenten voor het ontbreken van circa 1% van de meetwaarden. Een gewijzigde bedrijfsvoering m.b.t. de meting van zwarte rook heeft het functioneren van deze opstelling sterk verbeterd (+3,6% t.o.v. 1992). De toetsing van de beschikbaarheid van meetwaarden aan de wettelijke kwantitatieve eisen leverde de volgende aantallen AMvB ongeldige stations op: - drie voor de meting van koolstofmonoxide [14%] ; - dertien voor de meting van stikstofdioxide [28%] ; - negen voor de meting van zwaveldioxide [13%] ; - geen voor de monsterneming van lood [0%] ; - vijf voor de monsterneming van zwarte rook [31%].
 

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Evaluatie van het functioneren van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit in 1993

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu