In Nederland zorgen antibioticaresistente bacteriën nog niet voor grote problemen. Maar wereldwijd komen ze steeds meer voor. Alertheid is nodig om problemen in de toekomst te voorkomen. Voor een goede aanpak is het belangrijk te doorgronden wie, wanneer, waarom en hoe ziek men wordt door resistente bacteriën. Maar dat is niet eenvoudig. Epidemioloog Sabine de Greeff vertelt wat bekend is over de ernst en impact van antibioticaresistentie in Nederland.

“Het punt is: we weten niet hoe erg het is,” aldus De Greeff. "We weten wel dat zowel gezonde als zieke mensen steeds vaker resistente bacteriën bij zich dragen.  Maar we weten niet of en zo ja hoeveel ‘dragers’ van deze bacteriën onbehandelbaar ziek worden. Je kunt de bacterie namelijk ook kwijtraken. Of je kunt ze langdurig bij je dragen zonder ergens last van te hebben.”

Lastig is ook dat wanneer een ziek iemand met een resistente bacterie overlijdt, de directe doodsoorzaak moeilijk te bepalen is. Doorgaans is dat de onderliggende ziekte, maar het kan zijn dat de bacterie de genadeklap geeft. “Hoe dat precies werkt, weten we niet. Je wilt in ieder geval voorkomen dat die bacteriën zich verspreiden”, aldus Sabine.

Maatregelen

In Nederland bestaat er een goed ontwikkeld surveillancesysteem om tijdig personen met resistente bacteriën op te sporen. Verder gelden strenge hygiënemaatregelen in ziekenhuizen en zorginstellingen om te voorkomen dat resistente bacteriën zich verspreiden. In landen waar die maatregelen minder goed zijn doorgevoerd, is dat een ander verhaal. Daar wordt de verspreiding niet gestopt en kan het aantal resistente bacteriën snel stijgen. De Greeff: “Dan wordt de kans op (onbehandelbare) infecties aanzienlijk groter.”

Onderzoek

De feiten: in Nederland is 3 tot 10 procent van de bevolking drager van ESBLExtended spectrum beta-lactamases, een enzym dat door bacteriën wordt geproduceerd en bepaalde antibiotica kan afbreken. Om beter te begrijpen wat dat betekent voor het aantal mensen dat ziek wordt of overlijdt (ziektelast), is goed opgezet en langdurig onderzoek nodig, legt De Greeff uit. Bijvoorbeeld naar mensen die drager zijn om te kijken of ze er uiteindelijk ziek van worden. “Maar je kunt ze moeilijk hun hele leven volgen. Dat duurt te lang.” Je kunt ook niet herleiden hoelang ze een bacterie al bij zich dragen. Om de ziektelast te meten, zul je ook moeten kijken naar infecties die worden veroorzaakt door bacteriën die niet resistent zijn. Die komen immers ook voor; bacteriën zijn nu eenmaal overal.

Wat doet het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu op dit gebied? Naast onderzoeken voeren we verdiepende studies uit op basis van surveillance data, vertelt De Greeff. We kijken bijvoorbeeld of dezelfde typen bacteriën voorkomen bij zieke en niet-zieke mensen. De mate van overlap zegt iets over de kans op een infectie bij mensen die resistente bacteriën dragen. “De Greeff: ik wil graag weten hoe het zit. Want iedereen heeft recht op gezondheid.”