Direct naar (in deze pagina):inhoud, zoeken of menu.

U bevindt zich op: Home Onderwerpen R Rijksvaccinatieprogramma Bijwerkingen Veiligheidsbewaking Rijksvaccinatieprogramma

Veiligheidsbewaking

In Nederland is intensieve veiligheidsbewaking een belangrijk onderdeel van het Rijksvaccinatieprogramma. De consultatiebureaus en GGD’en, waar de kinderen worden ingeënt, melden bijwerkingen bij het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb. Zo wordt onderzocht of de klachten verband houden met de samenstelling van de vaccins, de gelijktijdige toediening van sommige vaccins, het aantal keren dat kinderen in totaal worden ingeënt, of met de leeftijd van de kinderen. De conclusies kunnen leiden tot aanpassing van de vaccins of het vaccinatieprogramma.

Intensieve veiligheidsbewaking

Onderzoek naar bijwerkingen heeft aangetoond dat verschijnselen die kort na de prik optreden, lang niet altijd iets te maken hebben met die vaccinatie. Soms gaat het om een toevallige samenloop van omstandigheden. Kinderen krijgen inentingen op een leeftijd waarop vele aandoeningen optreden. Door de prik of door de koorts na de prik kan heel soms een ernstige ziekte aan het licht komen die al aanwezig was, maar nog niet was opgemerkt. Het is belangrijk dat goed wordt uitgezocht wat de oorzaak van de verschijnselen is.

Soorten bijwerkingen

In 2010 zijn in het Rijksvaccinatieprogramma ongeveer 1,3 miljoen prikken gegeven aan 800.000 kinderen. In ongeveer 1400 gevallen wordt een mogelijke bijwerking gemeld. Bij ruim 75% gaat het ook daadwerkelijk om een bijwerking. Ongeveer 50% van de bijwerkingen beperkt zich tot lokale verschijnselen zoals pijn op de prikplek, roodheid, zwelling en algemene ziekteverschijnselen. De rest van de bijwerkingen betreft heftiger of ernstiger ziektebeelden. Voorbeelden zijn verkleurde benen, langdurige of zeer hoge koorts (40.5o C of hoger), heftig ononderbroken huilen (langer dan 3 uur), een collaps (wegraking), convulsies (stuipen). Voor ouders betekenen de heftige reacties vaak een nare ervaring. Kinderen houden er geen blijvende schade aan over.

In Nederland is nog nooit gebleken dat vaccinatie blijvende schade veroorzaakt. Een heftige reactie is eigenlijk nooit een reden om een volgende vaccinatie niet meer uit te voeren. Wel is het van belang dat de arts of verpleegkundige op de hoogte is van die reactie. Hij of zij kan dan beoordelen of de vaccinatie moet worden uitgesteld of toch kan worden gegeven.

Registratie, onderzoek

Vanaf 1 januari 2011 registreert en onderzoekt het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb meldingen van mogelijke bijwerkingen na vaccinaties. Het Lareb beoordeelt ook of er een verband is tussen de reactie en de vaccinatie. Tot die tijd werd deze taak door het RIVM uitgevoerd.
Meld vreemde of heftige klachten die na de prik optreden altijd bij uw volgende bezoek aan het consultatiebureau, GGD of Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Het bureau kan dat dan voor registratie en nader onderzoek doorgeven aan Lareb (Nederlands Bijwerkingen Centrum). Ook als u geen verdere bezoeken bij het consultatiebureau of bij de GGD heeft gepland moet u de klacht melden.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de meldingen die in 2010 zijn binnengekomen. Het totale aantal meldingen bedroeg 1380. Bij 79% ging het ook echt om een bijwerking van de vaccinatie. De overige gemelde verschijnselen (21%) waren niet het gevolg van een vaccinatie maar een toevallige samenloop van gebeurtenissen. Deze staan vermeld onder het kopje Onwaarschijnlijk verband. Bij alle vijf meldingen van overleden kinderen zijn de vaccinaties daar niet de oorzaak van geweest. Het totale aantal prikmomenten (met vaak 2 prikken per prikmoment) in 2010 was meer dan 1,3 miljoen.

Verband met vaccinatie Zeker/ waarschijnlijk/ mogelijk Onwaar-schijnlijk Niet te beoordelen Totaal
Lokale reacties 320
1
0 321
Algemene ziekte-verschijnselen:

 

 

 

 

- niet ernstig 296
156
1
452
- heftig/ernstig 53
47
0 101
Onafgebroken huilen/ krijsen (>3 uur) 51
2
0 53
Huidverschijnselen 58
41
1 100
Verkleurde benen 96
2
0 98
Wegraking (collaps) 154
10
0
164
Stuip (convulsie) 54
31
0
85
Encefalitis/ encefalopathie 0 0
0 0
Overlijden 0 5
0

5

Totaal 1082
296
2
1380

Bron: Vermeer-de Bondt PE, Moorer-Lanser N, Phaff TAJ, Oostvogels B, Wesselo C & van der Maas NAT. Adverse Events in the Netherlands Vaccination Programme – Reports in 2010 and Review 1994-2010 (Postvaccinale gebeurtenissen na vaccinaties van het Rijksvaccinatieprogramma. Deel XV – Meldingen in 2010).
Nederlandse uitgave: Mogelijke bijwerkingen binnen het Rijksvaccinatieprogramma in Nederland- Meldingen in 2009 S.Schotman, N.A.T. van der Maas RIVM-CIb, RIVM briefrapport 205051001.

Betrokken organisaties

Sinds januari 2011 registreert en onderzoekt het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb meldingen van mogelijke bijwerkingen en beoordeelt of er een verband is met de vaccinatie. De eerste halfjaarcijfers van 2011 'Meldingen van bijwerkingen na vaccinaties in Rijksvaccinatieprgramma stabiel' zijn medio september gepubliceerd door Lareb.

Uiteindelijk krijgt de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de conclusies aangeboden.

Service

Service

Waarmerk drempelvrij.nl, 14 uit 16 ijkpunten correct; klik voor een reactie.