De concentraties aan nutriënten (vooral stikstof- en fosfor) zijn belangrijke criteria bij de beoordeling van de waterkwaliteit. Het gebruik van mest heeft invloed op de nutriëntenconcentraties in grond- en oppervlaktewater. De hoeveelheid mest die op een agrarisch bedrijf gebruikt mag worden, hangt nauw samen met het bedrijfstype en het landgebruik. De grondsoort en de grondwaterstanden hebben invloed op de mate waarin nutriënten uit de mest via de bodem uitspoelen naar grond- en oppervlaktewater. Jaarlijks meet het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu de concentraties daarvan, waarbij de bemonstering wordt afgestemd op de regio waarin het bedrijf ligt.

Meetperiode

Op deze pagina’s rapporteren we de waterkwaliteit van 2018. Deze waterkwaliteit relateren we aan de landbouwpraktijk inclusief de bemesting van 2017. De watermonsters zijn genomen in de geplande periode zoals we in het bemonsteringsschema uitleggen.

Voor het meetjaar 2018 is de waterkwaliteit onderzocht in de periode oktober 2017 tot en met december 2018 (bemonsteringsschema). De gemonitorde waterkwaliteit is gerelateerd aan de landbouwpraktijk van 2017, die met een vertraging doorwerkt op de waterkwaliteit. In de Kleiregio, Veenregio en het programma Zand-Winter vond de bemonstering plaats in het winterhalfjaar van oktober 2017 tot april 2018. In de programma’s Zand-Zomer en Zomersloten is bemonsterd in de maanden april 2018 tot en met september 2018. De Lössregio werd bemonsterd in de maanden september tot en met december 2018.

In meetjaar 2018 zijn op 402 bedrijven waterkwaliteitsgegevens verzameld voor het LMMLandelijk Meetnet effecten Mestbeleid waarover gerapporteerd wordt in deze Basismeetnetrapportage. Dat zijn 3 bedrijven meer dan in 2017.

Databehandeling

De waterkwaliteitsgegevens van meetjaar 2018 zijn volgens bepaalde criteria geaggregeerd naar bedrijfstypegemiddelden en areaalgemiddelden per grondsoortregio. Deze gemiddelden zijn voor nitraat in uitspoelend water getoetst aan de EUEuropean Union -norm van 50 mg nitraat per liter. Met ingang van 2018 rapporteren we de gemiddelden van het Basismeetnet areaal-gewogen. Hoewel de gevolgen van de weging beperkt zijn, zijn de resultaten van 2018 hierdoor niet helemaal vergelijkbaar met die van eerdere jaren, waar de areaal-weging niet is toegepast. Bij Trends in de nutriëntenconcentraties is de areaal-weging wel met terugwerkende kracht op eerdere jaren toegepast. Voor meer informatie: Berekening waterkwaliteit.

Gemiddelde waterkwaliteit per grondsoortregio

Tabel 1. Gemiddelde concentratie aan nutriënten en aantal bemonsterde bedrijven per grondsoortregio in 2018.

  Kleiregio Lössregio Veenregio Zandregio
Uitspoelend water      
Nitraat mg NO3/l 25 81 5,4 50
Fosfor mg P/l 0,18 < dg 0,34 0,13
% norm* voor Nitraat 89 30 98 63
Aantal bedrijven 93 50 52 207
Slootwater      
Stikstof mg N/l winter 5,1 - 4,4 10
Stikstof mg N/l zomer 1,8 - 2,2 5,4
Fosfor mg P/l winter** 0,19 - 0,19 0,15
Fosfor mg P/l zomer** 0,59 - 0,24 0,21
Aantal bedrijven in de winter/zomer 92/90 -/- 54/54 55/47* 

* Percentage bedrijven waar de gemiddelde concentratie voldoet aan de EU-norm voor nitraat.

** Als opgelost P-totaal.

<dg         Lager dan de detectiegrens, voor fosfor 0,05 mg P/ml.

 

Niet bij ieder bedrijf komen sloten voor. Sommige sloten staan droog in de zomer, hierdoor ligt het aantal bemonsterde bedrijven in de winter hoger dan in de zomer. In de Lössregio komen weinig sloten op landbouwbedrijven voor, daarom zijn hier geen monsters genomen

 

Mate waarin de kwaliteit van het uitspoelingswater aan de EU-norm voldoet

Figuur 1. Percentage bedrijven per grondsoortregio, waarvan de gemiddelde waterkwaliteit in het uitspoelingswater voldoet aan de EU-norm van 50 mg NO3/l.

 

In de Veenregio voldoen vrijwel alle bedrijven aan de EU-norm van 50 mg nitraat per liter, in de Kleiregio is het aandeel ook hoog met 89%. In de Zandregio voldoet de nitraatconcentratie in het uitspoelend water in 2018 op 63% van de bedrijven aan de EU-norm. Daarmee is er een kleine afname van bedrijven die aan deze norm voldoen ten opzichte van 2017 (71%). In de Lössregio ten slotte is het aandeel bedrijven dat in meetjaar 2018 aan de EU-norm voldoet (30%), sterk gedaald ten opzichte van 2017 (49%). In de Klei- en Veenregio zijn de aandelen vergelijkbaar met vorig meetjaar.

De Zand- en Lössregio’s lijken wat meer beïnvloed te worden door de droogte in 2018, zie ook informatie per grondsoortregio hieronder. Deze resultaten laten ook zien dat de nitraatconcentratie in uitspoelingswater voor een groot deel bepaald wordt door de grondsoort, en de daaraan gekoppelde waterhuishouding in een gebied. Dit bepaalt mede de mate waarin nitraat kan worden afgebroken (denitrificatie). Zie ook: Factoren van invloed

Externe factoren van invloed, op waterkwaliteit en uitvoering bemonstering

2018 eindigde in de top-3 van warmste jaren sinds het begin van de KNMIKoninklijk Meteorologisch Instituut-waarnemingen. Dit beeld past in de trend van een opwarmend klimaat. De zomer was de warmste sinds 1901 en er waren twee hittegolven. Daarnaast was het zeer droog tot recorddroog. In februari was even wat vorst maar de lente die volgde was weer zacht. In april was het zeer nat. In mei begon de warme periode die tot september zou duren. Neerslagtekort in de zomer leidde tot hinder voor scheepvaart en landbouw, de Rijn bereikte de laagste stand ooit. Beregenen werd verboden en landbouw en natuur kregen te maken met ernstige verdroging.  (Bron: KNMI Klimatologie, Jaaroverzicht  van het weer in Nederland 2018).

Uitvoering veldwerk

In tegenstelling tot de zomer van 2018, was december 2017 juist zeer nat. Dit leidde tot wat vertragingen in de lössbemonsteringen. In april waren de meeste drainrondes compleet en werden de reguliere winterbemonsteringen (Zand Winter, Veen en Klei) afgerond. In de zomer konden we door de droogte sommige slootbemonsteringen niet of vertraagd uitvoeren. De zomerbemonsteringen van het grondwater in de Zandregio werden eind september afgerond, maar het veldwerk liep soms vertragingen op door de diepe grondwaterstanden. Sommige bedrijven konden pas na de maisoogst bezocht worden.  Zie ook: Neerslagcorrectie

Gemiddelde waterkwaliteit per grondsoortregio en bedrijfstype

Kleiregio

Tabel 2. Overzichtstabel met de resultaten van de waterkwaliteit in de Kleiregio in 2018.

 

Melkvee

Akkerbouw

Dierbedrijven

Uitspoelend water

 

 

 

Nitraat mg NO3/l

16

39

22

Fosfor mg P/l

0,23

0,14

0,17

Aantal bedrijven

52

29

12

Slootwater (zomer)

 

 

 

Stikstof mg N/l

1,7

2,1

1,1

Fosfor mg P/l

0,53

0,72

0,28

Aantal bedrijven 

50

28

12

Slootwater (winter)

 

 

 

Stikstof mg N/l

4,0

6,8

3,9

Fosfor mg P/l

0,25

0,12

0,14

Aantal bedrijven

51

29

12

Lössregio

Tabel 3. Overzichtstabel met de resultaten van de waterkwaliteit in de Lössregio in 2018*.

  Melkvee Akkerbouw Dierbedrijven
Uitspoelend water    
Nitraat mg NO3/l 58 104 geen data
Fosfor mg P/l < dg < dg geen data
Aantal bedrijven 22 21 7

 *   Slootbemonstering vindt niet plaats in de Lössregio. 
<dg     Lager dan detectiegrens

Geen data: onvoldoende bedrijven (<10) om gemiddelde te kunnen tonen.

Veenregio

Tabel 4. Overzichtstabel met de resultaten van de waterkwaliteit in de Veenregio in 2018.

  Melkvee
Uitspoelend water
Nitraat mg NO3/l 5,9
Fosfor mg P/l 0,34
Aantal bedrijven 52
Slootwater (zomer)
Stikstof mg N/l 2,2
Fosfor mg P/l 0,24
Aantal bedrijven 54
Slootwater (winter)
Stikstof mg N/l 4,4
Fosfor mg P/l 0,19
Aantal bedrijven  54

 

Zandregio

Tabel 5. Overzichtstabel met de resultaten van de waterkwaliteit in de Zandregio in 2018.

  Melkvee Akkerbouw Dierbedrijven*
Uitspoelend water    
Nitraat mg NO3/l 40 65 62
Fosfor mg P/l 0,13 0,08 0,13
Aantal bedrijven 135 42 30
Slootwater (zomer)    
Stikstof mg N/l 4,5 5,1 -
Fosfor mg P/l 0,18 0,08 -
Aantal bedrijven 25 16 6
Slootwater (winter)    
Stikstof mg N/l 7,8 11 -
Fosfor mg P/l 0,19 0,10 -
Aantal bedrijven 29 18 8

* Voor bedrijfscategorie 'Dierbedrijven' zijn onvoldoende bedrijven met sloten (<10).

Waterkwaliteit per watertype: gemiddelde, mediaan en norm

Nitraat in uitspoelend water

Figuur 2. Spreiding van bedrijfsgemiddelde nitraatconcentraties in het uitspoelend water, per regio in 2018, zonder onderscheid naar bedrijfstype (Uitleg gebruik van boxplots). 

De spreiding in de bedrijfsgemiddelde nitraatconcentratie van het uitspoelend water is het grootst in de Löss- en Zandregio. De gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater in de Zandregio komt in 2018 precies op de EUEuropean Union -norm van 50 mg/l uit (de rode stip in figuur 2). In de Lössregio overschrijdt de gemiddelde nitraatconcentratie (83 mg/l) deze norm ruimschoots. De Kleiregio en de Veenregio blijven in 2018 ver onder de EU-norm met respectievelijk 25 en 5,4 mg nitraat per liter.

 

Tabel 6. Nitraatconcentratie (mg/l) in uitspoelingswater in meetjaar 2018: gemiddelde, mediaan en percentage bedrijven waar de gemiddelde nitraatconcentratie voldoet (≤) aan de EU-norm van 50 mg nitraat/l.

Grondsoortregio

Bedrijfstype gemiddeld (mg/l) mediaan (mg/l) % bedrijven ≤ norm

Klei

Akkerbouw 39 36 75
  Melkvee 16 9,3 94
  Dierbedrijven 22 12 92
  Gewogen gemiddelde 25 17 89
Löss Akkerbouw 104 93 12
  Melkvee 58 48 53
  Dierbedrijven * - - -
  Gewogen gemiddelde 81 71 30
Veen Melkvee 5,4 1,3 98
Zand Akkerbouw 65 59 42
  Melkvee 40 32 74
  Dierbedrijven* 62 62 40
  Gewogen gemiddelde 50 38 63

* Voor dit bedrijfstype zijn onvoldoende bedrijven (<10) bemonsterd om een gemiddelde te kunnen geven. Deze bedrijven worden wel meegenomen in het gewogen gemiddelde.

Op 30% van de bedrijven in de Lössregio is in 2018 de gemiddelde nitraatconcentratie onder de EU-norm van 50 mg/l. Vooral het bedrijfstype Akkerbouw voldoet in 88% van de gevallen niet aan deze norm, bij melkvee geldt dit voor ongeveer de helft van de bedrijfsgemiddelden.

In de Zandregio is het aandeel bedrijven waar de waterkwaliteit wel aan deze norm voldoet, als geheel gedaald naar 63%. Dit wijkt af van het jaarlijks toenemende aandeel van voorgaande jaren. In de Kleiregio is het aandeel bedrijven dat aan de EU-norm voldoet, stabiel gebleven op 89%. In de Veenregio voldoen zo goed als alle bedrijven (98%) aan de EU-norm.

De gemiddelde nitraatconcentratie in de Veenregio (5,4 mg/l) is weliswaar lager dan in de Kleiregio (25 mg/l), maar de totale hoeveelheid stikstof in het uitspoelingswater is vergelijkbaar met die van de Kleiregio (gegevens totaal stikstof zijn niet vermeld, ga hiervoor naar Zelf data selecteren uit het Basismeetnet). In de Veenregio is een groot deel van de stikstof aanwezig als ammonium en/of organisch gebonden stikstof (uitleg over dit proces is te vinden bij Achtergronden).

 

Hieronder staat de gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelend water per regio met onderscheid naar bedrijfstype.

Kleiregio

Figuur 3. Spreiding van bedrijfsgemiddelde nitraatconcentraties in het uitspoelend water, per bedrijfstype in de Kleiregio in 2018. 

