RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Risk assessment of tobacco additives and smoke components : a method proposal

Risico beoordeling van tabaksadditieven en rook

Publiekssamenvatting

Tabaksrook is een complex mengsel van ongeveer 4000 stoffen. Het bevat verbrandingsproducten van de tabak, maar ook van additieven zoals smaakstoffen, die worden toegevoegd om de geur en smaak van het product aantrekkelijker te maken. Het RIVM heeft een methode ontwikkeld om te beoordelen bij welke concentratie in de longen deze stoffen risico's voor de gezondheid veroorzaken. Een dergelijke methode bestond nog niet. Inzicht hierin is belangrijk omdat beleidsmakers hiermee in de toekomst kunnen kiezen op welke schadelijke stoffen zij eventueel kunnen sturen. De methode is voortgekomen uit een internationaal project naar de gezondheidseffecten van tabaksadditieven in brede zin.

De methode
Voor de methode is een inhalatieblootstellingscenario ontwikkeld. Dit werkt als volgt: eerst wordt berekend welke hoeveelheid van de stof tijdens het roken daadwerkelijk de long binnenkomt (A). Daarna wordt berekend in welke hoeveelheid een stof uit de rook (rookcomponent) gezondheidsschade veroorzaakt (irritatie aan de neus, keel en/of long) als hij in de long terechtkomt. Voor de beoordeling is de hoogste dosering die geen neus, keel en longirritatie veroorzaakt van belang (B). Deze uitkomst wordt vervolgens vergeleken met hoeveel van de stof tijdens het roken daadwerkelijk de long binnenkomt. De verhouding tussen deze waarden (B/A) bepaalt de risicobeoordeling: hoe lager de verhouding, hoe groter de kans op een gezondheidsrisico.

Voorbeelden
Als voorbeelden voor de methode is het risico op neus-, keel- en longirritatie onderzocht van enkele stoffen die veel in sigaretten voorkomen; andere gezondheidseffecten, zoals kanker of vruchtbaarheidsproblemen, zijn hier niet in meegenomen. Als tabaksadditieven zijn dat de ammoniumverbindingen, glycerol en propyleenglycol. Voor de stoffen in de rook zijn acetaldehyde, acroleïne, formaldehyde en 2-furfural geselecteerd, omdat ze onder andere kunnen vrijkomen als tabaksadditieven verbranden. Hieruit blijkt dat neus, keel en/of longirritatie ontstaat als de sigaretten de additieven glycerol en propyleenglycol bevatten. Hetzelfde geldt voor de rookcomponenten aceetaldehyde, acroleïne en formaldehyde. Deze uitkomsten zijn niet representatief voor alle stoffen in rook. Meer onderzoek naar gezondheidseffecten van meer stoffen is nodig.
 

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Risk assessment of tobacco additives and smoke components : a method proposal

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu