Verzameling en validatie van gegevens

Overzicht van de bepalingen in het veld en in het laboratorium en de validatie van gegevens

In het veld

Vóór en na de bemonstering worden een aantal metingen verricht aan de putfilters en in het grondwater.

Veldmetingen in een waterput

Voor de bemonstering:

  • Peilen van de waterstanden in de te bemonsteren filters;
  • Meten van de einddiepte van alle filters die bemonsterd worden, dit in verband met het mogelijk dichtslibben van een filter;
  • Tijdens het pompen vlak boven het filter, het meten in een doorstroomcel van onder andere pH en de elektrische geleidbaarheid.

Na de bemonstering:

  • Bepaling van de concentratie bicarbonaat (HCO3);
  • In het filter meten van zuurgraad pH, elektrische geleidbaarheid en zuurstof (O2).


De waarnemingen in het veld worden per putfilter opgeslagen in een veldcomputer.

Daarnaast worden uit oogpunt van kwaliteitscontrole en –borging op reguliere basis duplomonsters en blancomonsters in het veld verzameld.

In het laboratorium

De grondwatermonsters worden in het laboratorium geanalyseerd op totaal 22 componenten. Dit zijn Al, As, Ba, Ca, Cd, Cl, Cr, Cu, DOC, EC, Fe, K, Mg, Mn, Na, NH4, Ni, NO3, Pb, pH, P-totaal, SO4, Sr en Zn.

Validatie van gegevens

De in het veld en in het laboratorium verzamelde gegevens worden gecontroleerd op consistentie. Zo vindt controle plaats op onder andere:

  • Ontbrekende, onmogelijke en extreme meetwaarden;
  • Ionenbalans;
  • Veld- versus laboratoriumbepalingen.

Home / Onderwerpen / L / Landelijk Meetnet Grondwaterkwaliteit / Metingen: wat en hoe? / Verzameling en validatie van gegevens

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu