Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft een generiek kader ‘Coronamaatregelen’ opgesteld voor bedrijven, organisaties, instellingen, lokale overheden en verenigingen. Het kader geeft adviezen hoe al deze organisaties zich kunnen houden aan de Nederlandse maatregelen vanuit de Rijksoverheid. 

Uitgangspunten zoals anderhalve meter afstand houden, hygiënemaatregelen en de gezondheidscheck vormen de basis van dit kader. Deze uitgangspunten sluiten aan bij de basisregels voor iedereen.

Dit kader vervangt eerdere handreikingen en afwegingskaders die waren  opgesteld door het RIVM. Specifieke onderdelen daaruit zijn toegevoegd aan dit generieke kader coronamaatregelen. Daarnaast zijn voor betaald voetbal, topsport, binnen- en buitensport, inclusief amateurcompetitie extra aandachtspunten opgenomen.

Het generieke kader richt zich niet op de gezondheidszorg. Voor zorgprofessionals is hier meer informatie over het coronavirus (COVID-19).

Doelen

Het kader gaat over welke maatregelen binnen en buiten noodzakelijk zijn om de verspreiding van het nieuwe coronavirus maximaal te controleren. Maximaal controleren betekent het zoveel mogelijk voorkomen van verspreiding van het coronavirus. Met als gevolg dat het aantal nieuwe besmettingen naar (bijna) nul gaat en nieuwe uitbraken voorkomen worden of beheersbaar blijven. Het doel is om het reproductiegetal (R) onder de 1 te houden. Dit wordt, mede, bereikt door het aantal contactmomenten te beperken, groepsvorming tegen te gaan, de mobiliteit te beheersen en de druk op de openbare ruimtes te beperken. Op deze manier kunnen mensen in deze situaties zo veilig mogelijk werken. Daarbij is het ook voor bezoekers (klanten, gasten, etc.) zo veilig mogelijk. De maatregelen en adviezen in dit kader zijn specifiek gericht op het voorkomen van besmettingen en verspreiding. 

Eigen verantwoordelijkheid

Ondernemers, organisaties en bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het toepassen van de maatregelen van de Rijksoverheid en de adviezen van dit generieke kader binnen hun bedrijf/activiteit en voor de gezondheid van de medewerkers  tijdens hun werk. Ook zijn zij zelf verantwoordelijk voor het toezien op het naleven van maatregelen en adviezen. 

Sectoren, brancheverenigingen en koepelorganisaties kunnen met dit generieke kader voorbeeldprotocollen voor hun eigen branche uitwerken. Het is aan de onderneming of organisatie zelf om daarmee een eigen protocol op te stellen of een bestaand protocol te actualiseren. Meer informatie over de stand van zaken per sector/branche is op te vragen bij koepel- en brancheorganisaties. Meer informatie over het opstellen van protocollen is op de website van de Rijksoverheid te vinden.

Binnen bedrijven, organisaties en instellingen kunnen bestaande richtlijnen, kwaliteitsnormen of (arbeidsomstandigheden)wetgeving van toepassing zijn. Bijvoorbeeld over de organisatie van hygiënemaatregelen of schoonmaak. Deze gaan soms verder dan dit generieke kader van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Uiteraard zijn de bestaande richtlijnen, kwaliteitsnormen of wetgeving in dat geval leidend. Ondernemers, organisaties en bedrijven kunnen terecht bij de eigen sector of branchevereniging voor meer informatie over de geldende richtlijnen, kwaliteitsnormen en wetgeving. 

Generieke uitgangspunten binnen

1. Afstand houden en doorstroming 
Borg dat iedereen anderhalve meter afstand (2 armlengtes) van elkaar kan houden. 

Uitzonderingen:

  • Jongeren tot en met 17 jaar hoeven onderling geen anderhalve meter afstand te houden;
  • Kinderen tot en met 12 jaar hoeven daarnaast geen anderhalve meter afstand te houden tot anderen;
  • Personen die tot één huishouden/gezin behoren hoeven onderling geen anderhalve meter afstand te houden.

In sommige situaties is afstand houden niet mogelijk en mag de anderhalve meter tijdelijk worden losgelaten. Het gaat hierbij om:

  • Contact tussen hulpbehoevenden en hun begeleiders;
  • Mensen met contactberoepen (incl. voor sekswerkers);
  • Team- en contactsporters (binnen en buiten) tijdens de (oefen)wedstrijd;
  • Acteurs tijdens optredens en repetities en dansers bij het samen trainen en dansen met vaste danspartners volgens choreografie.

Maatregelen om te zorgen dat bezoekers/personen anderhalve meter afstand van elkaar kunnen houden en voor het beheersen van de bezoekersstroom:

  • Plaats tafels en stoelen in een ruimte/zaal zo dat iedereen zich strikt aan anderhalve meter onderlinge afstand kan houden.
  • Attendeer iedereen er op om afstand van elkaar te houden. Herhaal deze boodschap op meerdere plekken.
  • Maak vaste looproutes en geef dit duidelijk aan. Richt looproutes zo in dat mensen elkaar in verschillende looprichtingen op anderhalve meter afstand kunnen passeren. Of maak er eenrichtingsverkeer van.
  • Laat bezoekers buiten wachten (met anderhalve meter afstand), als  bij binnen wachten anderhalve meter afstand houden niet mogelijk is. Laat bezoekers pas binnen op de gereserveerde tijd (indien van toepassing).
  • Laat bezoekers in kleine groepen aankomen/vertrekken en naar binnen/buiten gaan om anderhalve meter onderlinge afstand te houden.
  • Zorg dat er voldoende afstand is tussen de zitplaatsen in een bioscoop, theaterzaal, wachtkamer of aankomstruimte, etc.
  • Beperk zoveel mogelijk het aantal personen in een ruimte. Borg altijd de anderhalve meter afstand in een ruimte én het maximale aantal mensen dat volgens de geldende maatregelen in een ruimte mag zijn.
  • Beperk het aantal personen in de sanitaire ruimtes (was-, toilet- en/of doucheruimtes). Laat bezoekers wachten met anderhalve meter afstand.
  • Houd toezicht op het aantal mensen en de onderlinge afstand bij het gebruik van de lift. Bijvoorbeeld bij krappe liften: laat mensen de lift naar boven nemen en laat mensen zo veel mogelijk naar beneden lopen.
  • Zorg voor een soepele doorstroming en voorkom opstoppingen door bijvoorbeeld deuren open te zetten.
  • Spreid bezoekers door ruimere openingstijden (uiteraard passend binnen de toegestane openingstijden).
  • Train en begeleid medewerkers op de maatregelen en adviezen en het toezien op het onderling anderhalve meter afstand houden.
  • Houd het kassa-/baliecontact zo beperkt mogelijk. Dat kan door zoveel mogelijk online of telefonisch te laten reserveren en online of contactloos te laten betalen.
  • Bevestig een fysieke (kunststof)barrière. Bijvoorbeeld bij balie/informatiepunt/kassa of receptie, wanneer de anderhalve meter afstand niet haalbaar is.
  • Bij het veilig inrichten van de ruimte, als werkplek of voor publiek, kan een arbeidshygiënist adviseren. Die kan onderzoek doen op locatie en adviseren over specifieke maatregelen. Bijvoorbeeld over het toepassen van schermen.

Er kunnen zich situaties voordoen waarbij medewerkers onderling niet aan de anderhalvemeternorm kunnen voldoen. Bijvoorbeeld in een kleine keuken. In dat geval moeten de medewerkers de Extra aandachtspunten voor contactberoepen opvolgen.


2. Hygiënemaatregelen
Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft hygiënerichtlijnen voor sectoren en instellingen zoals basisscholen, evenementen en sauna’s en badinrichtingen. Voor openbare ruimtes en sectoren waarvoor geen specifieke hygiënerichtlijnen zijn, is er een Algemene hygiënerichtlijn. De punten hieronder zijn aanvullende maatregelen en adviezen vanwege het nieuwe coronavirus. Houd ook rekening met maatregelen voor hygiëne of schoonmaak vanuit eigen richtlijnen/kwaliteitseisen of (arbeidsomstandigheden)wetgeving van de branche/sector.

  • Laat iedereen de hygiënemaatregelen nauwkeurig opvolgen. Voor medewerkers en bezoekers geldt: was je handen regelmatig met water en zeep, zit niet met je handen aan je gezicht, schud geen handen, hoest of nies in je elleboog en gebruik papieren zakdoekjes om je neus te snuiten en gooi deze daarna weg.
  • Communiceer op meerdere plekken de algemene hygiëneadviezen.
  • Als er een handenwasgelegenheid is, zorg dan dat iedereen bij aankomst en vertrek zijn handen kan wassen met water en zeep. Als er geen handenwasgelegenheid is, adviseer iedereen om de handen direct na thuiskomst te wassen of bied een toegelaten desinfecterende handgel aan. Meer informatie over toegelaten desinfectiemiddelen is hier te lezen.
  • Zorg voor voldoende (hand)zeep en papieren handdoekjes in de toiletten.
  • Maak handcontactpunten zoals deurklinken, pinautomaten, touchscreens (die meerdere personen aanraken) meerdere keren per dag schoon met schoonmaakdoekjes of met water en zeep (bijvoorbeeld allesreiniger).
  • Maak stoelen, leuningen, tafels, etc. en de toiletten meerdere keren per dag schoon.
  • Maak na iedere werkdag de ruimte/voorziening goed schoon volgens het reguliere schoonmaakprotocol.
  • Zorg dat medewerkers over een eigen eetgelegenheid/pauzeruimte/toilet(ten)/omkleedruimte, etc. beschikken waar zij afstand kunnen houden en hygiënemaatregelen kunnen opvolgen.

3. Maximaal aantal bezoekers per ruimte

  • De algemene regels (deze gelden per 1 juli) vanuit de Rijksoverheid voor activiteiten binnen moeten opgevolgd worden.
  • In de ruimtes waarvoor de overheid een maximum aantal bezoekers heeft aangegeven, moet dat aantal worden aangehouden.
  • Als er meerdere ruimtes zijn (o.a. in zalen, kantoorruimtes, etc.) geldt het maximum aantal personen/bezoekers per ruimte, mits de anderhalve meter afstand voor de bezoekersstroom ook toegepast kan worden in de overige ruimtes (o.a. sanitair, looproutes, in- en uitgang, etc.).
  • Bepaal het aantal toe te laten personen in een ruimte, zodat iedereen zich strikt aan de anderhalve meter afstand kan houden.
  • Als er sprake is van goede doorstroming van de bezoekers (o.a. in museum, monumenten, bibliotheek, detailhandel, etc.) is er geen sprake van een maximum aantal bezoekers. Het kunnen naleven van de anderhalve meter afstand is dan leidend.
  • Geef bezoekers geen toegang tot privéruimtes, keuken of personeelsruimtes.

4. Reservering en placering

  • Als het vereist is moet vooraf een reservering gemaakt worden.
  • Als het vereist is, moeten vaste zitplaatsen (placering) voor de bezoekers en/of medewerkers worden aangewezen.
  • Als het mogelijk is moet met tijdvakken worden gewerkt, met begin- en eindtijd.
  • Zorg er bij bedrijven en instellingen voor dat vooraf bekend is hoeveel medewerkers tijdens een dienst/werkdag aanwezig zijn en leg vast wie wanneer gewerkt heeft.
  • Werk zoveel als mogelijk in vaste teams. Als er minder wisseling is in personeel is de kans op verspreiding van het nieuwe coronavirus kleiner bij onverhoopte a- of presymptomatische medewerkers.

5. Gezondheidscheck (triage)

  • Als het is vereist, dan is een gezondheidscheck nodig. Medewerkers/bezoekers moeten de gezondheidscheck doen voor aanvang van de dienst/het bezoek. Als één van de vragen met ja wordt beantwoord, dan moet die persoon thuis blijven. 
  • Bij de kaartverkoop/reservering en bij aanvang van het bezoek moeten de bezoekers gewezen worden op de gezondheidscheck.
  • Stuur/geef de gezondheidscheck mee met een  afspraakbevestiging/kaartverkoop.
  • Als iemand gezondheidsklachten heeft, zoals verkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn, hoesten, benauwdheid, verhoging of koorts en/of plotseling verlies van reuk of smaak, dan moet die persoon thuis blijven.
  • Als iemand gedurende de dag klachten ontwikkelt, dan moet die persoon direct naar huis.
  • Iedereen kan bij klachten, ook als die mild van aard zijn, laagdrempelig worden getest via de bedrijfsarts of GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst. Zo snel mogelijk testen is nodig om de verspreiding van het virus effectief in te dammen. Bij een positieve testuitslag wordt verwacht dat iedereen meewerkt aan bron- en contactopsporing. Werkgevers moeten daarom bij werknemers het testbeleid actief stimuleren. Lees hier meer over het testbeleid.

6. Ventilatie

  • Zorg ervoor dat de ventilatie voldoet aan de regelgeving (Bouwbesluit) en richtlijnen. In het Bouwbesluit is vermeld wat de minimale ventilatienormen zijn per verblijfsruimte of -gebied.
  • Het is van belang dat een verblijfsruimte 24 uur per dag wordt geventileerd via natuurlijke ventilatie (roosters boven een raam, kieren). Of via mechanische ventilatiesystemen. Goed ventileren is nodig voor het verversen van de lucht en draagt bij aan een prettig en gezond binnenklimaat.
  • Lucht een verblijfsruimte minimaal 1 keer per dag ca. 10-15 minuten. Ook als snelle luchtverversing van de ruimte gewenst is, bijvoorbeeld na een groepsbijeenkomst in een ruimte, of na het koken. Zet voor het luchten de ramen/deuren tegen elkaar open.
  • Aanpassingen van mechanische ventilatiesystemen zijn niet nodig. 
  • Volg de onderhoudsinstructies van het mechanische ventilatiesysteem om een goede werking te waarborgen.
  • Lees meer over ventilatie en het nieuwe coronavirus.

7. Risicogroepen

  • Het RIVM heeft aanvullende adviezen voor medewerkers die behoren tot één van de risicogroepen.
  • Bezoekers die tot een risicogroep behoren, wegen zelf af of zij een dergelijk voorziening kunnen en willen bezoeken.
  • De branche maakt voor risicogroepen, eventueel met een bedrijfsarts en/of arbeidshygiënist, beleid zodat de werkomstandigheden voor de medewerkers (én bezoekers) die in een risicogroep zitten zo veilig mogelijk zijn. 

8. Persoonlijke beschermingsmiddelen niet nodig

Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn niet nodig als:

  • Iedereen de gezondheidscheck doorloopt en thuis blijft als op 1 of meer vragen ‘JA’ het antwoord is;
  • En iedereen zich aan de verdere maatregelen houdt. 

Het dragen van bijvoorbeeld een mondneusmasker, schort of wegwerphandschoenen wordt niet geadviseerd. Dat kan vanwege de adviezen om al bij milde klachten thuis te blijven, om anderhalve meter afstand te houden, geen handen te schudden en vaak de handen met water en zeep te wassen. Deze adviezen blijven belangrijk en voorkomen verspreiding.

Uitzonderingen: 

Overige aandachtspunten voor specifieke groepen medewerkers:

  • Voor zwangere medewerksters kan in overleg met de bedrijfsarts een passend advies gemaakt worden. Hiervoor kunnen de uitgangspunten worden gebruikt zoals beschreven door het RIVM. De branchevereniging of koepelorganisatie kan op basis van dit document eigen beleid voor zwangere medewerkers opstellen.
  • Jongeren (< 18 jaar) zoals bijvoorbeeld ook vakantiekrachten, hebben recht op extra bescherming vanuit arbeidsomstandighedenwet. 

Generieke uitgangspunten buiten

De onderstaande uitgangspunten zijn ook te gebruiken door organisaties, bedrijven en instellingen voor de organisatie van meld- en vergunningsplichtige evenementen, als deze weer worden toegestaan.

1. Afstand houden en doorstroming 
Borg dat iedereen anderhalve meter afstand (2 armlengtes) van elkaar kan houden.

Uitzonderingen:

  • Kinderen tot en met 12 jaar hoeven onderling en tot volwassenen geen anderhalve meter afstand te houden;
  • Jongeren tot en met 17 jaar hoeven onderling geen anderhalve meter afstand tot elkaar te houden;
  • Kinderen en jongeren tot en met 18 jaar mogen nu al georganiseerd buiten sporten, zij hoeven daarbij geen anderhalve meter afstand te houden;
  • Personen die tot één huishouden/gezin behoren hoeven onderling geen anderhalve meter afstand te houden.

De regel is dat iedereen anderhalve meter afstand houdt. Maar in sommige situaties is dat niet mogelijk en mag de anderhalve meter tijdelijk worden losgelaten. Het gaat om:

  • Contact tussen hulpbehoevenden en hun begeleiders;
  • Mensen met contactberoepen (incl. sekswerkers);
  • Team- en contactsporters (binnen en buiten) tijdens de (oefen)wedstrijd;
  • Acteurs tijdens optredens en repetities en dansers bij het samen trainen en dansen met vaste danspartner(s) volgens choreografie.

