RIVM_Logo

Koolmonoxide in huurwoningen in de Randstad. Metingen bij huishoudens met een bruto jaarinkomen lager dan 14.000 euro in Schiedam en Dordrecht

Publiekssamenvatting

In circa 1000 huishoudens in Schiedam en Dordrecht met jaarinkomens lager dan 14.000 euro is onderzocht of er verbrandingsinstallaties aanwezig zijn die koolmonoxide uitstoten en of dat de gezondheid van de bewoners kan bedreigen. Bij 1 op de 6 woningen is koolmonoxide aangetroffen. In verreweg de meeste gevallen waren de concentraties gering (minder dan 10 ppm) en daardoor niet bedreigend voor de gezondheid. In zulke gevallen kon worden volstaan met schoonmaak- en onderhoudsadviezen. In ongeveer 1 op de 100 van de onderzochte woningen was direct ingrijpen wel noodzakelijk. Ook bleek dat in deze categorie huishoudens slechts 35 procent van de gasinstallaties jaarlijks wordt gecontroleerd. Dit blijkt uit onderzoek dat het RIVM in samenwerking met de GGD'en Rotterdam-Rijnmond en Zuid-Holland Zuid heeft uitgevoerd. Het onderzoek is in opdracht van het ministerie van VWS uitgevoerd om meer zicht te krijgen op koolmonoxidevergiftigingen in Nederlandse woningen. In Nederland overlijden per jaar 8 tot 12 mensen aan een koolmonoxidevergiftiging, meestal als gevolg van niet goed onderhouden verbrandingsinstallaties. Voor het onderzoek zijn kortdurende metingen verricht in de woonkamer, in de ruimte waar een gastoestel (geiser, gaskachel of gasfornuis) staat en direct boven het toestel. De hoogste waarden zijn gemeten boven brandende geisers (70 procent) en gaskachels (30 procent). Boven een gaskachel die nog nooit was schoongemaakt, is een levensbedreigende hoeveelheid van 1200 ppm aangetroffen. Om een koolmonoxidevergiftiging te voorkomen is het belangrijk gasapparatuur jaarlijks te onderhouden en in huis voldoende te ventileren. Sinds de energiesector in de jaren negentig van de vorige eeuw is geliberaliseerd, ligt de controletaak op het onderhoud van deze apparatuur in huurwoningen niet meer bij de netbeheerder maar bij de huiseigenaar.

Synopsis

Approximately 1000 households living in social rental houses located in Schiedam and Dordrecht were investigated for the presence of fuel-burning appliances that emitted carbon monoxide (CO) and for the effects of the emitted CO, if any, on the health of the residents. The annual income of the households comprising the study population was less than 14.000. Carbon monoxide was measured in one of six houses, but mostly at low concentrations (less than 10 ppm) and therefore not life-threatening. In these cases, advice on the proper cleaning and maintenance of the fuel-burning appliances is sufficient. Approximately one of each 100 houses required an immediate intervention because the CO concentrations were too high. In this last category, only 35 percent of the fuel-burning appliances were found to receive a yearly maintenance checkup. These are the results of a study carried out by the RIVM in collaboration with the Municipal Public Health Services (GGD) of Rotterdam-Rijnmond and Zuid-Holland Zuid. The study was commissioned by the Ministry of Health, Welfare and Sport with the aim of obtaining a better overview of the circumstances surrounding CO intoxications occurring in the Netherlands. Between eight and twelve people die annually in the Netherlands from CO intoxication - mostly due to poorly maintained fuel-burning appliances in the home. In this study, measurements were taken in the living room, the room where the appliance (gas-fired water heaters, gas heaters or gas cookers) was located and directly above the fuel-burning appliances. The highest concentrations were measured above burning gas-fired water heaters (70 percent) and gas heaters (30 percent). In one case, a life-threatening concentration of 1200 ppm (parts per million) was found above a gas heater that had never been cleaned. Important preventative or corrective measures to avoid CO intoxication include an annual maintenance checkup of fuel-burning appliances and a good ventilation system in the home. The proper maintenance of fuel-burning appliances has not been compulsory since the liberalization of the energy sector in the early 1990s. The home owner him/herself - and not the energy provider - is now considered to be responsible for this maintenance.
 

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Koolmonoxide in huurwoningen in de Randstad. Metingen bij huishoudens met een bruto jaarinkomen lager dan 14.000 euro in Schiedam en Dordrecht

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu