Infectieziekten Bulletin

jaargang 12 nummer 1 (ISIS) blz. 11-12

Aangifte en vrijwillige surveillance via internet; een ISIS-pilot

Arnold Bosman1, Edward van Straten1, Lian Bovee2, Jeannette de Boer3, Jan van Wijngaarden4
  1. Centrum voor Infectieziekten Epidemiologie (CIE) RIVM, Bilthoven.
  2. afdeling AGZ, GGD Amstelveen.
  3. afdeling Infectieziekten GG&GD Amsterdam.
  4. Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) Den Haag.

Samenvatting

Binnen het ISIS-project is een haalbaarheidsstudie gestart naar melding van infectieziekten door GGD's via internet. Twee GGD's zullen in januari en februari 2001 bij-wijze van proef-aangiftes en vrijwillige meldingen via internet doorsturen naar IGZ en RIVM. Hiertoe is een elektronisch formulier ontworpen, waarmee per ziekte alle relevante gegevens kunnen worden gemeld. Ook is het mogelijk om voorlopige meldingen te verzenden terwijl nog niet alle relevante gegevens bekend zijn. Hierdoor is het theoretisch mogelijk om de bestaande meldingsvertraging te verkleinen. In maart verschijnt de eindrapportage van deze haalbaarheidsstudie

Abstract

A feasibility study has started within the ISIS project, targeted on notification and reporting of infectious diseases by municipal health services through the Internet. Two Municipal Health Services will be sending test-data trhough the internet in januari and february of this year. An electronic notification form has been designed for this purpose, fitted to record all relevant data per disease. The pilot-system includes the possibility of senidng preliminary forms, while additional data are still being collected. This will hopefully deminish the existing reporting delay, characteristic for the old system using paper forms. A report on this feasibility study will be released in March 2001.

Achtergrond

Sinds april 1999 is de nieuwe infectieziektewet in werking getreden. Dit heeft onder meer invloed gehad op de manier waarop de GGD gegevens over aangifteplichtige aandoeningen verzendt. Omdat surveillance uitdrukkelijk geen doel meer is van de wet, is het aantal gegevens dat per aangifte aan IGZ moet worden gemeld beperkt tot een minimumaantal dat nodig is voor toezicht op de kwaliteit van de infectieziektebestrijding. Het RIVM heeft de taak om landelijke surveillance uit te voeren van infectieziekten, met inbegrip van de aangifteplichtige aandoeningen. Hiertoe is een vrijwillige registratie opgezet, waarbij voor iedere aangifte relevante aanvullende gegevens worden gevraagd1. Dit heeft tot gevolg dat de GGD per aangifte de relevante gegevens nu op 2 verschillende formulieren moet noteren en verzenden naar respectievelijk IGZ en RIVM, terwijl voorheen de relevante data op 1 kaart konden worden gezet.

Probleemstelling

Het aantal administratieve handelingen bij de GGD is complexer geworden met de invoering de vrijwillige surveillance. Al eerder hebben GGD’s en IGZ de vraag gesteld of melding kan worden ondersteund door automatisering. Een mogelijke aanpak is om als alternatief voor de papieren vorm van melding gebruik te maken van het internet. Het is echter niet vanzelfsprekend dat het invoeren van meldingsgegevens via internet voor de GGD wat betreft organisatie en logistiek eenvoudiger is dan het gebruik van formulieren van papier. Dit was een belangrijke reden om een haalbaarheidsstudie naar melding van infectieziekten via internet op te zetten.

Aanpak

Het RIVM heeft aan een extern automatiseringsbedrijf de opdracht gegeven om een onderzoek uit te voeren naar de haalbaarheid van melding van infectieziekten via internet bij de GGD’s. Hiertoe wordt een prototype van een elektronische meldingskaart ontworpen, waarop zowel gegevens voor IGZ als voor het RIVM kunnen worden ingevuld. De meldingskaart kan op de GGD via een PC worden ingevuld en worden verstuurd. Nadat de gegevens zijn beveiligd met een encryptiemethode, wordt een deel naar IGZ en een deel naar het RIVM verstuurd via internet.
Een nieuw element zal zijn dat het mogelijk is om voorlopige meldingen te doen. Dit is vooral van belang wanneer de GGD nog niet over alle benodigde gegevens per melding beschikt. Om de aangifte naar IGZ hierdoor niet te vertragen, kan de GGD een voorlopige melding via internet doen van de beschikbare gegevens. De GGD houdt een overzicht van alle meldingskaarten die zijn ingevoerd en verstuurd. Zodra alle benodigde gegevens aanwezig zijn, kan de GGD de oude meldingsformulieren weer selecteren, compleet maken en definitief versturen. Het is de verwachting dat hierdoor vertraging in aangifte kan worden teruggebracht. Bijkomend voordeel is dat de ingestuurde gegevens voor de GGD zelf te gebruiken zijn voor analyse.
Het haalbaarheidsonderzoek zal worden uitgevoerd bij de GGD Amstelland-de Meerlanden en de GG&GD Amsterdam, gedurende de maanden januari en februari 2001. Tijdens die periode zal ook bij IGZ en het RIVM worden onderzocht welke andere factoren van belang zijn bij het ontwikkelen van een meldingssysteem via Internet.

Uitkomsten

In maart 2001 zal het onderzoek zijn afgerond en wordt over de resultaten gerapporteerd. De rapportage zal zich richten op organisatorische en logistieke haalbaarheidsaspecten van melding via internet bij de GGD’s en op technische aspecten als beveiliging. De resultaten moeten bruikbaar zijn om aan te geven wat er nodig is voor de ontwikkeling en bouw van een uiteindelijk systeem voor melding via internet.

De resultaten van dit onderzoek zullen worden beschreven in het Infectieziekten Bulletin.

Literatuur
  1. Bosman A, Talsma E, Van Vliet H. Evaluatie vrijwillige surveillance. Infectieziektenbulletin 2000, jaargang 11 nummer 8 blz. 140-143


ib home rivm home
Voor vragen of suggesties over deze pagina kunt u contact opnemen met de redactie van het IB

Copyright © 2001 RIVM/CIE
Update: 19-1-2001 15:57:36