Direct naar (in deze pagina):inhoud, zoeken of menu.

U bevindt zich op: Home Onderwerpen R Radon Radon en thoron Radon

Radon en thoron

In de bodem zijn van nature de radioactieve stoffen uranium en thorium aanwezig. Beide stoffen vervallen onder uitzending van straling tot andere elementen.

Dochterproducten

foto van het periodiek systeem der elementen met daarin radon en thoronBij het verval van uranium en thorium ontstaan zogeheten dochterproducten die zelf ook weer radioactief zijn. Na een aantal stappen, waarbij alfa- en bètastraling uitgezonden wordt, ontstaat uiteindelijk lood. De dochterproducten in de vervalreeks van uranium en thorium zijn bij kamertemperatuur vast, met één uitzondering: het radioactieve edelgas radon. Radon kan ontsnappen uit de bodem of uit bouwmaterialen die gemaakt zijn uit thorium- of uraniumhoudend gesteente. De vaste dochters van radon kunnen zich hechten aan kleine stofdeeltjes. Als deze stofdeeltjes worden ingeademd blijven de radondochters achter in de luchtwegen en geven daar hun straling af. Dit kan longkanker veroorzaken.

Kenmerken van radon

Radon is reukloos en onzichtbaar maar kan wel gemeten worden, bijvoorbeeld met een radondetector. Hierin zit een plaatje van gevoelig materiaal. Als er bij radioactief verval alfastraling vrijkomt, zoals bij het verval van radon, ontstaan kleine beschadigingen op het plaatje. Het aantal beschadigingen wordt later in een laboratorium geteld. Hieruit kan de gemiddelde radonconcentratie berekend worden. Voor een precies resultaat moet de detector wel vele maanden worden blootgesteld.

Blootstelling aan straling verhoogt het risico op kanker. Bij radon gaat het vooral om longkanker. Overigens is het niet het edelgas radon zelf, maar zijn het de vaste dochterproducten die schadelijk zijn voor de gezondheid. Deze dochterproducten worden meegeteld bij het bepalen van de risico's van radon. Hoe hoger de radonconcentratie in de lucht en hoe langer de blootstelling, des te groter is de kans op het ontwikkelen van longkanker.

Thoron

Het element radon wordt weergegeven door het symbool Rn. Eigenlijk zijn er twee isotopen van radon van belang: de isotoop Rn-222, meestal ook radon genoemd, die onderdeel is van de uraniumreeks en de isotoop Rn-220, thoron genoemd, die voorkomt in de thoriumreeks.

Hoewel radon en thoron beide van nature in bodem en bouwmaterialen voorkomen, is vanwege de korte halfwaardetijd van thoron (56 sec) in verhouding tot radon (3,8 dagen) altijd aangenomen dat radon de belangrijkste isotoop voor de stralingsbelasting in het binnenmilieu is: de halfwaardetijd van thoron is zo kort dat het grootste deel van het thoron dat onstaat niet uit bouwmaterialen of de bodem ontsnapt. De dosisbijdrage van thoron werd voorheen geschat op ongeveer 10% van die van radon. Onderzoek naar de stralingsbelasting in woningen heeft zich daarom, ook internationaal, steeds toegespitst op de meting van radonconcentraties en externe stralingsniveaus. Uit het RIVM-rapport: Meting van 220Rn en consequenties voor eerdere 222Rn-surveys, blijkt de rol van thoron in de stralingsbelasting binnenshuis groter te zijn dan vroeger werd gedacht.

Radon en thoron zijn moeilijk te onderscheiden. Daarom is in het verleden bij radonmetingen thoron vaak aangezien voor radon. De vertaling van concentratie naar dosis is echter wel verschillend voor radon en thoron. Als thoron wordt aangezien voor radon, leidt dat tot onjuiste dosisschattingen.

Het RIVM doet onderzoek naar de blootstelling door radon en thoron van de Nederlandse bevolking. Dit onderzoek richt zich op meetmethoden en blootstelling aan radon en thoron. In 2012 start een nieuwe survey om de concentratie van radon en thoron in Nederlandse woningen te bepalen.

Gerelateerde informatie

Service

Service

Waarmerk drempelvrij.nl, 14 uit 16 ijkpunten correct; klik voor een reactie.