U bevindt zich op: Home › Onderwerpen › B › Bioassays › Toepassingen Bioassays › Vissen als bioassay Bioassays
Vanuit het Landelijk Onderzoek oEstrogene Stoffen (LOES) en EU kaders ontwikkelde het RIVM een bioassay protocol om de effecten van hormoonverstorende stoffen bij vissen in kaart te brengen.
Hormoonverstorende
stoffen (Endocrine Disrupting Chemicals, EDCs) zijn chemische
stoffen die werking van lichaamseigen hormonen tegengaan of
imiteren. Hormoonactieve werking komt voor bij natuurlijke en
synthesische hormonen (anticonceptiepil), maar ook sommige
industriële stoffen blijken het hormoonsysteem te kunnen
beïnvloeden.
Hormoonverstorende stoffen kunnen een probleem opleveren als ze in het milieu terechtkomen en dan via directe opname of via voedsel in het lichaam van mens of dier belanden. Voorbeelden van hormoonverstorende stoffen in het milieu zijn oestrogene hormonen van vee of uit de anticonceptiepil, die via urine in het oppervlaktewater terecht kunnen komen. Een ander voorbeeld wordt gevormd door gebromeerde vlamvertragers, dit zijn stoffen die op grote schaal toegepast worden in textiel, kunststoffen, bouwmaterialen en electronica. Deze stoffen blijken vrij te kunnen komen en, afhankelijk van woonomgeving en dieet bij veel mensen in het lichaam voor te komen.
Eén van de meest gevoelige functies voor hormoonverstoring is de voortplanting. In de jaren ’90 van de vorige eeuw werd duidelijk dat op veel locaties in Europa en de USA populaties van vissen, amfibieën en reptielen afnamen door een verstoorde voortplanting ten gevolge van hoge concentraties hormoonactieve stoffen in het milieu. Ook bij de mens, m.n. bij mannen, werden afwijkingen in voortplantingsfuncties geconstateerd. Die observaties waren aanleiding om testen te ontwikkelen om hormoonverstorende werking van chemische stoffen te kunnen detecteren en om acceptabele blootstellingswaarden vast te kunnen stellen.
Het RIVM ontwikkelde een test waarin door microscopisch onderzoek (histopathologie) bij zebravissen kon worden vastgesteld òf en in welke mate onderzoeksmonsters stoffen bevatten die de werking van vrouwelijke of mannelijke geslachtshormonen kunnen imiteren of juist tegengaan.
Deze test werd ontwikkeld in opdracht van de EU (DG SANCO) en het toenmalige Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM), volgens aanbevelingen van de OESO. De test werd toegepast in het Landelijk Onderzoek oEstrogene Stoffen (LOES) en het EU project FIRE (onderzoek naar hormoonverstorende werking van gebromeerde vlamvertragers).