Vroege opsporing van borstkanker heeft een positief effect op de overlevingskans en zwaarte van de behandeling (5).

Vroege opsporing geeft meer (be)handelingsopties. Bij vrouwen die niet deelnemen aan het bevolkingsonderzoek worden meer vergevorderde tumoren aangetroffen (2, 22, 23). Meer informatie is beschikbaar bij Feit 7.

Het is een uitdaging voor de toekomst om meer kenmerken van de tumor te kunnen onderscheiden, zodat er gerichter therapie kan worden gegeven. Er wordt veel onderzoek gedaan op dit gebied. Zo is in 2012 een proefschrift over dit onderwerp uitgekomen (51).

Terug naar Feiten en Fabels


Literatuurlijst:

2. Otto SJ, Fracheboud J, Verbeek AL, Boer R, Reijerink-Verheij JC, Otten JDCreutzfeldt-Jakob, et al. Mammography screening and risk of breast cancer death: a population-based case-control study. Cancer Epidemiol Biomarkers Prev. 2012;21(1):66-73.
5. VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport . Adviesaanvraag bevolkingsonderzoek borstkanker. 2012.
22. Fracheboud J, Otto SJ, van Dijck JA, Broeders MJ, Verbeek AL, de Koning HJ, et al. Decreased rates of advanced breast cancer due to mammography screening in The Netherlands. Br J Cancer. 2004;91(5):861-7.
23. Paci E, Ponti A, Zappa M, Patriarca S, Falini P, Delmastro G, et al. Early diagnosis, not differential treatment, explains better survival in service screening. European Journal of Cancer. 2005;41(17):2728-34.
51. van der Vegt B. Looking for factors predicting outcome of breast carcinoma using tissue microarrays. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen; 2012.