Trillingen

Treinverkeer, andere transportmiddelen en installaties kunnen trillingen in gebouwen veroorzaken. Trillingsbronnen oefenen een kracht uit op bijvoorbeeld de rails of de fundering en ondergrond, waardoor trillingen ontstaan. Deze trillingen kunnen zich verspreiden door de bodem en beton, maar ook door water. Dit is een complex proces en vereist vaak een ingewikkelde wiskundige berekening om vooraf te schatten in welke mate mensen eraan blootgesteld worden.

Net als bij geluid kunnen mensen trillingen als onplezierig en/of storend ervaren. Geluid is een prikkel buiten het lichaam, waaraan je kunt ontsnappen door bijvoorbeeld naar een rustige kamer te gaan, of door de ramen te sluiten. Dit is anders bij trillingen. Omdat trillingen in het lichaam gevoeld worden, hebben mensen vaak het gevoel dat ze er niet aan kunnen ontsnappen.  Trillingen worden gevoeld wanneer het menselijk lichaam in contact komt met een trillend oppervlak. Als je niet weet waar de trillingen vandaan komen, wordt dat als meer bedreigend ervaren.

Internationaal onderzoek naar effecten van trillingen van treinen – ook in Nederland, is vooral gericht op hinder, slaapverstoring en verstoring van andere activiteiten, zoals concentratie, luisteren, tv kijken, praten met gezin of vrienden (Van Kempen et al, 2013).  Langetermijn gezondheidseffecten zijn niet of onvoldoende onderzocht. Er bestaat geen overkoepelende Europese regelgeving voor wat betreft trillingen. De enige wettelijke regelingen in Nederland op het gebied van trillingen in de woonomgeving zijn het Activiteitenbesluit Milieubeheer en het Bouwbesluit. In Europa bestaat er, voor zover bekend, alleen in Noorwegen en Zwitserland een wettelijke regeling.

In 2014 heeft RIVM een rapport gepubliceerd over de resultaten van een vragenlijstonderzoek onder mensen van 16 jaar en ouder wonend binnen 300 meter van het spoor in Nederland. Ten tijde van het onderzoek ging het naar schatting om 1.347.400 bewoners. Ongeveer 20% van hen gaf destijds aan ernstige hinder te ondervinden van de trillingen die treinen veroorzaken. Zij klaagden over gevoelens van irritatie, boosheid en onbehagen.  In 2019 zal het RIVM een vervolgonderzoek uitvoeren.

In 2018 verscheen een factsheet over de technische aspecten van trillingen van treinen, de gezondheidseffecten en regelgeving.

Een rekenmodel om trillingen te voorspellen

In opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat ontwikkelt een consortium van deskundigen een uniform rekenmodel Spoortrillingen. Het consortium wordt gecoördineerd door het RIVM en ging van start in het voorjaar van 2018.

Voordeel van rekenen boven meten

Dit rekenmodel is nodig omdat er momenteel geen robuuste en gevalideerde rekenmethode beschikbaar is. Dit bleek uit een inventariserend onderzoek dat het RIVM in 2017 afgerond heeft. In de huidige praktijk wordt veel gemeten. Het nadeel van meten is dat het alleen de huidige situatie in beeld brengt. Er kunnen geen voorspellingen mee worden gedaan, bijvoorbeeld welk trillingsniveau verwacht wordt als er een ander type goederentrein gaat rijden. Ook zijn metingen kostbaar.

Trillingsniveau voorspellen

Het doel van de rekenmethode is dan ook voorspellingen te kunnen doen welke trillingsniveaus verwacht kunnen worden. Het model zal gebruikt kunnen worden door ProRail bij spoorprojecten. Ook zouden projectontwikkelaars die bouwen langs het spoor hier gebruik van kunnen maken. Daarnaast zal onderzoek naar de schaal van blootstelling en de effecten daarvan eenvoudiger kunnen worden uitgevoerd.

De basis van het rekenmodel in beeld

Het rekenmodel berekent de trillingsniveaus op basis van drie onderdelen: geluidbron (emissie van treinen en spoor), overdracht in de bodem richting fundering van het gebouw. Zo nodig kan ook de overdracht in het gebouw zelf wordt voorspeld.

Trillingen nieuw rekenmodel

De oplevering

De verwachting is dat medio 2019 het rekenmodel wordt opgeleverd. De software met gebruikershandleiding wordt voor iedereen te downloaden. Verder zal een technisch document alle ins en outs van het rekenmodel toelichten. Belangrijke onderdelen van het rekenmodel zijn de methode om spoorgegevens in te lezen, een eindige elementen rekenmethode en een koppeling met de basisregistratie ondergrond (BRO) om de bodemeigenschappen te achterhalen. Het rekenmodel kan in de toekomst worden aangevuld met bijvoorbeeld extra trillingsmetingen als bijvoorbeeld nieuwe treinen of spoorbaanconstructies toegevoegd moeten worden.

Partners

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gaf RIVM de opdracht om dit rekenmodel te ontwikkelen. RIVM richtte op haar beurt een consortium van experts op. Ieder consortiumlid levert met zijn eigen expertise een cruciale bouwsteen van het uiteindelijke model. Lid van het consortium zijn: DPA Cauberg-Huygen, Level Acoustics & Vibration, DGMR, Deltares, Movares en RIVM.

 

 

Home / Onderwerpen / G / Geluid / Trillingen

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu