Is de uitslag van de test aan één of beide oren niet voldoende? Dan wordt de test na ongeveer een week herhaald. Zonodig volgt ongeveer een week later nog een derde test met een ander apparaat.

De uitslag van de gehoortest

 

Welke uitslagen zijn er mogelijk?

Uitslag 'voldoende'

Meteen na afloop van de gehoortest krijgt u de uitslag te horen. De uitslag wordt ook met u besproken. Bij ongeveer 95 op de 100 kinderen is de uitslag ‘voldoende’. Deze uitslag betekent dat uw kind op dat moment vrijwel zeker voldoende hoort om goed te leren praten. De test geeft geen 100% zekerheid dat uw kind voldoende hoort. Daarom is het belangrijk dat u op het gehoor van uw kind blijft letten. Ook omdat het heel soms voorkomt dat een kind op latere leeftijd slechthorend wordt.

Vraagt u zich na de gehoortest af of uw kind wel goed hoort? Neem dan contact op met uw huisarts of het consultatiebureau.

Uitslag ‘onvoldoende’

Is de uitslag van de eerste gehoortest ‘onvoldoende’ aan één oor of beide oren? Dan wordt de gehoortest na ongeveer een week herhaald. Daarvoor wordt een nieuwe afspraak met u gemaakt.

Is de uitslag van de tweede gehoortest ook ‘onvoldoende’? Dan krijgt uw kind een derde test met een ander apparaat.

De derde gehoortest

Als een derde gehoortest nodig is, wordt een ander apparaat gebruikt. Uw kind krijgt geen zacht dopje in het oor, maar een plastic kapje op elk oor en drie plakkertjes op de huid.

De plakkertjes worden geplaatst op het voorhoofd, in de nek en één op de rug, het borstbeen of een wang. In deze plakkertjes zitten elektroden die meten of geluiden goed aankomen in de hersenen. Deze test duurt meestal iets langer.

Sommige baby’s worden meteen met dit andere apparaat gescreend:

  • baby’s die zijn opgenomen op een intensive care voor pasgeborenen (NICUNeonatale Intensive Care Unit Neonatale Intensive Care Unit )
  • baby’s die langdurig in het ziekenhuis liggen
  • baby’s die een wisseltransfusie hebben ondergaan
  • baby's die een hersenvliesontsteking (meningitis) hebben gehad.

Zo kunt u zich voorbereiden:

  • Smeer de huid van uw kind in de 24 uur vóór het onderzoek niet in met badolie of lotion. Bij het onderzoek worden plakkertjes gebruikt, die door badolie of lotion minder goed blijven zitten.
  • Het is belangrijk dat het tijdens de gehoortest stil is in de kamer.
  • De test gaat het best als uw kind slaapt. Misschien kunt u uw kind vlak voor de test een voeding geven. Veel baby’s vallen daarna in slaap.

Na de derde test: Audiologisch Centrum

Als ook een derde test geen voldoende uitslag geeft, wil dat nog niet zeggen dat uw kind niet goed hoort. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van een tijdelijk gehoorverlies, bijvoorbeeld als uw kind verkouden is. Of uw kind was tijdens de test onrustig, waardoor de test geen goed beeld geeft. Om vast te stellen wat er aan de hand is, wordt uw kind verwezen naar een Audiologisch Centrum voor een vervolgonderzoek

Waarom een vervolgonderzoek?

Uw baby krijgt een vervolgonderzoek als de gehoorscreening aan een of beide oren geen voldoende uitslag heeft gegeven. Er is dan een kans dat uw kind blijvend slechthorend is aan één of beide oren. Het is belangrijk om verder uit te zoeken of dat het geval is.

Waar is het vervolgonderzoek?

Met de apparatuur van de gehoorscreening kan het gehoor van uw kind niet verder worden  getest. Op een Audiologisch Centrum is wel apparatuur waarmee uw kind uitgebreid kan worden onderzocht. Daarom vindt het vervolgonderzoek daar plaats. Een Audiologisch Centrum is gespecialiseerd in onderzoek van gehoor, spraak en taal. Sommige centra zijn verbonden aan een ziekenhuis.

De verwijzing

De regiocoördinator bespreekt met u naar welk Audiologisch Centrum u met uw kind wilt gaan. De regiocoördinator is degene die de derde gehoortest heeft uitgevoerd. Hij of zij zorgt ook voor de afspraak en geeft vervolgens de testgegevens van uw kind door aan het Audiologisch Centrum en de huisarts. De huisarts of de jeugdarts zorgt voor de verwijskaart. Het consultatiebureau krijgt bericht van de verwijzing. U krijgt van de regio coördinator ook een folder met meer informatie.

Wat houdt het vervolgonderzoek in?

In het Audiologisch Centrum krijgt uw kind enkele onderzoeken. Deze onderzoeken zijn uitgebreider dan de gehoortests. Bij elkaar kunnen ze enkele uren duren. Het lukt niet altijd om tijdens één bezoek alle onderzoeken te doen. Soms is het nodig om nog een keer terug te komen.

Zo kunt u zich voorbereiden:

  • Sommige onderzoeken werken het beste als uw kind slaapt. Neem daarom een schone luier mee en zorg ervoor dat uw kind iets kan drinken. Houd er rekening mee dat het onderzoek enige uren kan duren.
  • Smeer de huid van uw kind in de 24 uur vóór het onderzoek niet in met badolie of lotion. Bij het onderzoek worden plakkertjes gebruikt, die door badolie of lotion minder goed blijven zitten.

De uitslag van het vervolgonderzoek

De uitslag van het vervolgonderzoek is niet altijd meteen bekend. Krijgt u na afloop niets te horen? Vraag dan wanneer u de uitslag kunt verwachten.

Blijkt uit het vervolgonderzoek dat uw kind een blijvend gehoorverlies heeft aan één of beide oren? Het Audiologisch Centrum adviseert u na het onderzoek over de behandeling en begeleiding.

Kosten van het vervolgonderzoek

Uw zorgverzekering betaalt de kosten voor het vervolgonderzoek in het Audiologisch Centrum. Het eigen risico van uw zorgverzekering geldt niet voor kinderen onder de 18 jaar. Heeft u vragen? Bespreek ze met uw zorgverzekeraar.

Bijgaand vindt u een link naar de lijst van de audiologische centra (AC's) in Nederland

 

De behandeling

Uit het vervolgonderzoek in het Audiologisch Centrum wordt duidelijk of uw kind een gehoorverlies heeft. Zo ja, dan onderzoekt het Audiologisch Centrum of het om een tijdelijk of blijvend gehoorverlies gaat.

Illustratie van een doorsnede van het binnenoor

Tijdelijk gehoorverlies

Het gehoorverlies kan veroorzaakt worden door vocht in het middenoor. In zo’n geval gaat het om een tijdelijk gehoorverlies. Het middenoor is het deel van het oor tussen trommelvlies en slakkenhuis. Hierin bevinden zich de gehoorbeentjes (hamer, aambeeld en stijgbeugel).

Blijvend gehoorverlies

Het kan ook zijn dat uw kind een blijvend gehoorverlies heeft. Meestal zit de oorzaak daarvan in het binnenoor, in het zogeheten ‘slakkenhuis’. Een blijvend gehoorverlies kan bijvoorbeeld het gevolg zijn van een infectie tijdens de zwangerschap of zuurstoftekort tijdens de geboorte. De oorzaak kan ook erfelijk zijn.

Gehoorverlies aan één oor

Als uw kind een blijvend gehoorverlies heeft aan één oor, loopt de taal- en spraakontwikkeling geen gevaar. Het is wel nodig dat u er rekening mee houdt. In een rumoerige omgeving zal uw kind bijvoorbeeld moeite hebben om iemand te verstaan. Het Audiologisch Centrum zal u adviezen geven voor de begeleiding van uw kind.

Gehoorverlies aan beide oren

Heeft uw kind aan beide oren een blijvend gehoorverlies? Dan zijn de volgende maatregelen mogelijk:

  • Uw kind kan een hoortoestel krijgen, dat het geluid versterkt.
  • Als uw kind echt doof blijkt te zijn, hebben hoortoestellen geen zin. In dat geval kunnen eventueel gehoorimplantaten worden aangebracht (‘cochleaire implantaten’). Dat gebeurt met een operatie.
  • U kunt begeleiding krijgen om de taal- en spraakontwikkeling van uw kind te stimuleren en om u te adviseren en ondersteunen bij de opvoeding en begeleiding van uw kind. Daarnaast kunnen u, uw kind en de overige gezinsleden zonodig gebarentaal leren.

Meer informatie op www.nsdskNederlandse Stichting voor het Dove en Slechthorende Kind Nederlandse Stichting voor het Dove en Slechthorende Kind .nl

De NSDSKNederlandse Stichting voor het Dove en Slechthorende Kind Nederlandse Stichting voor het Dove en Slechthorende Kind  is een kenniscentrum op het gebied van gehoor en taal. Daarnaast biedt deze organisatie zorg aan met name  jonge kinderen (0 - 4 jaar) met gehoor- en taalspraakmoeilijkheden.
De website van de NSDSK biedt veel informatie over de opsporing en behandeling van slechthorendheid en doofheid.