RIVM_Logo_Engels

Verantwoording van gegevens en procedures voor de 1e tranche interventiewaarden: van RIVM-rapporten naar de Notitie Interventie-waarden bodemsanering

Publiekssamenvatting

In 1994 is de Notitie Interventiewaarden Bodemsanering aangeboden aan de Tweede Kamer en zijn na goedkeuring door de Tweede Kamer de interventiewaarden van kracht geworden. Tijdens het proces van de eerste rapportage van zowel de humaan-toxicologische als ecotoxicologische onderbouwing van voorstellen voor de interventiewaarden (rapportnrs. 725201001, 725201006 en 725201007) naar de Notitie Interventiewaarden Bodemsanering zijn, mede naar aanleiding van het TCB-advies, wijzigingen aangebracht in modellen, parameters en gegevens, welke nooit gerapporteerd zijn. Dit rapport biedt een reconstructie van (wijzigingen in) gebruikte gegevens, modellen en parameters. Geconstateerd wordt dat voor een zestal stoffen de wateroplosbaarheid met een verkeerde eenheid is ingevoerd, met gevolgen voor de berekende humaan-toxicologische ernstige-bodemverontreinigingsconcentraties en in een aantal gevallen ook de interventiewaarden voor grond en/of grondwater. Ook de spreiding (onzekerheid) die voor een aantal fysisch-chemische parameters in de literatuur gevonden werd, heeft gevolgen voor de afgeleide voorstellen voor de interventiewaarden voor bodem en grondwater voor de stoffen van de 1e tranche. Op basis van deze inventarisatie worden voor een aantal stoffen voorstellen gedaan voor bijstelling van de interventiewaarde grond (dichloormethaan, pyridine, cyclohexanon en tetrahydrofuran) en voor vijf (carbaryl, carbofuran, pyridine, tetrahydrofuran en tetrahydrothiofeen) van de zes stoffen waarvan de wateroplosbaarheid foutief is ingevoerd, zijn bijstellingen noodzakelijk in de interventiewaarden grondwater. Bovendien is nu een voorstel mogelijk voor propoxur. Voor chryseen wordt een bijgesteld voorstel gedaan naar aanleiding van nieuwe gegevens verkregen bij de inventarisatie van de fysisch-chemische parameters.

Synopsis

In 1994 the Memorandum on the Intervention values for soil clean-up was presented to the Lower House of the Dutch government. These intervention values for soil clean-up became operative after approval by the Lower House. In the process occurring between the first human-toxicological and ecotoxicological-based reports (RIVM report nos. 725101001, 725201006 and 725201007), falling under the proposals for the intervention values, adjustments/changes were made in models, parameters and data, which have never been published. Another reason for this was the TCB-advice (TCB report no 92/A 01). This report offers the reconstruction of the (changes/adjustments in the) data, models and parameters. It was ascertained that for six compounds the water solubility had been used with the wrong unit. This has consequences for the human-toxicological, serious soil contamination concentration calculated, and in several cases, also for the intervention values for soil and/or groundwater. The variation found in the literature for several of the physico-chemical parameters (water solubility, vapor pressure and octanol-water partition coefficient) also has consequences for the calculated intervention values. For a limited number of compounds changes are suggested for the proposals for the intervention values for soil (dichloromethane, pyridine, cyclohexanone, terahydrofuran) and groundwater (carbaryl, carbofuran, pyridine, tetrahydrofuran, tetrahydrothiophene and chrysene). Proposals for propoxur are also possible, on the basis of the data collected.
 

Home / Documents and publications / Verantwoording van gegevens en procedures voor de 1e tranche interventiewaarden: van RIVM-rapporten naar de Notitie Interventie-waarden bodemsanering

RIVM Committed to health and sustainability
Menu