Ophoping van radon of thoron en dochterproducten in de woning kan nadelige gezondheidseffecten hebben, zoals een verhoogde kans op longkanker.
Dochterproducten
Het zijn niet
de edelgassen radon en thoron zelf die het voornaamste risico
vormen, maar de vaste dochterproducten die door radioactief verval
uit radon en thoron ontstaan. Deze dochterproducten kunnen, al dan
niet gehecht aan kleine stofdeeltjes, na inademing in de longen
achterblijven en daar hun straling afgeven.
Aantal extra longkankergevallen
In 2000 schatte de Gezondheidsraad in het
BEIR VI rapport dat er jaarlijks 800 extra gevallen van
longkanker ontstaan door blootstelling aan radon. Deze schatting is
gebaseerd op de in oudere surveys gevonden hogere waarden van de
radonconcentratie. Op basis van de nieuwe radonconcentraties wordt
geschat dat er jaarlijks enkele honderden gevallen van longkanker
als gevolg van radon alleen ontstaan. Hierbij is de bijdrage van
thoron niet meegenomen. Ook thoron kan in Nederland
verantwoordelijk zijn voor tientallen tot honderden extra gevallen
van longkanker per jaar.
Overigens lopen vooral rokers extra risico omdat de nadelige
effecten van roken en blootstelling aan radon elkaar lijken te
versterken. Stoppen met roken draagt daarom bij aan het verminderen
van de risico’s van radongas.
Herkomst risicoschattingen
Hoe komen we tot deze getallen? Al zeer lang wordt
wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de effecten van blootsteling
aan radon en blootstelling aan lage doses straling. Dit onderzoek
wordt op verschillende manieren aangepakt:
- Epidemiologisch onderzoek probeert verbanden
te leggen tussen de blootstelling aan radon van grote groepen
mensen en de ziektes die ze hebben gekregen. Het onderzoek naar de
relatie tussen radon en longkanker valt uiteen in onderzoek naar
blootgestelde mijnwerkers en onderzoek naar radon in woningen.
Beide typen onderzoek wijzen op een duidelijk verband tussen radon
en longkanker. De huidige risicoschattingen voor radon zijn
gebaseerd op de resultaten van het mijnwerkersonderzoek. In 2004
zijn de resultaten verschenen van een overkoepelende analyse van Darby
van 13 studies naar het verband tussen radon in woningen en
longkanker. Deze analyse laat onomstotelijk zien dat in woningen
met een hogere radonconcentratie bewoners een grotere kans op
longkanker hebben.
- Naast epidemiologisch onderzoek wordt ook
modelonderzoek uitgevoerd naar de relatie tussen
radon en longkanker. Hierin wordt modelmatig het proces beschreven
van het inademen van radon en dochterproducten, schade aan het DNA
van longcellen en de verschillende stappen in het ontstaan van een
longtumor. Door de voorspellingen van het model te vergelijken met
gegevens over het vóórkomen van longkanker kan het model getest en
geijkt worden. Een model voor het ontstaan van longkanker door
radon is het twee-staps mutatiemodel. Het
RIVM doet
wetenschappelijk onderzoek met dit model. Het model gaat ervan uit
dat voor de vorming van een kwaadaardige tumor twee (reeksen van)
mutaties in het DNA van longstamcellen nodig zijn en een
tussenliggende fase waarin versnelde celdeling plaatsvindt. Dit
model geeft een goede beschrijving van de schadelijke effecten van
radon.