RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling - praktijkonderzoek met de TRIADE-benadering deel 2

Site specific ecological risk assessment, research with the TRIAD approach part 2

Publiekssamenvatting

Dit rapport beschrijft de tweede fase in het praktijkonderzoek naar de bruikbaarheid van de TRIADE-benadering voor locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling. In deze tweede fase werd gekozen voor een uitbreiding van de ecologische veldwaarnemingen en werd gestreefd naar een betere locale referenties voor verontreinigde percelen. Het is een volgende stap in de ontwikkeling van een beslissingsondersteunende methodiek, die op termijn de huidige urgentie-systematiek voor bodemverontreiniging zou kunnen aanvullen of vervangen. De verontreinigingsgraad was op twee van de drie locaties (te) hoog door de aanwezigheid van een cocktail aan stoffen. De monsters van de vloeivelden Tilburg voldeden het best aan de doelstelling om een uitgebreide TRIADE-beoordeling uit te voeren langs een gradient van matig verontreinigde gronden. De methodiek gaf ook hier een gradatie in effecten weer. Er zijn een groot aantal bodemecologische metingen uitgeprobeerd. De meeste gaven onderscheid tussen de monsters. De waargenomen effecten waren kleiner dan op grond van het TRIADE-onderdeel chemie verwacht zou worden. De keuze van een goede referentie blijkt een belangrijk en kritisch aspect in de beoordelingsmethodiek.
 

Home / Documenten en publicaties / Locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling - praktijkonderzoek met de TRIADE-benadering deel 2

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu