Rapport in het kort
Onderzoek werd verricht naar de invloed van een aantal
factoren op het verloop van de ELISA-procedure volgens Biermann voor het
bepalen van aflatoxine B1. Het onderzoek werd beperkt tot aflatoxine B1
standaardoplossingen en een bepaalde partij ELISA-reagentia.
Microtiterplaat-typen, substraten, concentraties aan antiserum en
enzymconjugaat, oplosmiddelen voor aflatoxine B1, tijd-temperatuur
combinaties van coaten van microtiterplaten, incubatietijden voor
enzymconjugaat en plaat-wasprocedures werden gevarieerd. Costar en Nunc
microtiterplaten gaven betere resultaten dan Greiner en Dynatech
microtiterplaten. Tetramethylbenzidine was een beter substraat dan
orthofenyleendiamine. Een antiserumverdunning 1:16000 (V/V) in combinatie
met een enzymconjugaatverdunning 1:440 (V/V) gaf even goede resultaten als
de voorgeschreven combinatie 1:8000 (V/V) en 1:440 (V/V). Coaten van
microtiterplaten met antiserum gedurende 20 uur bij kamertemperatuur bleek
geschikt te zijn. PBS-methanol en PBS-aceton als oplosmiddel voor
aflatoxine B1 waren beide geschikt. Een incubatietijd van 30 minuten bij
kamertemperatuur bleek voor het enzymconjugaat voldoende. Wassen van
microtiterplaten met de hand gaf geen slechtere resultaten dan wassen met
het RIVM wasapparaat.