 

Lössregio

Figuur 4. Spreiding van bedrijfsgemiddelde nitraatconcentraties in het uitspoelend water, per bedrijfstype in de Lössregio in 2018. Voor bedrijfstype ‘Dierbedrijven’ zijn onvoldoende (<10) bedrijven om de data te tonen. 

 

Veenregio

Figuur 5. Spreiding van bedrijfsgemiddelde nitraatconcentraties in het uitspoelend water in de Veenregio in 2018. In de Veenregio bevinden zich in het Basismeetnet alleen melkveebedrijven. 

 

Zandregio

Figuur 6. Spreiding van bedrijfsgemiddelde nitraatconcentraties in het uitspoelend water, per bedrijfstype in de Zandregio in 2018. 

Fosfor in uitspoelend water

Tabel 7. Opgelost fosforconcentratie (mg P/l) in uitspoelingswater in meetjaar 2018: gemiddelde, mediaan en percentage bedrijven waar de gemiddelde concentratie voldoet aan de gehanteerde norm (in de Klei- en Veenregio 6,9 mg P/l; in de Zand- en Lössregio 2,0 mg P/l).

Grondsoortregio

Bedrijfstype Gemiddelde (mg/l ) Mediaan (mg/l) % bedrijven ≤ streefwaarde
Klei Akkerbouw 0,14 0,09 100
  Melkvee 0,23 0,19 100
  Dierbedrijven 0,17 0,13 100
  Gewogen gemiddelde 0,18 0,14 100
Veen Melkvee 0,34 0,31 100
Löss Akkerbouw < dg < dg 100
  Melkvee < dg < dg 100
  Dierbedrijven -* -* -*
  Gewogen gemiddelde < dg < dg 100
Zand Akkerbouw 0,08 0,08 100
  Melkvee 0,13 0,06 99
  Dierbedrijven 0,13 < dg 97
  Gewogen gemiddelde 0,13 0,05 99

< dg = Lager dan de detectiegrens (0,05 mg P/l).
*    Onvoldoende bedrijven (<10) gemeten om data weer te geven.

 

Figuur 7. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het uitspoelend water, per regio in 2018, zonder onderscheid naar bedrijfstype. Uitleg gebruik van boxplots)

De Lössregio en ook de Zandregio kennen de laagste concentraties aan opgelost fosfor. Dit heeft te maken met de samenstelling van de bodems, waarin meestal weinig organische stof voorkomt. In de Lössregio zijn bij alle deelnemende bedrijven de opgelost fosforconcentraties lager dan de vastgestelde detectiegrens (0,05 mg P/l), in de Zandregio geldt dit voor circa 50% van de bedrijven.

Voor de Zand- en Lössregio geldt de KRWKaderrichtlijn Water-norm van 2,0 mg P/l in het grondwater. In de Zandregio voldoen vrijwel alle, en in de Lössregio alle bedrijven aan deze waarde. Voor de Klei- en Veenregio is de KRW-norm 6,9 mg P/l. Alle bedrijfsgemiddelden voldoen hieraan.

 

Hieronder staat de gemiddelde concentratie opgelost fosfor in het uitspoelend water per regio met onderscheid naar bedrijfstype.

Kleiregio

Figuur 8. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het uitspoelend water per bedrijfstype in de Kleiregio in 2018. 

In de Kleiregio zijn de concentraties gemiddeld het laagst bij het bedrijfstype ‘Akkerbouw’. Alle bedrijven in de drie vertegenwoordigde bedrijfstypen voldoen aan de KRW-norm van 6,9 mg P/l. De verschillen in concentraties tussen deze bedrijfstypen worden waarschijnlijk voor een groot gedeelte bepaald door verschillen in bodemgesteldheid, bodemgebruik en ontwatering. Zie RIVM rapport 680717024A voor verdere achtergrondinformatie hierover.

Lössregio

In de Lössregio zijn de gemiddelde concentraties zo laag dat zij allen onder de detectiegrens van 0,05 mg P/l liggen. De boxplot voor de aanwezige bedrijfstypen is daardoor niet zinvol om weer te geven.

Veenregio

Figuur 9. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het uitspoelend water in de Veenregio in 2018. In de Veenregio bevinden zich in het Basismeetnet alleen melkveebedrijven. 

Alle deelnemende bedrijven in de Veenregio voldoen aan de gehanteerde KRW-norm van 6,9 mg P/l.

Zandregio

Figuur 10. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het uitspoelend water per bedrijfstype in de Zandregio in 2018. 

