Rapport in het kort
Krachtens de Kernenergiewet en het daarmede
samenhangende Besluit Stralingsbescherming Kernenergiewet en het Besluit
Kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen is aan het RIVM per 2 september
1986 een (complex)vergunning verleend voor het voorhanden hebben, het
toepassen en het zich ontdoen van radioactieve stoffen, het voorhanden
hebben en het toepassen van ingekapselde radioactieve bronnen, het
voorhanden hebben van splijtstoffen en het gebruik van ioniserende stralen
uitzendende toestellen. Met het toezicht en de controle op de
stralingsveiligheid en -hygiene met betrekking tot bovenstaande, alsmede het
beheer van de radionuclidenlaboratoria is belast de
Stralingsbeschermingsdienst (SBD) van het Laboratorium voor
Stralingsonderzoek. Teneinde een goede organisatie inzake het omgaan met
radioactieve stoffen, splijtstoffen en rontgentoestellen te waarborgen zijn
door de SBD een aantal voorschriften opgesteld. Deze voorschriften omvatten
naast instructies ten aanzien van de stralingsveiligheid en -hygiene ook een
aantal organisatorische aspecten, waarvan als belangrijk aangemerkt kan
worden de vereiste aanwezigheid van een lokale stralingsdeskundige bij elk
laboratorium, dat onderzoek uitvoert met bovengenoemde stoffen en
toestellen. Deze deskundige heeft ter ondersteuning van de SBD als taak
toezicht en controle op de stralingsveiligheid en -hygiene ter plaatse en is
hierover uitsluitend verantwoording schuldig aan de SBD.