Adviezen om ervoor te zorgen dat personen afstand van elkaar kunnen houden en voor het beheersen van de bezoekersstroom:

  • Bij de inrichting van de buitenruimte moet iedereen zich strikt aan de anderhalve meter afstand kunnen houden. 
  • Attendeer iedereen er op dat zij afstand van elkaar houden en herhaal deze boodschap op meerdere plekken.
  • Maak vaste looproutes en geef dit duidelijk aan. Richt looproutes zo in dat iedereen elkaar in verschillende looprichtingen op anderhalve meter afstand kan passeren. Of maak er eenrichtingsverkeer van.
  • Laat bezoekers wachten met anderhalve meter afstand. Laat bezoekers pas binnen op de gereserveerde tijd (indien van toepassing).
  • Laat bezoekers in kleine groepen aankomen/vertrekken en naar binnen/buiten gaan, zodat bezoekers hierbij anderhalve meter onderlinge afstand kunnen houden.
  • Zorg dat er voldoende afstand is tussen de zitplaatsen.
  • Beperk het aantal personen in de sanitaire ruimtes (was-, toilet- en/of doucheruimtes). Laat bezoekers wachten met anderhalve meter afstand.
  • Zorg voor een soepele doorstroming van personen.
  • Spreid de bezoekers door ruimere openingstijden (uiteraard passend binnen de geldende openingstijden).
  • Train en begeleid medewerkers op de maatregelen en adviezen en op het toezien op het onderling anderhalve meter afstand houden.
  • Houd het kassa-/baliecontact zo beperkt mogelijk, bijvoorbeeld door zoveel mogelijk online of telefonisch te laten reserveren en online of contactloos te laten betalen.
  • Bevestig een fysieke (kunststof)barrière. Bijvoorbeeld bij balie/informatiepunt of kassa, wanneer de anderhalve meter afstand niet haalbaar is.
  • Overweeg om op terrassen 'kuchschermen' te plaatsen.
  • Bij het veilig inrichten van de ruimte, kan een arbeidshygiënist, na onderzoek op locatie, de ondernemer op maat adviseren over specifiek passende technische en organisatorische maatregelen, zoals over de toepassing van schermen.


Er kunnen zich situaties voordoen waarbij medewerkers onderling niet aan de anderhalve meter norm kunnen voldoen. In dat geval dienen de medewerkers de Extra aandachtspunten voor contactberoepen (p.13) op te volgen.

2. Hygiënemaatregelen

Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft hygiënerichtlijnen voor sectoren en instellingen zoals basisscholen, evenementen, sauna’s en badinrichtingen. Voor openbare ruimtes en sectoren waarvoor geen specifieke hygiënerichtlijnen zijn is er een Algemene hygiënerichtlijn. De punten hieronder zijn aanvullende maatregelen en adviezen vanwege het nieuwe coronavirus. Houd ook rekening met maatregelen voor hygiëne of schoonmaak vanuit eigen richtlijnen/kwaliteitseisen of (arbeidsomstandigheden)wetgeving van de branche/sector.

  • Laat iedereen de hygiënemaatregelen nauwkeurig opvolgen. Was je handen regelmatig met water en zeep, zit niet met je handen aan je gezicht, schud geen handen, hoest of nies in je elleboog en gebruik papieren zakdoekjes om je neus te snuiten en gooi deze daarna weg.
  • Communiceer op meerdere plekken de algemene hygiëneadviezen.
  • Als er een handenwasgelegenheid is, zorg dan dat iedereen bij aankomst en vertrek zijn handen kan wassen met water en zeep. Als er geen handenwasgelegenheid is, adviseer iedereen om de handen direct na thuiskomst te wassen of bied een toegelaten desinfecterende handgel aan. Meer informatie over toegelaten desinfectiemiddelen is hier te lezen.
  • Zorg voor voldoende (hand)zeep en papieren handdoekjes in de toiletten.
  • Maak handcontactpunten zoals deurklinken, pinautomaten, touchscreens (die meerdere personen aanraken) meerdere keren per dag schoon met schoonmaakdoekjes of met water en zeep (bijvoorbeeld allesreiniger).
  • Maak stoelen, leuningen, tafels, etc. en de toiletten meerdere keren per dag schoon.
  • Maak na iedere werkdag de ruimte/voorziening goed schoon volgens het reguliere schoonmaakprotocol.
  • Zorg dat medewerkers over een eigen etgelegenheid/pauzeruimte/toilet(ten)/omkleedruimte, etc. beschikken waar zij afstand kunnen houden en hygiënemaatregelen kunnen opvolgen.

3. Maximaal aantal bezoekers

  • De algemene regels vanuit de Rijksoverheid voor activiteiten buiten moeten opgevolgd worden.
  • De locaties waarvoor de overheid een maximum aantal bezoekers heeft aangegeven, moeten dat aantal aanhouden.
  • Beperk het aantal personen in de buitenruimte, zodat iedereen zich strikt aan de anderhalve meter afstand kan houden.
  • Als er sprake is van goede doorstroming van de bezoekers (o.a. in openluchtmusea, monumenten, etc.) is er geen sprake van een maximum aantal bezoekers. Het kunnen naleven van de anderhalve meter afstand is dan leidend.
  • Geef bezoekers geen toegang tot privéruimtes, keuken of personeelsruimtes.

    
4. Reservering en/of placering

  • Als het vereist is moet vooraf een reservering gemaakt worden.
  • Als het vereist is, moeten vaste zitplaatsen (placering) voor de bezoekers en/of medewerkers aangewezen worden. 
  • Als het mogelijk is moet met tijdvakken worden gewerkt, met begin- en eindtijd.
  • Werk zoveel als mogelijk in vaste teams en leg vast wie wanneer gewerkt heeft. Als er minder wisseling is in personeel, is de kans op verspreiding van het nieuwe coronavirus kleiner, bij onverhoopte a- of presymptomatische medewerkers.

5. Gezondheidscheck (triage)

  • Als het is vereist dan is een gezondheidscheck nodig. Medewerkers/bezoekers moeten de gezondheidscheck doen voor aanvang van de dienst/het bezoek. Als één van de vragen met ja wordt beantwoord, dan moet die persoon thuis blijven. 
  • Bij de kaartverkoop/reservering en bij aanvang van het bezoek moeten de bezoekers gewezen worden op de gezondheidscheck.
  • Stuur de gezondheidscheck mee met een afspraakbevestiging/kaartverkoop.
  • Als iemand gezondheidsklachten heeft zoals verkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn, hoesten, benauwdheid, verhoging of koorts en/of plotseling verlies van reuk of smaak, dan moet die persoon thuis blijven. 
  • Als iemand gedurende de dag klachten ontwikkelt, dan moet die persoon direct naar huis.
  • Iedereen kan bij klachten, ook als die mild van aard zijn, laagdrempelig worden getest via de bedrijfsarts of GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst. Zo snel mogelijk testen is nodig om de verspreiding van het virus effectief in te dammen. Bij een positieve testuitslag wordt verwacht dat men meewerkt aan bron- en contactopsporing. Werkgevers dienen daarom bij werknemers het testbeleid actief te stimuleren. Lees meer over het testbeleid.

6. Risicogroepen

  • Het RIVM heeft aanvullende adviezen voor medewerkers die behoren tot één van de risicogroepen
  • Voor bezoekers die tot een risicogroep behoren is het extra belangrijk om de basisregels goed op te volgen, zoals anderhalve meter afstand houden.
  • De branche maakt voor risicogroepen, eventueel met een bedrijfsarts en/of arbeidshygiënist, beleid, zodat de werkomstandigheden voor de medewerkers (én bezoekers) die in een risicogroep zitten zo veilig mogelijk zijn. 

7. Persoonlijke beschermingsmiddelen niet nodig

Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn niet nodig als:

  • Iedereen de gezondheidscheck doorloopt en thuis blijft als op 1 of meer vragen ‘JA’ het antwoord is en 
  • Iedereen zich aan de verdere maatregelen houdt. Het dragen van bijvoorbeeld een mondneusmasker, schort of wegwerphandschoenen wordt niet geadviseerd. Dat kan vanwege de adviezen om al bij milde klachten thuis te blijven, om anderhalve meter afstand te houden, geen handen te schudden en vaak de handen met water en zeep te wassen. Deze adviezen blijven belangrijk en voorkomen verspreiding.

Uitzonderingen hierop zijn: 

Overige aandachtspunten voor specifieke groepen medewerkers:

  • Voor zwangere medewerksters kan in overleg met de bedrijfsarts een passend advies gemaakt worden. Hiervoor kunnen de uitgangspunten worden gebruikt zoals beschreven door het RIVM. De branchevereniging of koepelorganisatie kan op basis van dit document eigen beleid rondom zwangere medewerkers opstellen.
  • Jongeren (< 18 jaar) zoals bijvoorbeeld ook vakantiekrachten, hebben recht op extra bescherming vanuit de arbeidsomstandighedenwet. 

Extra aandachtspunten

Extra aandachtspunten voor contactberoepen

Contactberoepen zijn beroepen waar er vaak en direct contact met anderen is binnen een afstand van anderhalve meter. Naast bovenstaande generieke uitgangspunten voor binnen en buiten gelden voor contactberoepen de volgende extra aandachtspunten:

  • Reservering en de gezondheidscheck zijn vereist.
  • Houd het consult/de dienst, waarbij het niet mogelijk is om anderhalve meter afstand te houden, zo kort mogelijk. Bewaar zoveel mogelijk afstand.
  • Plan de beroepsactiviteiten zo dat er altijd zo min mogelijk contact tussen cliënten onderling is.
  • Maak na ieder klantcontact de materialen, instrumenten en meubilair in de behandelruimtes schoon, zoals stoel, oefenmateriaal en onderzoeksbank.
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn wel nodig als de paramedische zorgverlening niet uit te stellen is en spoedzorg noodzakelijk is én als de klant ’ja’ op 1 van de vragen van de gezondheidscheck heeft geantwoord. In dat geval gebruikt de paramedische zorgverlener wel persoonlijke beschermingsmiddelen conform de richtlijn van de betreffende branchevereniging.

Extra aandachtspunten voor binnensport

Naast bovenstaande generieke uitgangspunten voor binnen en buiten gelden voor binnensport de volgende extra aandachtspunten:

  • Reservering en de gezondheidscheck zijn vereist.
  • Halveer het normale maximale aantal deelnemers van een training/les, of halveer het aantal teams dat tegelijk aanwezig is.
  • Het is wenselijk om sporters zo veel mogelijk in dezelfde groepssamenstelling te laten sporten en tijdelijk de gegevens van de deelnemers vast te leggen, door via de reserveringen bij te houden wie wanneer sportte.
  • Trainen op maximaal matig intensief inspanningsniveau is een optie.
  • Huishoudelijke reiniging (met water en zeep of reinigingsdoekjes) van de contactpunten van de gebruikte toestellen na individueel gebruik en van materialen bij groepsporten na de training is belangrijk.
  • Deel zo min mogelijk toestellen en andere attributen bij binnenteamsporten. Dat kan door bepaalde oefeningen of trainingsopzetten te kiezen, waarbij dat niet hoeft.

Extra aandachtspunten voor sauna en wellness

Naast bovenstaande generieke uitgangspunten voor binnen en buiten gelden voor sauna  en wellness de volgende extra aandachtspunten:

  • Reservering en de gezondheidscheck zijn vereist. Spreek ook de tijdsduur van het bezoek af.
  • Klassieke (Finse) sauna’s: Uit voorzorg wordt, waar mogelijk, de ventilatie verhoogd en luchtrecirculatie zo veel mogelijk vermeden.
  • Voer geen opgietingen uit.

Extra aandachtspunten voor betaald voetbal, topsport, binnen- en buitensport, inclusief amateurcompetities

Naast bovenstaande generieke uitgangspunten voor binnen en buiten gelden de volgende extra aandachtspunten:

  • Bij teamsport en contactsport is de gezondheidscheck vereist.
  • Het is belangrijk dat elke sporter en trainer/coach, zich realiseert dat hij/zij bij een onverhoopte besmetting ook andere sporters kan besmetten, met alle mogelijke gevolgen van dien.
  • Het is ook belangrijk dat elke sporter en trainer/coach zich realiseert dat hij/zij, in geval van een eventuele besmetting in het team of  groep (waarmee hij/zij langer dan 15 minuten op minder dan anderhalve meter sport) een nauw contact van een bevestigde COVID-19-patiënt is. Het gevolg is dan een quarantaine van 14 dagen na die sportactiviteit. Dit geldt voor zowel binnen- als buitensporten. Voor binnensporters geldt bovendien dat zij – ook al heeft men afstand gehouden – een overig (niet nauw) contact zijn bij besmetting van een persoon die in dezelfde ruimte was als de binnensporter.
  • Teamsport en contactsport: tijdens de trainingen en (oefen)wedstrijden kan de anderhalve meter onderlinge afstand losgelaten worden, maar daarbuiten wordt de onderlinge afstand van anderhalve meter aangehouden. De besmettingskans is ook afhankelijk van de duur van het contact. Daarom is het advies om tijdens de trainingen nog steeds, zoveel als mogelijk, te trainen met minimaal anderhalve meter onderlinge afstand.
  • Bij individuele sport wordt geadviseerd om de anderhalve meter aan te houden, tenzij dat niet anders kan in (oefen)wedstrijdverband.  Bijvoorbeeld bij bepaalde atletiekwedstrijden zoals hardlopen of bij wielerwedstrijden.
  • Voor contactsporten waarbij dat mogelijk is (bijvoorbeeld judo, boksen), wordt geadviseerd om zoveel mogelijk met dezelfde trainingspartner(s) te trainen (cohortering). Bij een onverhoopte besmetting verkleint dit het aantal contacten en dus de kans op verdere verspreiding.
  • Voor alle sporten geldt dat het aantal sporters en begeleiders per sportactiviteit niet groter is dan noodzakelijk voor de sportactiviteit (training, oefenwedstrijd, wedstrijd). Daarnaast is het advies om de samenstelling zo vast mogelijk te houden. Dit vermindert de verspreiding bij een mogelijke a- of presymptomatisch besmette sporter of medewerker en vergemakkelijkt het contactonderzoek. Voor het eventuele contactonderzoek is het verder wenselijk de gegevens van de sporters en begeleiders per sportactiviteit tijdelijk vast te leggen, bijvoorbeeld met presentielijsten.
  • Vanwege de potentiële ernstig nadelige effecten van een besmetting met COVID-19 (SARSsevere acute respiratory syndrome-CoVcoronavirus-2-infectie) op de sportcarrière, wordt beroepssporters aanvullend in overweging gegeven om, buiten de sportactiviteiten om, het aantal contacten te beperken.
  • In een aantal landen, en ook in onderzoeksverband in Nederland, worden beroepssporters getest op het nieuwe coronavirus. Gezien de huidige lage besmettingskans in Nederland en de andere geadviseerde maatregelen, wordt dit niet als standaard beleid geadviseerd. Een uitzondering hierop is als internationale wedstrijden toegestaan zouden worden. Om import en export, en daarmee verdere transmissie van het nieuwe coronavirus, te voorkomen, wordt geadviseerd om de Nederlandse sporters en begeleidende staf 2 dagen voor vertrek en voor terugkomst te testen. De test voor vertrek kan gecombineerd worden met serologie, wat bij een eventuele besmetting in het team kan helpen bij het verdere beleid.
  • Uiteraard zal bij eventuele internationale wedstrijden het dan geldende beleid voor het betreffende land gevolgd moeten worden.

Extra aandachtspunten voor koren en zangensembles

Naast bovenstaande generieke uitgangspunten voor binnen en buiten gelden voor koren en zangensembles  de volgende extra aandachtspunten:

  • Een gezondheidscheck is vereist.
  • Het is belangrijk dat elke zanger zich realiseert dat hij/zij bij een  besmetting ook andere zangers/zangeressen kan besmetten, met alle mogelijke gevolgen van dien.
  • Zingen in een binnenruimte: als er een besmetting is in het koor of ensemble – ook al heeft men afstand gehouden – wordt iedereen die aanwezig was tijdens het zingen als een overig (niet nauw) contact van een bevestigde COVID-19-patiënt beschouwd. Een tijdelijke registratie van koorleden door presentielijsten is wenselijk; het vergemakkelijkt het eventuele bron- en contactonderzoek door de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst onder koorleden.
  • Tussen elk koorlid moet in ieder geval minimaal 1,5 meter afstand zijn, bij voorkeur niet achter elkaar, maar in een zigzag formatie.   
  • Uit voorzorg worden voor koren en zangensembles extra maatregelen voor de  ventilatie (binnen) geadviseerd, naast de gebruikelijke preventieve adviezen. Ventileer de ruimte waar gezamenlijk wordt gezongen 24 uur per dag en zorg ervoor dat in de pauzes en na de bijeenkomst de ruimte ongeveer 10 minuten wordt gelucht.  (Dit advies is gebaseerd op normen uit LCHV Hygiënerichtlijnen). Bij twijfel over de ventilatie en luchtstromen in de ruimte is het aan te raden  professioneel advies in te winnen . Zorg ervoor dat tijdens het luchten mensen niet in de ruimte aanwezig zijn of, als dat niet mogelijk is, voorkom dat mensen in de luchtstroom achter elkaar zitten tijdens het luchten. 
  • Meer informatie vind je in het advies van het RIVM.