Om de kwaliteit van het bevolkingsonderzoek te bewaken is een goede monitoring en evaluatie van de uitvoering van het bevolkingsonderzoek noodzakelijk.

Monitoring is een periodieke activiteit gericht op het borgen en verbeteren van (de kwaliteit van) de uitvoeringsprocessen binnen het bevolkingsonderzoek en een goede aansluiting op de zorg. Door monitoring ontstaat inzicht op welke punten aanpassing van de kwaliteitsborging nodig is of welke maatregelen genomen dienen te worden om de effecten van het bevolkingsonderzoek te verhogen.

Monitoring op landelijk niveau

Voor de landelijke monitor worden gegevens uit de hele keten (bevolkingsonderzoek en aansluitende zorg) verzameld. Hiermee wordt de kwaliteit van het bevolkingsonderzoek darmkanker bewaakt en knelpunten gesignaleerd. De vastgestelde landelijke indicatoren leveren informatie, gebaseerd op gegevens die routinematig tijdens de uitvoering worden geregistreerd. Om monitoring van het bevolkingsonderzoek mogelijk te maken, registreren en leveren de betrokken organisaties en professionals gegevens aan de screeningsorganisatie.

Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu-CvBCentrum voor Bevolkingsonderzoek is verantwoordelijk voor de landelijke monitoring van het bevolkingsonderzoek en de aansluitende zorg. De landelijke monitor wordt jaarlijks, in opdracht van het RIVM-CvB, uitgevoerd. Het RIVM-CvB gebruikt de landelijke monitor om de kwaliteit van het bevolkingsonderzoek darmkanker te bewaken, knelpunten (in de keten) te signalering, bij te kunnen sturen maar ook te verantwoorden naar VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport , inspectie, publiek en andere partners. Het RIVM-CvB publiceert jaarlijks een rapport met de landelijke gegevens.

Monitoring op lokaal en regionaal niveau

De screeningsorganisaties zijn verantwoordelijk voor de lokale en regionale monitoring van het bevolkingsonderzoek en de aansluitende zorg. De screeningsorganisaties gebruiken hiervoor (deels) dezelfde indicatoren als de landelijke monitor om de kwaliteit van het bevolkingsonderzoek darmkanker te bewaken en lokale en/of regionale knelpunten te signaleren.

De prestaties (‘performance’) van de professionals worden continu bewaakt aan de hand van (landelijke) indicatoren en contractuele afspraken. Met behulp van de indicatoren worden de prestaties van de organisaties/professionals met elkaar vergeleken (benchmarking). De referentiefuncties van de screeningsorganisaties informeren hun contractpartners over de geleverde prestaties en gaan na of deze overeenkomen met de gemaakte afspraken in de samenwerkingsovereenkomsten.

Evaluatie

Landelijke evaluatie is een meer incidentele activiteit. Het spectrum van onderwerpen van evaluaties omvat zowel standaard als meer variabele onderdelen. Een belangrijk standaard onderdeel is een verdiepende analyse en interpretatie van de uitkomsten van de monitors over een tijdvak van meerdere jaren. Daarnaast kunnen additionele vragen beantwoord worden. De resultaten van de landelijke monitor en evaluatie worden besproken in de Landelijke Commissie en worden tevens gepubliceerd.

Monitoring intervalcarcinomen

Elke diagnostisch onderzoek kent naast terecht-negatieve uitkomsten ook fout-negatieve resultaten. Dit geldt ook voor de binnen het bevolkingsonderzoek darmkanker gebruikte onderzoeksmethoden; de FIT, coloscopie, CT-colografie en pathologie. Een fout-negatief resultaat van FIT, coloscopie of pathologie kan er toe leiden dat zich na verloop van tijd toch darmkanker openbaart. Wanneer dit gebeurt binnen een bepaalde vooraf vastgestelde periode wordt gesproken van een intervalkanker of intervalcarcinoom.

Om de effectiviteit van het bevolkingsonderzoek te bewaken en de kwaliteit van de FIT en de aansluitende diagnostiek te bewaken en te verbeteren, is het van groot belang het optreden van intervalcarcinomen goed te monitoren. Intervalcarcinomen zijn daarom zowel bij de kwaliteitsboring door de referentiefunctie als in de landelijke monitoring en evaluatie een belangrijk aandachtspunt. In het protocol intervalcarcinomen staat beschreven hoe de monitoring van programmatische kankers binnen het bevolkingsonderzoek plaatsvindt.