U bevindt zich op: Home Normen Consumenten MRL

MRL

Gewijzigd op:08-06-2015

De Maximale Residu Limiet is het wettelijk toegestane maximale restgehalte (residu) van een stof in of op levensmiddelen.

MRL waarden vindt u op andere websites.

Levensmiddelen kunnen primaire agrarische producten zijn zoals vlees, melk en groente en fruit, of verwerkte producten zoals tot rozijnen verwerkte druiven. Residuen kunnen daarin terecht komen door het gebruik van gewasbeschermingsmiddelenbiociden of  diergeneesmiddelen. De MRL wordt vastgesteld voor de werkzame stof van deze middelen. Ook voor sommige omzettingsproducten (metabolieten) worden MRL's afgeleid als dat nodig is. Een MRL is een productnorm die wordt vastgesteld per stof-levensmiddelcombinatie.

Doel van MRL's

Door het vaststellen van MRL's wordt de voedselveiligheid gewaarborgd. De Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) gebruikt de MRL's om te controleren op misbruik van gewasbeschermingsmiddelen, biociden en diergeneesmiddelen. Ook vergemakkelijken MRL's de internationale handel van levensmiddelen. Binnen Europa zijn de MRL's daarom gelijk gesteld. Wereldwijd zijn via de Codex Alimentarius, een samenwerkingsverband van WHO en FAO, de MRL's zoveel mogelijk gelijk gesteld.

Gewasbeschermingsmiddelen

Werkzame stoffen worden op EU-niveau beoordeeld. Wanneer er één veilig gebruik is, wordt een werkzame stof op Europees niveau toegelaten. De Europese Commissie (EC) kan dan overgaan tot het vaststellen van MRL’s per stof-levensmiddelcombinatie. De MRL's worden bepaald door wat er maximaal aan residu van een werkzame stof in primair agrarische producten verwacht wordt, bij "goed landbouwkundig gebruik" van middelen waarvoor toelating is aangevraagd. Het gaat dus niet om een toxicologische grens en bij overschrijding van de MRL is er niet noodzakelijk reden tot ongerustheid over de menselijke gezondheid.
Een werkgroep van de EC stelt daarop een risicobeoordeling voor de volksgezondheid op. Daarin wordt de verwachte blootstelling op het niveau van de voorgestelde MRL vergeleken met de toxicologische grenswaarden (ADI en ARfD). Alleen MRL’s die niet leiden tot een overschrijding van deze grenswaarden, worden vastgesteld en opgenomen in Verordening EC 396/2005. De middelen op basis waarvan vastgestelde MRL’s zijn afgeleid, kunnen worden toegelaten. De Europese MRL's voor werkzame stoffen in gewasbeschermingsmiddelen vindt u in de EU Pesticiden database. Het is niet toegestaan een gewasbeschermingsmiddel te gebruiken op gewassen waarvoor geen MRL is vastgesteld. Meer informatie over dit proces vindt u op de EU pesticiden pagina.
Nederlandse MRL's voor gewasbeschermingsmiddelen zijn met het tot stand komen van de Europese MRL's komen te vervallen.

Biociden

Er zijn nog geen Europese MRL's voor de actieve stoffen in biociden vastgesteld. Dat betekent dat elke lidstaat zelf de MRL per stof-levensmiddelcombinatie kan vaststellen. Momenteel wordt er binnen de Europese Unie (EU) gewerkt aan richtlijnen voor het afleiden van EU-geharmoniseerde MRL's voor biociden. De toelating van de actieve stof vindt wel plaats op Europees niveau, nadat de stof beoordeeld is op werkzaamheid en veiligheid. Toegelaten actieve stoffen waren tot 1 september 2013 te vinden in de bijlagen van de biocidenrichtlijn 98/8/EG. Daarna zijn de toegelaten actieve stoffen binnen de (nieuwe) Verordening (EU) 528/2012 opgenomen in de Unielijst van Goedgekeurde Werkzame Stoffen. MRL's mogen pas vastgesteld worden wanneer een stof is opgenomen in deze Unielijst.
In Nederland zijn MRL's voor biociden vastgelegd in de Warenwetregeling Residuen van Bestrijdingsmiddelen van 25 augustus 2008. De vastgestelde nationale MRL's kunt u vinden in de bijlagen van deze regeling.

Diergeneesmiddelen

De EU stelt op advies van de Committee for Veterinary Medicinal Products (CVMP), onderdeel van de EMA, de MRL’s vast voor de residuen van diergeneesmiddelen in dierlijke producten (vlees, melk, eieren, honing) per stof-levensmiddelencombinatie. Deze worden opgenomen in Tabel I van Verordening (EU) 37/2010. De MRL waarborgt dat er geen risico voor de gezondheid is bij consumptie van de dierlijke producten wanneer de limiet niet overschreden wordt. Deze limieten zijn dan ook gebaseerd op de acceptabele dagelijkse inname (ADI) van een stof, afgeleid uit toxiciteitstudies, en een standaard dagelijks te consumeren 'worst-case' voedselconsumptiepakket. Om de vastgestelde MRL's niet te overschrijden stelt de overheid een wachttermijn vast voor alle diergeneesmiddelen die op de Nederlandse markt komen. Wachttermijnen zijn noodzakelijke tijden die moeten verstrijken tussen de laatste toediening van een diergeneesmiddel aan een dier en de verkrijging van levensmiddelen (vlees, melk, eieren, honig) van dit dier. Op de website de EMA vindt u de MRL's die vastgesteld zijn voor de residuen van alle diergeneesmiddelen, en een korte samenvatting van de beoordeling in de European Public MRL Assessment Report (EPMAR).

Diergeneesmiddel én Gewasbeschermingsmiddel en/of Biocide

Soms wordt een actieve stof zowel in diergeneesmiddelen als in gewasgeschermingsmiddelen of biociden gebruikt. De consument kan dan zowel via dierlijke producten als plantaardige producten de stof binnen krijgen. Bij het vaststellen van MRL's voor diergeneesmiddelen in dierlijke producten wordt daarom rekening gehouden met het bestaande gebruik van de stof als gewasbeschermingsmiddel op plantaardige producten.
Echter, dierlijke producten kunnen naast diergeneesmiddelen ook gewasbeschermingsmiddelen en biociden bevatten. Dat kan door het eten van gehandelde gewassen door de dieren, door directe behandeling van dieren of indirect door behandeling van de stallen. Daardoor kan het voorkomen dat voor dezelfde stof via verschillende autoriteiten een MRL voor dierlijke producten moet worden afgeleid. In dit geval zal uiteindelijk de hoogste MRL gelden.

Overige informatie

Codex Alimentarius is een samenwerkingsverband van WHO en FAO.
Internationale Codex MRL-waarden voor gewasbeschermingsmiddelen vindt u in de database "Pesticide Residues in Food".
Internationale Codex MRL-waarden voor diergeneesmiddelen zijn te vinden in de database "Veterinary Drug Residues in Food"
EMA coördineert de vaststelling van MRL's voor residuen van diergeneesmiddelen. Ook zal EMA de vaststelling van MRL's voor biociden die in dierlijke producten terechtkomen, gaan coördineren.
EFSA is de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid. De NVWA is de verbindende organisatie tussen EFSA en Nederland als lidstaat.

Service