Uitvoering

Bij de uitvoering van het bevolkingsonderzoek PSIE zijn professionals uit diverse geledingen betrokken.

Verloskundig zorgverleners

De zwangere neemt zelf contact op met de verloskundig zorgverlener (VKZ). Tijdens het eerste consult, dat bij voorkeur plaatsvindt voor week 13 van de zwangerschap, geeft de VKZ voorlichting over het bevolkingsonderzoek. Na toestemming van de zwangere vrouw wordt bloed afgenomen door de VKZ of een priklaboratorium.
Zodra de uitslag bekend is, licht de VKZ de zwangere in over de bloeduitslagen en over de eventuele consequenties. Indien de uitslagen daartoe aanleiding geven zet de VKZ vervolgacties in gang en/of draagt de zwangere over aan de tweedelijnszorg.

Laboratorium

Het laboratorium screent het bloed op de infectieziekten hepatitis B, syfilis (lues) en hiv, bepaalt de bloedgroepen ABO, Rhesus (D) en Rhesus (c) en onderzoekt of irregulaire erytrocytenantistoffen (IEA) aanwezig zijn. Bij een afwijkende uitslag verricht het laboratorium eventueel vervolgonderzoek. Het laboratorium stuurt de definitieve uitslagen met een eindconclusie naar de verloskundig zorgverlener en de DVP-regiokantoren (Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s).

  • NZa-tarieven van de diverse laboratoriumbepalingen in het kader van de PSIE.

DVP-regiokantoren

De DVP-regiokantoren registreren de gegevens en de bloeduitslagen en nemen eventuele vervolgacties op in het dossier van de zwangere. Zij bewaken de voortgang van de acties die uitgevoerd worden in het kader van de PSIE, waaronder distributie en toediening van anti-Rhesus (D)-immunoglobuline. Ook betalen zij de uitvoerende instanties voor verrichte diagnostiek.

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu