- Home
- Onderwerpen
- Actueel
- Projecten
Projecten
• Landelijke databank voor monitoring en evaluatie
• Richtlijn ontwikkeling
• Risicostratificatie onder de loep
• Ontwikkelingen HPV-screening en thuistesten
• Kennis en kunde bij doktersassistentes
Landelijke databank voor monitoring en evaluatie
Het RIVM-CvB werkt samen met de screeningsorganisaties en andere partijen aan een inventarisatie om te komen tot een landelijke databank voor de monitoring en evaluatie van de bevolkingsonderzoeken naar borstkanker en baarmoederhalskanker. Zo mogelijk komen in de databank ook gegevens over diagnose en behandeling, waardoor gericht monitoren om aansluiting op dit deel van de keten mogelijk te maken. Dankzij de monitor kunnen mogelijke knelpunten in de keten zichtbaar worden. Afhankelijk van het draagvlak en de haalbaarheid gaat de ontwikkeling van de databank in 2010 van start.
Richtlijn ontwikkeling
Binnen het bevolkingsonderzoek naar borstkanker is in september 2009 een werkgroep ‘Richtlijnen BOB’ ingesteld. Deze werkgroep heeft als doel om uitvoerders uit de eerste en tweede lijn van het bevolkingsonderzoek te ondersteunen bij het ontwikkelen en beheren van richtlijnen en protocollen die voor het bevolkingsonderzoek van belang zijn, met name op het gebied van multidisciplinaire thema’s.
Risicostratificatie onder de loep
Uit het veld verneemt het RIVM dat er meerdere initiatieven in Nederland zijn die de mogelijkheden van risicostratificatie onder de loep nemen (LRCB, LUMC, RIVM). Voor zover deze onderzoeken betrekking hebben op het bevolkingsonderzoek naar borstkanker, vindt het RIVM het gewenst dat de samenhang tussen deze onderzoeken wordt bevorderd. Daarom brengt een klankbordgroep de verschillende onderzoeken naar risico en risicostratificatie in kaart.
Het RIVM onderzoekt met een inventariserende literatuurstudie de mogelijkheden om binnen het Nederlandse bevolkingsonderzoek naar borstkanker de risicostratificatie uit te breiden met een aantal biomarkers:
• Familiaire belasting. Deze informatie zou binnen de DigiBOB-opzet (Digitaal BevolkingsOnderzoek Borstkanker) via een internet-anamnese verzameld kunnen worden.
• Reproductieparameters (leeftijd eerste menstruatie, leeftijd bij eerste kind). Ook deze informatie zou via een persoonlijke internetanamnese verzameld kunnen worden.
• Breast density. In de huidige digibobdatabase kan density als een getal binnen de database opgeslagen worden. Vooral density na de menopauze is van belang.
• Bloedbiomarkers die een rol spelen in de verbetering van de individuele risico-inschatting. Er wordt steeds meer onderzoek gedaan naar biomarkers die te detecteren zijn in bloed, zoals SNP’s, eiwitten en epigenetische gebeurtenissen.
Ontwikkelingen HPV-screening en thuistesten
In 2011 wordt door het ministerie van VWS, na advies van de Gezondheidsraad, een besluit genomen over verbeteringen in het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker. Het testen op HPV in plaats van cytologie is één van de onderwerpen. Ook doet het VUMC een onderzoek naar de toepassing van thuistesten op HPV.
Kennis en kunde bij doktersassistentes
Voor veel vrouwen is het belangrijk dat het uitstrijkje door een vrouw wordt uitgevoerd. Om die reden wordt gestimuleerd dat doktersassistentes het uitstrijkje uitvoeren. Daardoor heeft er een verschuiving van taken plaatsgevonden van huisartsen naar doktersassistentes: meer dan 80% van de uitstrijkjes wordt door doktersassistentes gedaan. Ondanks deze taakverschuiving blijft de huisarts eindverantwoordelijk voor de uitvoering en dus ook voor het deskundigheidsniveau van degene die het uitstrijkje in de praktijk uitvoert.
Het RIVM heeft in 2010 geïnventariseerd hoe doktersassistentes aan hun kennis (over bevolkingsonderzoek en baarmoederhalskanker) en kunde (uitstrijkje maken, bejegening) komen in het kader van het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker. Deze inventarisatie geeft inzicht in de informatiestromen, betrokken partijen, het aanbod en de inhoud van scholing. In 2011 werkt het RIVM onder toezicht van en in samenwerking met partijen uit het veld aan verbeterde deskundigheidsbevordering voor doktersassistentes.
