English Abstract This report describes the results of a research
programme on the application of the so-called TRIAD approach for site
specific ecological risk assessment of soil pollution. The method means to
optimise the estimation of actual ecological effects in a specific area or
ecosystem, by gathering multiple evidence along various ways. The TRIAD
includes three pillars consisting of chemical, toxicological and ecological
measurements. Each pillar of the TRIAD can be extended over three tiers,
representing low, middle and high levels of sophistication in research
methods. In the second phase of the field research, three locations were
investigated with emphasis on the selection of a local reference site and
ecological measurements. The chemical, toxicological and ecological
measurements were integrated into an effect estimation per TRIAD-unit and
one overall assessment. Effects were scaled from 0 to 1 and divided into 3
colour-categories to obtain a better overview. Although most bioassays and
ecological indicators were able to characterise the samples, they showed
much lower effects than predicted from the measured concentrations of
pollutants. The (chemical) Toxic Pressure method, based on Species
Sensitivity Distributions, seems to give an overestimation of ecological
effects. It is also less discriminating in situations of multiple substance
pollution exceeding Serious Risk Levels.
Rapport in het kort
Dit rapport beschrijft de tweede fase in het
praktijkonderzoek naar de bruikbaarheid van de TRIADE-benadering voor
locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling. In deze tweede fase werd
gekozen voor een uitbreiding van de ecologische veldwaarnemingen en werd
gestreefd naar een betere locale referenties voor verontreinigde percelen.
Het is een volgende stap in de ontwikkeling van een
beslissingsondersteunende methodiek, die op termijn de huidige
urgentie-systematiek voor bodemverontreiniging zou kunnen aanvullen of
vervangen. De verontreinigingsgraad was op twee van de drie locaties (te)
hoog door de aanwezigheid van een cocktail aan stoffen. De monsters van de
vloeivelden Tilburg voldeden het best aan de doelstelling om een uitgebreide
TRIADE-beoordeling uit te voeren langs een gradient van matig verontreinigde
gronden. De methodiek gaf ook hier een gradatie in effecten weer. Er zijn
een groot aantal bodemecologische metingen uitgeprobeerd. De meeste gaven
onderscheid tussen de monsters. De waargenomen effecten waren kleiner dan
op grond van het TRIADE-onderdeel chemie verwacht zou worden. De keuze van
een goede referentie blijkt een belangrijk en kritisch aspect in de
beoordelingsmethodiek.