U kunt een aantal dingen doen om de bijwerkingen minder te maken. Tijdens het prikmoment kunt u zorgen voor lichaamscontact, aandacht en afleiding om de pijn van de prik minder te maken. Hieronder leest u wat u zelf kunt doen om de bijwerkingen minder te maken.
Als uw kind na de vaccinatie last heeft van heftige of onverwachte verschijnselen doet u er goed aan contact op te nemen met de huisarts. Hetzelfde geldt voor het geval uw kind ernstig ziek is of als u zich zorgen maakt. Er kan namelijk iets anders aan de hand zijn waarvoor behandeling nodig is. Meldt u dat dan later ook bij degene die de vaccinaties heeft uitgevoerd.
Wat kunt u doen in geval van bijwerkingen?
- Masseer prikplekken meteen na de inenting net zo stevig
als je een kind masseert of wrijft nadat het zich flink heeft
gestoten. De entstof verspreidt zich dan sneller en dat verkleint
de kans op roodheid, zwelling en pijn rond de prikplek.
Bovendien leidt masseren het kind af, waardoor het misschien korter
huilt.
- Leg liever geen natte lappen of ijskompressen op de prikplek.
Dat kan zelfs extra klachten veroorzaken.
- Geef bij heftig huilen of duidelijke pijn die later op de
prikdag optreedt, eventueel een paracetamol. Lees altijd de
bijsluiter.
- Trek bij koorts uw kind wat kleertjes uit en leg het alleen
onder een lakentje. Zo kan de temperatuur op een natuurlijke manier
dalen. Bij koorts is paracetamol meestal niet nodig. Soms helpt
afsponzen of een koel badje.
- Leg uw kind niet onder het dekbed bij uzelf in bed. Dat is veel
te warm.
- Schud uw kind nooit, bijvoorbeeld bij verslikking of ‘achter
adem huilen’ waarbij soms even het ademhalen stopt. Schudden kan
ernstige hersenschade geven. Als uw kind niet reageert, kunt u het
aantikken op de wangen of knijpen onder de voetzool.
- Houd uw kind, als het braakt, op de buik met het hoofd opzij.
Zo voorkomt u dat voedsel in de longen terechtkomt.
- Overleg met de huisarts als uw kind zieker is dan verwacht of
als het vreemde verschijnselen vertoont. Laat uw kind onderzoeken
als u zich erg ongerust maakt. Dat hoeft niet thuis maar kan ook op
de huisartsenpraktijk of -post. Een kind met koorts mag over
straat.
- Meld vreemde of heftige klachten die na de prik optreden altijd
bij uw volgende bezoek aan het consultatiebureau, GGD of Centrum
voor Jeugd en Gezin (CJG). Het bureau kan dat dan voor registratie
en nader onderzoek doorgeven aan Lareb (Nederlands Bijwerkingen
Centrum). Ook als u geen verdere bezoeken bij het consultatiebureau
of bij de GGD heeft gepland moet u de klacht melden.
Tabel dosering paracetamol
| Gewicht/leeftijd |
Oraal (drankje / tablet)
of rectaal (zetpil) |
| 3 kg (0-3 maanden) |
4 x 2 ml of 2
x 1 zetpil 120 mg per dag |
| 6 kg (3 maanden) |
4 x 4 ml of 3 x 1
zetpil 120 mg per dag |
| 10 kg (12 maanden) |
4 x 6 ml of 3 x 1
zetpil 240 mg per dag |
| 15 kg (3 jaar) |
4 x 9 ml of 4 x 1
tablet 240 mg of
4 x 1 zetpil 240 mg per dag |
| 20 kg (5 jaar) |
4 x 1,5 tablet 240
mg of 3 x 1 zetpil 500 mg per
dag |
| 25 kg (7 jaar) |
4 x 1 tablet 500 mg
of 4 x 1 zetpil 500 mg per dag |
| 30 kg (9 jaar) |
5 x 1 tablet 500 mg of 4
x 1 zetpil 500 mg per dag |
| 42,5 kg (12 jaar) |
6 x 1 tablet 500 mg of
3 x 1 zetpil 1000 mg per dag |
Bron: NHG-standaard, 2007
Tips bij flauwvallen
Veel kinderen vinden prikken eng. Sommige kinderen, vooral in de
schoolleeftijd, gaan alleen al van de gedachte van hun stokje,
anderen vallen flauw na de prik. Als er in groepsverband
gevaccineerd wordt, werkt het flauwvallen wel eens aanstekelijk.
Jongens vallen vier keer vaker flauw dan meisjes. Bij een op de
drie kinderen die flauwvallen, treden samentrekkingen van de
spieren op. Soms ook broekplassen. Dit heeft echter niets te maken
met een epileptische aanval.
Als uw kind niet goed tegen prikken kan:
- Laat het kind voldoende eten voordat het geprikt wordt.
- Laat het kind liggen als het wordt gevaccineerd.
- Laat het kind na het vaccineren niet onmiddellijk opstaan, laat
het eerst een tijdje rustig zitten.
- Probeer het kind op een rustige manier af te leiden, maar belet
het kind niet om te kijken.