|   print

Monitoring data in pesticide registration
[ Monitoring gegevens voor bestrijdingsmiddelentoelating ]
Cornelese A, Boesten JJTI, Leistra M, van der Linden AMA, Linders JBHJ, Pol JW, Verschoor AJ

27 p in English   2003

RIVM rapport 601450015
download pdf (180Kb)  

Toon Nederlands

English Abstract
The Dutch working group for the "Revision of the decision tree leaching" commissioned by the Ministry of Housing, Spatial Planning and the Environment, has worked on the improvement of the decision tree leaching, including triggers, safety factors, scenarios, models, field- en lysimeter studies and monitoring. The guidelines developed by the working group enable a more consistent and comprehensive registration process for pesticide admission. This report deals with monitoring in the decision tree. In the registration process in the Netherlands the precautionary principle will always be followed which implies that a pesticide is not registered until it has been demonstrated that it complies with legal criteria. Monitoring results will be introduced in the final phase of registration. A prerequisite is that the monitoring data comply with generally accepted quality standards and, if applicable, international Good Laboratory Practice protocols. Furthermore the monitoring programmes should be dedicated to the question whether the substance of interest will leach when it is applied according to Good Agricultural Practice. This report gives guidelines for the set-up of monitoring studies and interpretation and evaluation of monitoring data to be used in the registration process. Furthermore guidance for summarising and evaluation of monitoring results is provided.


RIVM - Bilthoven - the Netherlands - www.rivm.nl

Display English

Rapport in het kort
Bij de evaluatie van de toelaatbaarheid van gewasbeschermingsmiddelen spelen gegevens uit laboratorium- en veldexperimenten een belangrijke rol. Ook gegevens uit monitoring programma's kunnen bij de registratie van gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt. Bij de beoordeling van uitspoeling worden gegevens van monitoring programma's in de laatste stadia van de beoordeling gebruikt. Het CTB gaat bij de toelatingsbeoordeling uit van het voorzorgsprincipe. Dat wil zeggen dat een toelating pas wordt verstrekt als uit de evaluatie blijkt dat een stof voldoet aan wettelijke gestelde normen. Om bruikbaar te zijn in het evaluatieproces dienen monitoring gegevens dan ook een antwoord te geven op de vraag of een stof aan de wettelijke normen voldoet. Gezien de plaats in het evaluatieproces dienen aan opzet, uitvoering, interpretatie en evaluatie hoge eisen te worden gesteld. Dit rapport geeft richtlijnen voor elk van deze aspecten van monitoring studies. Tevens wordt een richtlijn gegeven voor het samenvatten van dergelijke studies.


RIVM - Bilthoven - Nederland - www.rivm.nl
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM Alterra CTB
( 2003-09-30 )