In het 95e OMTOutbreak Management Team (januari 2021) zijn aanvullende maatregelen geadviseerd om transmissie op scholen te verminderen vanwege de toenmalige hoge incidentie in de samenleving in het algemeen en het vóórkomen van nieuwe varianten van SARSsevere acute respiratory syndrome-CoVcoronavirus-2. Deze adviezen aan kinderopvang en scholen zijn opgenomen in dit Generiek kader. Uitgangspunten zoals afstand houden, het beperken van contacten, hygiënemaatregelen en de gezondheidscheck vormen de basis van dit kader. Deze uitgangspunten sluiten aan bij de basisregels voor iedereen.

In mei 2021 is n.a.v. het advies van het 114e OMT het kader aangepast. Het onderling 1,5 meter afstand houden voor leerlingen in het VO is komen te vervallen. Leerlingen en onderwijspersoneel worden opgeroepen om zich twee keer per week periodiek (preventief) te zelftesten.

In juni 2021 heeft het kabinet besloten de contactbeperkende maatregelen te laten vervallen, zo ook voor het funderend onderwijs. Per september 2021 is het onderling 1,5 meter afstand houden in het onderwijs komen te vervallen. Dit kader is hierop aangepast. 

Doel van dit kader

Dit kader bundelt de maatregelen van de Rijksoverheid en de adviezen van het OMTOutbreak Management Team en het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu voor  scholen die nodig zijn om de verspreiding van SARSsevere acute respiratory syndrome-CoVcoronavirus-2 zoveel mogelijk te voorkomen. Daarbij hebben werknemers vanuit de arbeidsomstandighedenwet recht op gezonde en veilige arbeidsomstandigheden. Zie hiervoor de arbocatalogus van de betreffende beroepsgroep: Voortgezet onderwijs.

Onder dit kader vallen het voortgezet onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.

Beperking van de verspreiding van het coronavirus wordt bereikt door de bekende uitgangpunten bij de COVID-19-bestrijding voor zowel leerlingen als ouders en personeel:

  • bronmaatregelen: gezondheidscheck, testbeleid, quarantaine en isolatie en contact- en uitbraakonderzoek;
  • collectieve maatregelen: hygiënemaatregelen en voldoende ventilatie
  • individuele maatregelen: extra aandachtspunten voor het personeel

Uitwerking van dit kader

De onderwijssector kan met dit generieke kader de bestaande protocollen actualiseren. Scholen zijn vervolgens zelf verantwoordelijk voor het maken of actualiseren van hun eigen protocol gebaseerd op dit kader en het protocol van de sector. In het eigen protocol wordt aangegeven in welke mate en hoe de maatregelen worden toegepast. Er moet in ieder geval altijd worden voldaan aan wettelijke eisen. Daarnaast zijn scholen verantwoordelijk voor de implementatie, uitvoering en het toezicht op naleving van de maatregelen van de Rijksoverheid, Arbowetgeving, de lokale autoriteiten zoals de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst en de adviezen van dit generiek kader.

Binnen de scholen kunnen bestaande richtlijnen, kwaliteitsnormen of (arbeidsomstandigheden)wetgeving van toepassing zijn. Bijvoorbeeld over de organisatie van hygiënemaatregelen of schoonmaak. Deze gaan soms verder dan dit Generieke kader van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Uiteraard zijn de bestaande richtlijnen, kwaliteitsnormen of wetgeving in dat geval leidend.

Generieke uitgangspunten voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs (leeftijd 13-18 jaar)

Zie voor meer informatie rondom voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs ook de informatie op Rijksoverheid.

Gezondheidscheck (triage)

  • Leerlingen en onderwijspersoneel blijven bij klachten passend bij het coronavirus thuis en laten zich testen.
  • Zie voor de regels rondom quarantaine Rijksoverheid.
  • Medewerkers moeten de gezondheidscheck doen voor aanvang van de werkzaamheden. Als een van de vragen met ‘ja’ wordt beantwoord, dan moet de medewerker thuisblijven en zich laten testen.
  • Wijs ouders/verzorgers op het beleid dat zij niet bij de school mogen komen als zij op een van de vragen van de gezondheidscheck ‘ja’ kunnen antwoorden.
  • Als een medewerker of leerling gedurende de dag klachten ontwikkelt, dan moet deze direct naar huis en zich laten testen.

Testen, quarantaine en isolatie

Bron-, contact- en uitbraakonderzoek, communicatie en samenwerking met de GGD

De GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst voert bron- en contactonderzoek (BCObron- en contactonderzoek) uit bij een kind of medewerker met COVID-19. De opvang of school kan hierin de GGD ondersteunen door het vooraf opstellen van een stappenplan (handelingsperspectief). 

Zie voor de verdere uitwerking van het BCO het Protocol bron- en contactonderzoek en Handreiking contact- en uitbraakonderzoek COVID-19 bij kinderen.

  • Stel als school, naast een protocol, een eigen stappenplan (handelingsperspectief) op voor besmettingen of uitbraken op school. Leg hierin onderstaande afspraken vast en hoe er met ouders gecommuniceerd wordt.
  • GGD’en hebben vaak een team samengesteld voor samenwerking met scholen. Indien er nog geen contact is, neem dan zelf als school contact op met de GGD. Ook als er nog geen besmettingen zijn geweest op school, is het belangrijk om te communiceren en overleggen over de samenwerking zoals:
    • de geldende (preventieve) maatregelen en het protocol van de school;
    • het aanspreekpunt vanuit de school en het aanspreekpunt vanuit de GGD. Vaak zal dit iemand van de Jeugdgezondheidszorg zijn (de jeugdarts of jeugdverpleegkundige);
    • de procedure bij besmettingen op de opvang of school;
    • de communicatie van (ziek)meldingen van positief geteste medewerkers/kinderen tussen de opvang of school en GGD;
    • de uitvoering van het BCO door de GGD en de rol van de school daarbij, bijvoorbeeld het bijhouden van klassenindelingen en -plattegronden, dagelijkse presentielijsten per klas/groep;
    • indien van toepassing, de maatregelen t.a.v. quarantaine en testbeleid;
    • indien van toepassing, de stappen die ondernomen moeten worden en de besluitvorming bij meerdere besmettingen of uitbraken.
  • Zorg voor een gerichte communicatie vanuit de school naar ouders betreffende de geldende maatregelen op school en het protocol van de school, de procedure bij besmettingen op school en de communicatie over positief gemelde kinderen of medewerkers. Doe dit bij voorkeur in overleg met de GGD.

Stappen bij een besmetting of uitbraak op school:

  • Bij een of meerdere positief geteste kinderen of medewerkers is het van belang dat het schoolbestuur in contact treedt met de GGD om hun stappenplan (handelingsperspectief) en maatregelen te bespreken. Zie ook de Handreiking contact- en uitbraakonderzoek COVID-19 bij kinderen.
  • Zorg voor een goede communicatie naar medewerkers, leerlingen en ouders over de procedure naar aanleiding van de besmetting(en).

Hygiënemaatregelen

Onderstaande punten zijn een aanvulling op de standaard hygiënemaatregelen op scholen. Zie ook de Algemene Hygiënerichtlijn.

  • Zorg dat zowel medewerkers als leerlingen een goede handhygiëne aanhouden: was je handen met water en zeep, in ieder geval bij aankomst op school, als je binnenkomt van buiten, voor het (klaarmaken van) eten, na toiletbezoek, na contact met dieren en bij vieze of plakkerige handen. Een alternatief voor handen wassen met water en zeep kunnen reinigingsdoekjes voor de handen zijn. Zie ook Hygiëne en COVID-19.
  • Communiceer over de hygiënemaatregelen en laat iedereen deze zo nauwkeurig mogelijk opvolgen: zit niet met je handen aan je gezicht, schud geen handen, hoest of nies in je elleboog en gebruik papieren zakdoekjes om je neus te snuiten en gooi deze daarna weg.
  • Maak handcontactpunten zoals deurklinken, touchscreens (die meerdere personen aanraken) en lesmateriaal meerdere keren per dag schoon met schoonmaakdoekjes of met water en zeep (bijvoorbeeld allesreiniger).
  • Zorg dat medewerkers over een eigen eetgelegenheid/pauzeruimte/ toilet(ten)/etc. beschikken waar zij afstand kunnen houden van elkaar en de hygiënemaatregelen kunnen opvolgen.
  • Zorg voor voldoende (hand)zeep en papieren handdoekjes in de toiletten.
  • Maak na iedere werkdag de ruimte/voorziening goed schoon volgens het reguliere schoonmaakprotocol.

Ventilatie

  • Zorg ervoor dat de ventilatie voldoet aan de regelgeving (Bouwbesluit), arbocatalogi en geldende richtlijnen.
  • Zorg voor voldoende ventilatie door of ramen op een kier te zetten, of via roosters of kieren, of met mechanische ventilatiesystemen.
  • Lucht klaslokalen en andere ruimtes elke dag regelmatig. Doe dat als er niet meerdere mensen in de ruimte aanwezig zijn. Doe dit bijvoorbeeld in de pauze door de ramen en deuren 10 à 15 minuten tegenover elkaar open te zetten.
  • Zie ook de Handreiking van LCVS en Rijksoverheid.

Extra aandachtspunten medewerkers

  • Zorg dat medewerkers op de hoogte zijn van de huidige maatregelen en richtlijnen binnen de school.
  • Iedere school is verplicht om ten minste één preventiemedewerker aan te stellen. De preventiemedewerker werkt actief aan het bevorderen van de veiligheid en de gezondheid binnen de school. Zie Steunpunt RI&E.
  • Voor werkzaamheden die niet op school uitgevoerd hoeven te worden, is het advies om deze vanuit huis uit te voeren.  Zie Rijksoverheid.
  • Werknemers moeten weten dat ze de bedrijfsarts kunnen bezoeken voor vragen over hun gezondheid in relatie tot het werk, ook als er (nog) geen sprake is van verzuim of klachten. Zie Arboportaal.
  • Werknemers die tot een risicogroep behoren (zie RIVM) kunnen, wanneer de medische situatie stabiel is, in principe hun normale werkzaamheden uitvoeren. Zie voor meer informatie Aandachtspunten rondom kwetsbare werknemers. Ook in deze situaties geldt dat de inzetbaarheid op individuele basis moet worden beoordeeld en dat dit maatwerk betreft. Een bedrijfsarts moet laagdrempelig beschikbaar zijn om vragen te beantwoorden en een risico-inschatting te maken, waarna een advies tot inzetbaarheid/noodzaak tot aanpassingen in het werk aan de werkgever volgt.
  • Voor informatie voor zwangere werknemers zie Zwangerschap en COVID-19 en de bijlage bij de COVID-19 richtlijn Zwangerschap, (werk) en COVID-19.