RIVM_Logo_Engels

Adverse Events Following Immunisation under the National Vaccination Programme of The Netherlands Number VIII - Reports in 2001

Postavaccinale gebeurtenissen na vaccinaties van het Rijksvaccinatieprogramma. Deel VIII - Meldingen in 2001

Publiekssamenvatting

Sinds 1962 bewaakt het RIVM de veiligheid van het Rijksvaccinatieprogramma. Vanaf 1964 gebeurt dat in nauwe samenwerking met de Gezondheidsraad. Het merendeel van de meldingen van vermoede bijwerkingen komt binnen via de telefoondienst van het RIVM, waarbij de meeste meldingen afkomstig zijn van de Jeugdgezondheidszorg. Nadere informatie wordt zonodig verkregen van ouders en behandelende artsen. Na aanvulling en verificatie wordt aan de hand van de (werk)diagnose de causaliteit beoordeeld. Alle in 2001 binnengekomen meldingen zijn in dit rapport opgenomen en gerubriceerd naar aard van de gebeurtenis en naar causaal verband. Onderrapportage, vertekening en specifieke beelden worden besproken, met aandacht voor effecten van de vervroeging van het vaccinatieschema. Er zijn 1331 meldingen binnengekomen, op een totaal van bijna 2,5 miljoen vaccinaties. Hiervan waren 17 (1,3%) meldingen niet te beoordelen vanwege ontbrekende informatie. Bij 82% (1091) van de meldingen werd een mogelijk causaal verband vastgesteld en bij 223 meldingen (18%) werd een oorzakelijk verband onwaarschijnlijk of afwezig geacht. De stijging van het aantal meldingen in 2001 (17% meer dan in 2000) wordt besproken.

Synopsis

Adverse events following immunisation (AEFIs) in the National Vaccination Programme of the Netherlands (RVP) have been monitored through an enhanced passive surveillance system by RIVM since 1962. From 1984 onwards evaluation was done in close collaboration with the Dutch Health Council. Reports are received mainly from child health care professionals, primarily by telephone through the vaccine information and advisory service. Further data are obtained, if necessary, from such sources as parents, general practitioners and paediatricians. After supplementation and verification of data, a (working) diagnosis is made and causality assessed. This annual report for 2001 presents an overview of all reported AEFIs with classification according to case definitions and causality. Trend analysis, reporting bias, background rates of specific events and possible pathophysiology of symptoms are discussed. From a total of nearly 2.5 million vaccinations 1331 AEFIs were reported, of which 17 (1.3%) were unclassifiable because of missing information. In 82% (1091) of the classifiable events a possible causal relationship with vaccination was established, and in 18% (223) the events were judged as coincidental. The increase in the number of notifications in 2001 (17% more than in 2000) is also discussed.
 

Home / Documents and publications / Adverse Events Following Immunisation under the National Vaccination Programme of The Netherlands Number VIII - Reports in 2001

RIVM Committed to health and sustainability
Menu