Nitraat

Uitleg van de meetmethode van nitraat in het veld

Naast een uitgebreide analyse van het water in het laboratorium worden ook in het veld een aantal parameters bepaald, waaronder de nitraatconcentratie.

Principe van de nitraatmeting

Het principe van de nitraatbepaling in het veld berust op de verkleuring van teststrookjes waarop zich laagjes met reagentia bevinden. Met een pipet wordt 8 µl water op het strookje gedruppeld. Via een aantal reactiestappen in het reagens ontstaat een azo(-stikstof)verbinding die roodviolet gekleurd is. Met een reflectometer, de Nitrachek, wordt de verkleuring, welke een maat is voor het nitraatgehalte, gemeten (zie Figuur 1).

Prestatiekenmerken

De prestaties van de Nitrachek zijn in een laboratorium onderzoek bepaald. De aantoonbaarheidsgrens is 5 mg/l en het meetbereik 5-440 mg/l. De bepalingsgrens bedraagt 16 mg/l. De herhaalbaarheid is gemiddeld 21%. Met vier metingen is de meetfout maximaal 10%. De praktijkprestaties met de Nitrachek volgen uit vergelijking van de veldmetingen met nitraatanalyses die in het laboratorium zijn uitgevoerd, zie bijvoorbeeld Figuur 2 voor een vergelijking uit 2007.

nitraatbepaling met de Nitrachek

Figuur 1. Meting van de verkleuring van het teststrookje in de Nitrachek

Aandachtspunten bij de meting

Een aantal factoren bepalen de nauwkeurigheid van de meting.

  • Kleur en zwevende deeltjes verstoren de reflectie van het licht. Het water dient dus helder te zijn. Daarom filtreren we het water eerst met een 0,45µm wegwerpfilter.
  • De methode is gevoelig voor de luchttemperatuur. Met een temperatuurscorrectie corrigeren we hiervoor.
  • De strookjes vertonen, afhankelijk van de productie en ouderdom, onderling verschillen. Hiervoor wordt echter gecorrigeerd. De correctiefactor bepalen we door vijf teststrookjes met een bekende nitraatoplossing te meten.
  • De Nitrachek is slechts spatwater dicht. Onder natte weersomstandigheden wordt de meting daarom in de monsternemingsbus uitgevoerd.
  • Alle metingen worden in tweevoud uitgevoerd. Er wordt alleen een meting in drievoud uitgevoerd als het verschil ten opzichte van het gemiddelde groter is dan 10%.

Vergelijking met laboratoriumanalyses

Naast de nitraatmetingen in het veld op ieder monsterpunt, wordt de nitraatconcentratie ook in het laboratorium bepaald in het mengmonster van alle monsterpunten van één locatie. In Figuur 2 is als voorbeeld voor alle bemonsterde locaties het gemiddelde van de Nitrachekmetingen op een locatie uitgezet tegen het analyseresultaat van het mengmonster op dezelfde locatie (LMM zandregio, 2007). Met de nitraatmetingen in het veld hebben we inzicht in de variatie van de nitraatconcentratie op een locatie. Het biedt ook de mogelijkheid om de laboratoriumanalyses te valideren.

vergelijking nitraatconcentratie veld versus laboratorium

Figuur 2. Gemiddelde nitraatconcentratie bepaald in het veld met de Nitrachek versus de nitraatconcentratie van het mengmonster bepaald in het laboratorium (LMM zandregio, 2007). Doorgetrokken lijn is de 1:1 lijn. Afwijking van de meetpunten naar boven of onder deze lijn verschilt tussen jaren.

 

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu