U bevindt zich op: Home › Onderwerpen › Ziekten & Aandoeningen › C › Cytomegalovirusinfectie › Zwangerschap Cytomegalovirusinfectie
Informatie over cytomegalovirus bij zwangeren
Het cytomegalovirus (CMV) is een veelvoorkomend virus dat in lichaamsvloeistoffen zoals urine en speeksel kan zitten. Soms leidt een infectie met CMV tot koorts en moeheid, meestal merkt men niets.
Verwekker: cytomegalovirus (CMV).
Transmissieroute: direct en indirect contact met speeksel en urine.
Incubatietijd: 3 – 12 weken.
Symptomen: meestal asymptomatisch, soms koorts en moeheid.
Besmettelijke periode: tijdens de primaire infectie, maar ook
daarna tijdens perioden van asymptomatische reactivatie. Bij 10-30%
van de peuters en kleuters is CMV aantoonbaar in speeksel of urine.
Bij een primo-infectie met CMV in de zwangerschap is de kans dat de zwangere het virus via de placenta overdraagt op het kind ongeveer 50%:
• Van deze geïnfecteerde kinderen heeft 5 tot 10% al bij de
geboorte meer of minder ernstige symptomen.
• Bij 10 tot 15% van de ogenschijnlijk gezond geboren geïnfecteerde
kinderen ontstaan er in de loop van de eerste levensjaren alsnog
symptomen in de vorm van motorische of mentale retardatie of
doofheid.
Er is geen duidelijke relatie aangetoond tussen het tijdstip van infectie in de zwangerschap en de aard van de afwijkingen. Wel lijkt infectie in de eerste helft van de zwangerschap tot ernstigere schade te leiden. Wie tijdens de zwangerschap voor het eerst in aanraking komt met CMV (die kans is minder dan 1%) kan het virus overdragen op het kind. Bij een klein deel van de voor de geboorte geïnfecteerde kinderen leidt dit tot aangeboren afwijkingen.
Was de handen na contact met urine (luiers), bloed of speeksel om de kans op besmetting te verkleinen.