†|†  print

Analyse monitoring data 'convenant Campylobacter aanpak pluimveevlees in Nederland'
[††]

Swart AN, Havelaar AH

26 p in Dutch ††2012

RIVM rapport 330331005
download pdf (534Kb)††

Toon Nederlands

English Abstract
Broiler meat may be contaminated with pathogenic Campylobacter bacteria. When proper hygiene in the kitchen is lacking, this may entail a risk for public health, for example, when meat is inadequately cooked, or cross-contamination may have occured between the meat product and kitchen utensils. An infection typically leads to diarrhea, but may also lead to more severe outcomes such as irritable bowel syndrome.

RIVM has applied an objective risk measure, that can translate Campylobacter contamination of poultry meat to disease incidence for humans. The risks were found to vary over slaughterhouses. The method is therefore useful for assessing the effect of specific interventions aimed at lowering the contamination load.

In 2008 a covenant was signed between the poultry industry (as represented by NEPLUVI) and the ministry of Health Welfare and Sports (VWS). This covenant stipulated that broiler carcasses in 16 poultry slaughterhouses would be regularly tested in 2008 and 2009. Measured were actual numbers of Campylobacter, on both the skin and fillet after cooling. During the summer months, Campylobacter numbers were up to a factor ten higher as compared to winter months.

Clear differences were observed between products originating from different slaughterhouses. Two out of 16 slaughterhouses showed a clearly elevated risk. The periods of higher risk did not always coincide with summer months. This indicates that other causes are relevant, such as general hygiene in slaughterhouses, or a high prevalence of infection at the broiler farm. Eleven slaughterhouses produced meat which was contaminated below average.

The sector has already initiated interventions, such as improvement of hygiene and tuning of equipment. In collaboration with RIVM, the sector continues this research, to make additional analyses of, e.g., the effect the interventions.

RIVM - Bilthoven - the Netherlands - www.rivm.nl

Display English

Rapport in het kort
Pluimveevlees kan besmet zijn met de ziekteverwekkende bacterie Campylobacter. Dit kan een risico vormen voor de volksgezondheid als de consument onvoldoende keukenhygiŽne in acht neemt, bijvoorbeeld door rauw vlees in aanraking te laten komen met andere producten of vlees onvoldoende te verhitten. Een besmetting veroorzaakt meestal diarree, maar kan ook tot ernstigere klachten leiden, zoals het prikkelbare darmsyndroom.

Het RIVM heeft een objectieve risicomaat gebruikt om metingen van aantallen Campylobacter-bacteriŽn op kippenvlees om te zetten naar een indicator voor het aantal te verwachten zieken. Het risico blijkt per slachthuis te kunnen verschillen. Met deze informatie kunnen daardoor specifieke maatregelen worden ingezet.

In 2008 is een convenant getekend tussen de pluimveesector (vertegenwoordigd door NEPLUVI) en het ministerie van VWS. Dit convenant bepaalde dat karkassen van vleeskuikens in zestien slachthuizen in 2009 en 2010 wekelijks zouden worden getest. Gemeten zijn de aantallen Campylobacter op het vel en de aantallen Campylobacter op de filet van de vleeskuikens, nadat ze in de slachthuizen waren gekoeld. De aantallen Campylobacter waren tijdens de zomermaanden tot een factor tien hoger dan in de wintermaanden.

Deze informatie is nu benut om met wiskundige modellen te berekenen wat de blootstelling van de consument was bij de bereiding van kipfilet in de keuken. Deze schatting van de blootstelling is vervolgens gecombineerd met een zogenoemde dosis-responsrelatie, die de kans op ziekte aangeeft als mensen bepaalde hoeveelheden bacteriŽn binnenkrijgen. Het gemiddelde risico van een portie kipfilet bleek in de zomermaanden hoger te zijn dan in de winter.

Er zijn duidelijke verschillen aangetroffen tussen de risico's van producten die van verschillende slachterijen afkomstig waren. Twee van de zestien slachthuizen lieten een duidelijk verhoogd risico zien. De periodes van hoger risico vielen niet altijd samen met de zomerperiode. Dit wijst erop dat er ook andere oorzaken aan de orde waren, zoals de proceshygiŽne in de slachterijen of een hoge besmettingsgraad bij pluimveehouders. Elf slachterijen produceerden vlees waarvan het risico lager dan het gemiddelde was.

De sector is inmiddels begonnen maatregelen te treffen, zoals een betere slachthygiŽne of een betere afstelling van de apparatuur. In samenwerking met onder andere het RIVM zet NEPLUVI dit onderzoek voort om nauwkeurigere analyses te kunnen maken, onder andere van de effecten van de getroffen maatregelen.

RIVM - Bilthoven - Nederland - www.rivm.nl
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM
( 2012-10-09 )