|   print

[  ]
 
Erisman JW ; Bleeker A ; Heuberger PSC ; Bakema AH ; Makaske GB ; Bouwman AF

40 p in Dutch   1996

Toon Nederlands

English Abstract
Two methods have been developed to determine the maximum ammonia emissions and ammonia distribution across the country, provided the critical loads for ammonia for natural areas are not exceeded. Using critical nitrogen loads for seven types of natural areas from the literature, we derived the relative contribution of current nitrogen deposition to total nitrogen deposition, and 'corrected' for this, to obtain ranges of critical ammonia loads for natural areas. The first method uses an optimisation program to determine the optimal maximum emission distribution, while the second method uses source- receptor matrices and receptor-source matrices to iteratively determine the emission distribution. The second method leads to lower emission values because the distribution is not 'optimal'. If complete protection from NH3 deposition (i.e. the lowest critical ammonia loads for the existing natural areas) is offered, the maximum emission is 46 (method 2) to 66 kton (method 1). The highest emissions can be found in areas remote from natural areas, i.e. north of the provinces of Groningen and Friesland, and in Noord-Holland, the west of Zuid-Holland and Zeeland. If the national ecological network of protected areas (EHS), where nature areas will be developed in the future, is also taken into account, the maximum emission drops to 40 - 52 kton NH3. These methods are valuable in illustrating the effects of making possible choices in nature development or protection. If, for example, a limited exceedance of maximally 20% is tolerated, the maximum emission will increase by 10 - 45 kton.

 

RIVM - Bilthoven - the Netherlands - www.rivm.nl

Display English

Rapport in het kort
Resultaten worden gepresenteerd van twee methoden ter berekening van emissieplafonds voor ammoniak uitgaande van kritische depositiewaarden voor natuur. De 'optimalisatiemethode' gebruikt een optimalisatieprogramma om een emissieverdeling in Nederland te bepalen, waarbij de totale emissie maximaal is. De 'opvulmethode' bepaalt de verdeling iteratief uitgaande van de bijdrage van Nederlandse emissies aan de depositie op de natuur. De rekenresolutie voor beide methoden is 5 x 5 km. Eindresultaten zijn per gemeente gegeven. De grootte en de verdeling van de kritische waarden bepaalt direct de maximale emissie in Nederland: hoe hoger de kritische waarde en hoe kleiner het areaal met natuur, des te hoger mag de emissie van ammoniak in Nederland zijn, afgezien van het transport naar het buitenland. Op dit moment zijn uit onderzoek en de literatuur ranges van kritische waarden bekend voor een zevental natuurtypen die veel voorkomen in Nederland. Wanneer uitgegaan wordt van de huidige natuur en de laagste kritische grens (lees: volledige bescherming tegen de depositie van NH3), dan kan in Nederland maximaal 46 tot 66 kton NH3 ge-emitteerd worden (bepaald met respectievelijk de opvul- en optimalisatiemethode). De hoogste emissie mag plaats vinden in Noord-Groningen en Noord-Friesland, Noord-Holland, westelijk Zuid-Holland en Zeeland. Indien ook rekening gehouden wordt met de realisatie van de ecologische hoofdstructuur (EHS) op de grotere EHS-gebieden een maximale depositie van 600 mol ha-1 a-1 toe te laten, mag de emissie nog maar 40 - 52 kton zijn. Dit is ongeveer eenderde van de huidige emissie. De verdeling van de emissie is dan echter geheel anders dan de huidige: omdat nu de hoogste emissie dicht bij de natuurgebieden plaats vindt, moeten hier de grootste reducties doorgevoerd worden, terwijl er ruimte is voor emissies die ver van deze natuurgebieden plaatsvinden. Het instrumentarium dat voor deze studie is ontwikkeld heeft grote waarde voor het zichtbaar maken van de effecten van bepaalde keuzen. Wanneer bijvoorbeeld gekozen wordt om een bepaald risico op effecten in natuurgebieden door ammoniakdepositie te tolereren, dan kan aangegeven worden waar dit leidt tot hogere emissieplafonds, of lagere emissiereducties ten opzichte van 1994. Maximaal 20% overschrijding van 50% van de kritische waarden levert een sprong in de maximale emissie in Nederland op van 52 naar 89 kton.

 

RIVM - Bilthoven - Nederland - www.rivm.nl

( 1996-10-31 )