RIVM_Logo

Toxocara canis: Het effect van behandeling met anti-interleukine-5 en anti-interleukine-4 op immunologische en ontstekingsparameters in de longen

Publiekssamenvatting

De toenames van eosinofiele granulocyten en IgE concentraties in Toxocara canis geinfecteerde BALB/c muizen werden geblokkeerd door behandeling met ratte-hybridoma cellen die respectievelijk anti-interleukine-5 (anti-IL-5) en anti-IL-4 produceerden. Doel was het effect te bestuderen van deze blokkade op het verloop van de door de migrerende larven veroorzaakte ontstekingen in het longweefsel. Anti-IL-5 producerende cellen (1 x 1000000) toegediend twee dagen voor en vijf dagen na infectie (p.i.) blokkeerden volledig de toename van eosinofiele granulocyten in het bloed en de infiltratie hiervan in de longen tot 28 p.i.. Het totaal aantal ontstekingscellen in het bronchoalveolair lavaat (BAL) was afgenomen ten opzichte van niet behandelde of met isotype behandelde en geinfecteerde dieren. Deze afname was geheel toe te schrijven aan de remming op de infiltratie van eosinofielen in de longen. Het albumine gehalte in het BAL was significant toegenomen in de geinfecteerde dieren. Behandeling met anti-IL-5 of isotype controle cellen bracht hierin geen verandering. Dit duidde er op dat eosinofielen de vaatdoorlaatbaarheid niet belangrijk beinvloedden. Onderzoek naar IL-5 en IFN-gamma positieve cellen in het longweefsel toonde aan dat deze afwezig waren in niet geinfecteerde dieren. Geinfecteerde dieren behandeld met anti-IL-5 hadden geen IL-5 positieve cellen terwijl deze wel werden aangetroffen in de met isotype behandelde dieren. Opmerkelijk was dat het aantal IFN-gamma positieve cellen in combinatie met anti-IL-5 behandeling sterk en met isotype behandeling in mindere mate waren toegenomen. De resultaten suggereren dat toediening van ratte-eiwitten aan T.canis geinfecteerde dieren de toename van IFN-gamma positieve cellen bevordert en daarmee dus de stimulatie van T helper 1 cellen. De behandeling met anti-IL-4 leek niet succesvol. Toediening van 1,5 x 1000000 cellen op dag 0 en 1 x 1000000 cellen op dag 7 p.i. had geen effect op de celpopulaties in het BAL. Anti-IL-4 behandeling remde de IgE toename in serum en BAL met ca 70% (dag 14 p.i.) echter, op dag 28 p.i. was het verschil tussen de wel en niet behandelde dieren verdwenen. Isotype behandeling stimuleerde zelfs de IgE produktie. De langdurige aanwezigheid van het antigeen in de gastheer en de daarmee gepaard gaande stimulatie van het immuunsysteem lijken reacties op te roepen waarbij de IgE produktie niet meer gereguleerd wordt door het IL-4. Een mogelijk mechanisme van de IgE regulatie in het door ons gebruikte model wordt, aan de hand van recente waarnemingen elders, bediscussieerd.

Synopsis

Toxocara canis-infected BALB/c mice were treated with rat hybridoma cells producing either anti-interleukin-5 (anti-IL-5) or anti-IL-4 to inhibit increases in eosinophils and immunoglobulin E respectively. The aim of the investigation was to study the effect of this inhibition on the course of pulmonary inflammation caused by T.canis migrating larvae. Anti-IL-5 producing cells administered i.p. (1 x 1000000) two days before and 5 days after infection inhibited completely the eosinophil increases in blood and bronchoalveolar lavage fluid (BALF). The albumin concentration in the BALF of infected mice increased significantly. Treatment with anti-IL-5 or with isotype control did not affect this increase, showing that eosinophils apparently played a minor role in the observed change in microvascular permeability. Lung tissue sections stained to demonstrate IL-5 and IFN-gamma positive cells showed their absence in non-infected mice and in infected mice treated with anti-IL-5. In the lungs of isotype and saline-treated infected controls IL-5 positive cells were present although their number was low. Remarkable was that anti-IL-5 treatment, and to a less extent isotype treatment, of infected mice caused a huge increase in IFN-gamma positive cells. These results suggested that administration of rat proteins to T.canis-infected animals promoted the increase of IFN-gamma positive cells and apparently stimulated T helper 1 cells. Anti-IL-4 treatment seemed unsuccessful. Administration of 1,5 x 1000000 cells at day 0 and 1 x 1000000 at day 7 p.i. did not have any effect on the cell populations in the BALF. Anti-IL-4 inhibited the IgE increase in infected mice with about 70% in both, serum and BALF at 14 days p.i. but no inhibition was observed at 28 days p.i.. Isotype treatment even stimulated IgE production in infected mice. The persisting presence of larvae and thus of antigen caused a continuous stimulation of the immune response with emphasis on the T helper 2 cells. Prolonged stimulation seemed to induce a type of B-epsilon cells producing IgE independent of IL-4. Inhibition of specific cytokines using non-self proteins, in this case rat proteins, may cause unexpected, and unwished, side effects.
 

Home / Documenten en publicaties / Toxocara canis: Het effect van behandeling met anti-interleukine-5 en anti-interleukine-4 op immunologische en ontstekingsparameters in de longen

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu