Uitslag

Uitslag

 

  1. Hoe krijg ik de uitslag?
  2. Wat kan de uitslag zijn?

1. Hoe krijg ik de uitslag?

Als u wordt uitgenodigd ontvangt u schriftelijk de uitslag van het onderzoek. Als er afwijkingen zijn gevonden neemt de huisarts eerst contact met u op. De uitslagbrieven kunt u vinden onder downloads aan de rechterkant van de pagina.

2. Wat kan de uitslag zijn?

De volgende adviezen en uitslagen zijn mogelijk (uitleg staat onder de streep hieronder).

  • Over 5 jaar weer een uitnodiging:
    PAP 1 of KOPAC P1/A1-2/C1
  • Na 6 weken opnieuw een uitstrijkje:
    PAP 0 of KOPAC B3
  • Verder onderzoek na 6 maanden:
    PAP 2 (of KOPAC P2-3/A3/C3) en PAP 3a1 (of KOPAC P4/C4-5)
  • Verder onderzoek bij de gynaecoloog:
    PAP 3a2 (KOPAC P5/A4/A5) en PAP 3b (of KOPAC P6/A5/C6) en PAP 4 (KOPAC P7/A6/C7) en PAP 5 (KOPAC P8/P9/A7/A8/C9)

Wie doet het bevolkingsonderzoek 

 




Over 5 jaar weer een uitnodiging:
PAP 1 of KOPAC P1/A1-2/C1

Het uitstrijkje is normaal. Er zijn dus geen afwijkende cellen gevonden. U krijgt over vijf jaar een nieuwe uitnodiging.

In 2008 kreeg 95% van de onderzochte vrouwen deze uitslag. Dat waren 471.932 van de in totaal 497.501 onderzochte vrouwen die hebben meegegedaan aan het bevolkingsonderzoek.

Het is belangrijk om te weten dat een uitstrijkje geen totale zekerheid geeft. Bij dit onderzoek wordt ook alleen gekeken naar baarmoederhalskanker en niet naar andere vormen van kanker. Dus hebt u de volgende klachten? Ga dan meteen naar uw huisarts.
• bloeding tijdens of vlak na seks;
• bloeding na de overgang, bijvoorbeeld als u al meer dan een jaar niet ongesteld bent geweest;
• bloeding tussen twee menstruatieperiodes in;
• ongewone afscheiding uit uw vagina. 
 
Na 6 weken opnieuw een uitstrijkje laten maken:
PAP 0 of KOPAC B3
 
Het uitstrijkje was niet goed te beoordelen. Dit komt bijvoorbeeld omdat er te weinig cellen waren of omdat er te veel bloed in het uitstrijkje zat. U krijgt het advies om over 6 weken opnieuw een uitstrijkje laten maken. Meestal is de uitslag dan normaal. Dit uitstrijkje is gratis.

In 2008 kreeg 1,9% van de vrouwen deze uitslag. Dat waren 9.452 vrouwen van de 497.501 die hebben meegedaan aan het onderzoek.

Verder onderzoek na 6 maanden:
PAP 2 (of KOPAC P2-3/A3/C3) en PAP3a1 (of KOPAC P4/C4-5)
 
In het uitstrijkje zijn licht afwijkende cellen gevonden. Deze cellen zijn geen baarmoederhalskanker. 
 
In 2008 kreeg 2,5% van de vrouwen deze uitslag. Dat waren 12.596 vrouwen van de 497.501 die hebben meegedaan aan het bevolkingsonderzoek.

Vaak verdwijnen de afwijkende cellen vanzelf. Het afweersysteem van het lichaam ruimt de cellen zelf op. Dit kan één tot anderhalf jaar duren. Daarom krijgt u het advies om na 6 en 12 maanden een uitstrijkje te laten maken. De huisarts kan dan kijken of de afwijkende cellen weg zijn. Van iedere 200 vrouwen verdwijnt bij ongeveer 130 vrouwen de afwijking vanzelf. Als de afwijking niet verdwijnt wordt u doorverwezen naar de gynaecoloog.

Vaak wordt er bij het uitstrijkje na 6 maanden ook een HPV-test gedaan. Wilt u hierover meer informatie? Klik dan op verder onderzoek aan de linkerkant van de pagina.  

Verder onderzoek bij de gynaecoloog
In het uitstrijkje zijn afwijkingen gevonden. Er is verder onderzoek nodig bij de gynaecoloog om te kijken of er echt een afwijking is.

In 2008 kreeg 0,7% van de vrouwen deze uitslag. Van elke 10.000 vrouwen krijgen ongeveer 70 vrouwen deze uitslag. Als u deze uitslag hebt, verwijst de huisarts u door naar een gynaecoloog voor verder onderzoek. De kans dat u baarmoederhalskanker heeft is klein. Van deze 70 vrouwen hebben 3 vrouwen baarmoederhalskanker. De andere vrouwen hebben een voorstadium van baarmoederhalskanker. Dit voorstadium wordt meestal behandeld om te voorkomen dat baarmoederhalskanker kan ontstaan.

Wilt u hierover meer informatie? Kijk dan bij verder onderzoek.

Terug naar Home

Laatst gewijzigd: 31 januari 2012

Afdrukken