Rapport in het kort
In opdracht van de directie Bodem, Water, Stoffen
(ministerie VROM, DGMH) is in verband met de belasting van het
oppervlaktewater met diffuse verontreinigingen onderzoek gedaan naar de
hoeveelheid en samenstelling van over het maaiveld afkomend water
(oppervlakte-afvoer). Het onderzoek bestaat uit een literatuurstudie en het
interpreteren van meetgegevens van derden. De hoeveelheden
oppervlakte-afvoer is afhankelijk van de neerslagintensiteit en -verdeling,
maaiveldberging, infiltratiecapaciteit en ontwateringssituatie. Onder
bepaalkde omstandigheden kan oppervlakte-afvoer enkele tientallen procenten
van de in een periode gevallen neerslag bedragen. Vlak na het uitrijden van
drijfmest kan de belasting van het oppervlaktewater via oppervlakte-afvoer
aanzienlijk zijn, met name bij bevroren ondergrond. De concentraties van de
meeste stoffen in de oppervlakte-afvoer nemen wel af naarmate meer tijd
verstrijkt sinds de laatste bemestingsgift en benaderen na verloop van enige
tijd de concentraties in de neerslag.