Aandeel per stralingsbron

In onze leefomgeving worden wij voortdurend blootgesteld aan ioniserende straling. Deze straling is afkomstig van stralingsbronnen die van nature in het milieu aanwezig zijn, en van stralingsbronnen die het gevolg zijn van of beïnvloed worden door menselijk handelen. Het RIVM brengt periodiek de (gemiddelde) blootstelling aan ioniserende straling in Nederland in kaart.

De 'stralingstaart'

Gemiddeld wordt een inwoner van Nederland blootgesteld aan ruim 2,6 mSv per jaar (2013). Dit gemiddelde wordt berekend door alle stralingsdoses die Nederlanders oplopen bij elkaar op te tellen en te delen door het aantal inwoners van Nederland. De blootstelling kan per persoon verschillen en afwijken van dit gemiddelde. De verschillende bronnen die bijdragen aan de totale gemiddelde stralingsbelasting worden hieronder als taartpunten weergegeven. Hieruit blijkt dat de straling die wordt opgelopen als gevolg van medische diagnostiek de grootste bijdrage levert aan de gemiddelde jaardosis in Nederland. Daarna leveren radon en thoron een belangrijke bijdrage.



Stralingstaart 2016
 

Bronnen

  • Bodem: terrestrische straling is straling die van nature uit de bodem komt.
  • Kosmos: kosmische straling is straling die van nature uit de kosmos -de ruimte- komt.
  • Voedsel: met ingestie wordt bedoeld de straling die we binnen krijgen via voedsel of drinkwater.
  • Zorg: met medische straling wordt de straling bedoeld die wordt gebruikt om diagnoses te stellen door medici. Denk dan aan een röntgenfoto bij de tandarts of in het ziekenhuis. Behandelingen met straling, zoals radiotherapie zijn niet meegenomen in deze berekening.
  • Radon en thoron: dit zijn radioactieve edelgassen die van nature voorkomen in (vooral) steenachtige materialen. Ze kunnen vrijkomen uit de bodem en uit materialen die uit bodemmateriaal zijn vervaardigd. In gebouwen kan dit leiden tot verhoogde concentraties van radioactieve deeltjes. Het inademen daarvan kan schade toebrengen aan de longen.
  • Externe straling van bouwmaterialen: bouwmaterialen bevatten vaak natuurlijke grondstoffen uit de bodem en daarmee ook radioactieve stoffen die van nature in die bodem aanwezig zijn. Deze grondstoffen kunnen daardoor ook straling uitzenden.
  • De categorie 'overig' bestaat (vooral) uit: de dosis door vliegen voor cabinepersoneel van vliegtuigen, de dosis door fall-out van kernproeven en Tsjernobyl en de dosis door lozingen van de industrie en radioactiviteit van consumentenproducten.

Meten en berekenen

Alle stralingsdoses die Nederlanders oplopen worden bij elkaar opgeteld en gedeeld door het aantal inwoners van Nederland. Daarbij is alleen de dosis die mensen oplopen bij therapeutische verrichtingen in ziekenhuizen niet meegenomen, zoals bij radiotherapie. Deze straling wordt bewust toegediend om de betreffende patiënt te behandelen. Om de doses te berekenen doet RIVM periodiek onderzoek naar het gebruik van medische straling en de concentratie van radon en thoron in woningen. De van nature aanwezige straling uit de kosmos en bodem meet het RIVM met het Nationaal Meetnet Radioactiviteit.

De bijdragen van de verschillende bronnen zijn bepaald volgens de meest recente inzichten en internationaal vastgestelde berekeningsmethoden. De laatste resultaten van het  onderzoek naar radon en thoron in woningen zijn nu verwerkt in bovenstaande figuur.Dit leidde tot een gemiddeld iets hogere bijdrage van radon en thoron: van de in het verleden geschatte 0,55 mSv/jr naar 0,65 mSv/jr. Wel moet worden opgemerkts dat er momenteel een internationale discussie gaande is over de berekeningsmethode. Dat kan in de toekomst leiden tot een verdere verhoging van de bijdrage van radon en thoron aan de totale stralingsbelasting.  Naast een aanpassing voor de bijdrage van radon en thoron is in september 2015 de inschatting van de dosis via de voeding verlaagd tot 0,30 mSv/jr, omdat in het verleden de dosis door blootstelling aan K-40 te hoog is ingeschat.

De ontwikkeling van de Nederlandse stralingsbelasting

In het verleden zijn op verschillende momenten schattingen gemaakt van de stralingsbelasting van de Nederlandse bevolking. Onderstaande tabel geeft de inzichten van afgelopen jaren in stralingsdoses per bron weer.

Stralingsbelasting per bron
Stralingsbelasting (mSv) NL 2013 NL 2008 NL 2000 NL 1987 NL 1976

Kosmisch

0,24

0,22

0,28

0,28

0,3

Radon/thoron in woning

0,65

0,55

0,82

0,77

 

Medisch

1,00

0,81

0,59

0,47

0.30-0.5

Voedsel

0,30

0,37

0,37

0,37

0.20-0.30

Bouwmaterialen

0,35

0,35

0,34

0,36

0.25-1

Bodem

0,04

0,04

0,04

0,04

 

Overig

0,03

0,03

0,03

0,05

0.04-0.07

 

 

 

 

 

 

Totaal

2,61

2,37

2,47

2,34

2,1

De gegevens in de tabel zijn afkomstig uit:

Vergelijking met het buitenland

In vergelijking met het buitenland is de stralingsbelasting in Nederland laag. In veel landen is de medische stralingscomponent hoger, en in nagenoeg alle landen is de blootstelling aan radon hoger dan in Nederland. De tabel illustreert de verschillen tussen Nederland en enkele andere landen.

Stralingsbelasting buitenland
Stralingsbelasting (mSv) NL 2013 BE 2014 DU 2009 UK 2005 US 2006

kosmisch

0,24

0,34

0,3

0,33

0,31

radon/thoron

0,65

2

1,1

1,3

2,29

medisch

1,00

2,66

1,9

0,41

2,98

ingestie

0,30

 

0,3

0,25

0,31

bouwmaterialen en terr.

0,39

0,4

0,4

0,35

0,19

overig

0,03

0,12

0,1

0,01

0,12

 

 

 

 

 

 

totaal

2,61

5,52

4,1

2,7

6,2

De gegevens in de tabel zijn afkomstig uit:

Home / Onderwerpen / S / Stralingsbelasting in Nederland / Aandeel per stralingsbron

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu