U bevindt zich op: Home › Onderwerpen › Ziekten & Aandoeningen › P › Papegaaienziekte › Besmetting Papegaaienziekte
De bacterie wordt door besmette vogels, met of zonder ziekteverschijnselen, uitgescheiden in alle lichaamsvochten (slijm, traanvocht, mest, snot).
Buiten het dier kan de bacterie vrij lang overleven. Infectieuze
bacteriën zitten daardoor ook in bijvoorbeeld het volièrezand. Via
lucht en stofdeeltjes verplaatsen de bacteriën zich en worden door
andere vogels of de mens ingeademd. Onder omstandigheden van stress
(bijvoorbeeld door transport of wanneer er (te)veel vogels bij
elkaar in een hok zitten) worden er meer bacteriën uitgescheiden.
Mensen lopen het meeste risico zich te besmetten wanneer zij
intensief contact met vogels hebben, zoals vogelkwekers, personeel
van dierenwinkels en pluimveehouders. Echter ook het bezoeken van
iemand met één parkiet in een kooitje kan soms al voldoende zijn om
besmetting op te lopen.