Ziektes van risicogroepen

Mensen uit risicogroepen hebben ofwel meer last wanneer ze een zoönose oplopen, ofwel ze lopen beroepshalve meer risico door meer contact met dieren of dierlijke producten om een zoönose op te lopen dan mensen van andere beroepen.

Aan welke ziektes moeten mensen uit risicogroepen speciaal denken?

De YOPI ’s zijn uiteraard gevoeliger voor alle zoönosen, maar er zijn een aantal ziektes waar extra nadruk op wordt gelegd:

  • Baby’s, tot één jaar, zijn zeer gevoelig voor botulismesporen, zelfs in hele kleine hoeveelheden. Het wordt daarom afgeraden om kinderen tot één jaar honing te geven.
  • Jonge kinderen en ouderen zijn zeer gevoelig voor uitdroging. Besmettingen van voedsel met diarree verwekkende bacteriën zoals Salmonella, Campylobacter en E.coli kunnen ernstige gevolgen hebben. Zorg voor goede keukenhygiëne en de juiste bewaartemperatuur van voedsel, zeker voor de voeding van deze groepen. Verhit voedsel door en door en eet zeker geen rauwe eieren (bijvoorbeeld verwerkt in mayonaise, bavarois of chocolademousse).
  • Een vervelende maar meestal redelijk onschuldige diarreeverwekker als Cryptosporidium kan bij hivgeinfecteerden veel ernstiger en langduriger problemen veroorzaken. Goede persoonlijke hygiëne, uiterste hygiëne in de keuken en een weloverwogen contact met dieren zijn van het grootste belang voor alle mensen met verminderde weerstand.
  • Zwangere vrouwen moeten extra beducht zijn op Toxoplasma-infecties en op Listeria-infecties, vanwege de grote risico’s voor het ongeboren kind. Eet geen rauwmelkse producten, verhit voedsel door en door, eet geen rauw vlees (bijvoorbeeld geen tartaar, carpaccio, biefstuk die nog rood is, osseworst, filet américain) of voorverpakte gerookte vis (bijvoorbeeld gerookte zalm), zorg voor goede hygiëne in de keuken, was groente en fruit uitgebreid met schoon water. Verschoon niet zelf de kattebak. Gebruik tuinhandschoenen en was de handen zorgvuldig na tuinieren. Assistentie bij het lammeren van schapen en geiten kan beter niet door zwangere vrouwen verleend worden, behalve Toxoplasma- en Listeria-infecties komen ook Chlamydophila en Q-koorts bij deze dieren met enige regelmaat voor. Besmetting met deze ziekteverwekkers kan ernstige gevolgen hebben voor het ongeboren kind.

Meer informatie over over abortus bij kleine herkauwers is te vinden op de website van het ministerie van EL&I en in de folder van de Gezondheidsdienst voor Dieren.

Informatie over zwangerschap en de lammertijd is te vinden op de website van de Health Protection Agency

Voor informatie over zwangerschap en infectieziekten klik op onderstaande banner om naar de themasite te gaan.

Banner Zwangerschap en infectieziekten

De beroepsgebonden ziekten zijn zeer afhankelijk van het soort beroep dat wordt uitgeoefend. Een ringworm-infectie wordt bijvoorbeeld bij bijna de helft van de dierenartsen wel eens gezien. Mensen die veel in contact komen met landbouwhuisdieren zouden bij vage griepachtige verschijnselen ook moeten denken aan de mogelijkheid van Q-fever. Deze bacterie wordt zeker in de lammer- en kalvertijd in grote hoeveelheden uitgescheiden.
Met name slachthuispersoneel en mensen die werken in de visverwerkende industrie lopen het risico op een infectie met Erysipelothrix (vlekziekte, visroos).
Voor allen die beroepsmatig met dieren of dierlijke producten in aanraking komen geldt: draag indien mogelijk beschermende kleding, zorg voor goede persoonlijke hygiëne, zorg voor ontsmetting indien nodig en ken de momenten waarop extra risico gelopen wordt, bijvoorbeeld in de kalver- of lammertijd. Bij ziekte of twijfel: consulteer een huisarts en vertel op wat voor manier u denkt dat uw beroep of de omgang met dieren met de ziekte te maken kunnen hebben.

Kijk voor uitgebreide informatie over beroepsgebonden infectieziekten op de website KIZA (Kennissysteem Infectieziekten en Arbeid). 

 

 

Home / Onderwerpen / Z / Ziek door dier / Besmettingsroutes / Risicogroepen / Ziektes van risicogroepen

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu