Bij onderzoek naar trends in de tijd (stijgt of daalt de prevalentie van overgewicht?) kunnen we gebruik maken van monitoringonderzoek. Bij monitoringonderzoek wordt in de loop van de tijd telkens een nieuwe (representatieve) steekproef getrokken uit de doelpopulatie. Dergelijk onderzoek kan echter niet laten zien wie er verandert, wie bijvoorbeeld overgewicht ontwikkelt, diabetes krijgt of verslechtert in het cognitief functioneren. Hiervoor is cohortonderzoek nodig. Met een cohortstudie worden mensen herhaaldelijk gemeten, vaak met één of meerdere tussenliggende jaren, zodat langzaam ontwikkelende gezondheidproblemen en ziekten kunnen worden opgespoord. Een cohortstudie legt de onderliggende dynamiek van de volksgezondheid bloot.

Unieke waarde

Het huidige volksgezondheidsbeleid en het werk van de huisarts in de praktijk is voor een groot deel gevormd door de kennis die uit langdurige cohorten is voortgekomen. Denk bijvoorbeeld aan de ongezonde aspecten van roken, voeding en kanker, overgewicht en hart-  en vaatziekten of cholesterol. In deze studies ligt de opmaat voor het steeds strengere tabaksontmoedigingsbeleid. Eén van de eerste en meest beroemde cohortstudies is de Framingham Heart Studie, die in 1948 is gestart in het Amerikaanse plaatsje Framingham bij ruim 5.000 volwassen. Deze studie loopt nog steeds en is nu ook gericht op de kinderen van de oorspronkelijke deelnemers. Het belang van dit soort studies bestaat nog steeds, deels met dezelfde thema’s (risicofactoren voor hart- en vaatziekten) en deels met een breder palet aan gezondheidsproblemen (chronische ziekten en kwaliteit van leven), maar ook met een veel uitgebreider scala aan gezondheidsdeterminanten. De huidige studies bieden veel meer zicht op de recente generaties die gemiddeld een andere levensloop met andere gezondheidsbedreigende factoren hebben dan de generaties daarvoor. Voortdurende investering in cohortonderzoek is dus een noodzakelijk onderdeel van het volksgezondheidsbeleid.

Nederlandse infrastructuur voor cohort studies en biobanken

Nederland heeft een sterke traditie met gezondheidswetenschappelijk cohortonderzoek. Voorbeelden van studies van ouderen zijn: ERGO (in Rotterdam), LASALongitudinal Aging Study Amsterdam (vanuit de VUVrije Universiteit Amsterdam) en de Zutphen Ouderen Studie. Deze studies volgen mensen vanaf middelbare/oudere leeftijd. Twee belangrijke geboortecohorten, dus cohorten van kinderen, zijn: PIAMAPrevention and Incidence of Asthma and Mite Allergy en Generation R. Een voorbeeld van tieners die langdurig gevolgd zijn is het Amsterdamse Groei en Gezondheid Onderzoek, waarvan de deelnemers inmiddels de 50 zijn gepasseerd. Voor volwassen is er de Doetinchem Cohort Studie (aselecte steekproef) die inmiddels meer dan 30 jaar onderweg is. Lifelines Groningen is ook een cohort van volwassenen en deze is in 2006 gestart met de bedoeling deelnemers, op basis van vrijwillige aanmelding, 30 jaar te volgen.