In de Zandregio vinden we de laagste concentraties bij het bedrijfstype ‘Akkerbouw’, maar de gemiddelde fosforconcentratie op de bedrijfstypen ‘Melkvee’ en ‘Dierbedrijven’ zijn nauwelijks hoger De mediane waarden liggen in deze regio veel lager dan de gemiddelde waarden, dit wijst op het voorkomen van een aantal bedrijven met hogere waarden die het gemiddelde sterk bepalen (zie ook Berekening waterkwaliteit). Over het geheel genomen voldoen vrijwel alle bedrijven aan de streefwaarde van 2,0 mg P/l.

Stikstof in slootwater

Tabel 8. Opgelost stikstofconcentraties (mg N/l) in slootwater in meetjaar 2018: gemiddelde en mediane waarde.

Regio & bedrijfstype

Winterseizoen Zomerseizoen
  Gemiddelde Mediaan Gemiddelde Mediaan
Klei        
Akkerbouw 6,8 6,4 2,1 1,8
Melkvee 4,0 3,0 1,7 1,4
Dierbedrijven 3,9 2,8 1,1 1,0
Gewogen gemiddelde 5,1 3,7 1,8 1,5
Veen        
Melkvee 4,4 4,2 2,2 1,9
Zand        
Akkerbouw 11 8,4 5,1 2,7
Melkvee 7,8 6,7 4,5 2,3
Dierbedrijven* - - - -
Gewogen gemiddelde 10 7,8 5,4 2,5

* In 2018 waren er te weinig bedrijven (<10) om de data voor dit bedrijfstype weer te geven. Als er bedrijven zijn, dan worden deze wel meegenomen in het gewogen gemiddelde.

De stikstofconcentratie in het slootwater is in de zomer gemiddeld lager dan in de winter. Dit komt omdat stikstof in de zomer grotendeels opgenomen wordt door algen en (water-)planten. De Zandregio heeft de hoogste gemiddelde stikstofconcentratie in het slootwater en dit komt overeen met de hogere stikstofconcentraties in het uitspoelingswater. Op de bedrijven in de Lössregio komen nauwelijks sloten voor. Van de bemonsterde bedrijfstypes heeft Akkerbouw de hoogste stikstofconcentratie. Een reden hiervoor is dat akkerbouwbedrijven door gewasinzaai en teeltrotaties te maken hebben met een wisselende bodembedekking. Hierdoor is de opname van nutriënten niet altijd optimaal in relatie tot de toediening.  Als het gewas ontbreekt of nog niet volgroeid is, vindt er meer uitspoeling plaats naar diepere lagen waar het buiten bereik van de wortelzone raakt. Dit laatste geldt ook voor gras/maiswisselingen.

Figuur 11. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost stikstofconcentraties in het slootwater, per regio in 2018, zonder onderscheid  naar bedrijfstype, winter- en zomerseizoen. Uitleg gebruik van boxplots.

Hieronder staat de gemiddelde concentratie opgelost stikstof in slootwater per regio met onderscheid naar bedrijfstype.

Kleiregio

Figuur 12. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost stikstofconcentraties in het slootwater van de Kleiregio in 2018, winter- en zomerseizoen. 

Veenregio 

Figuur 13. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost stikstofconcentraties in het slootwater van de Veenregio in 2018, winter- en zomerseizoen. In de Veenregio bevinden zich in het Basismeetnet alleen melkveebedrijven. 

Zandregio 

Figuur 14. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgeloste stikstofconcentraties in het slootwater van de Zandregio in 2018, winter- en zomerseizoen.

Fosfor in slootwater

Tabel 9. Gemiddelde en mediane opgelost fosforconcentratie (mg P/l) in het slootwater in meetjaar 2018.

Regio & bedrijfstype

Winterseizoen Zomerseizoen
  Gemiddelde Mediaan Gemiddelde Mediaan
Klei        
Akkerbouw 0,12 0,08 0,72 0,49
Melkvee 0,25 0,20 0,53 0,48
Dierbedrijven 0,14 0,10 0,28 0,15
Gewogen gemiddelde 0,19 0,13 0,59 0,46
Veen        
Melkvee 0,19 0,12 0,24 0,15
Zand        
Akkerbouw 0,10 0,09 0,08 0,07
Melkvee 0,19 0,10 0,18 0,07
Dierbedrijven -* -* -* -*
Gewogen gemiddelde 0,15 0,09 0,21 0,07

* In 2018 waren er te weinig bedrijven (<10) om de data voor dit bedrijfstype weer te geven. Als er bedrijven zijn, dan worden deze wel meegenomen in het gewogen gemiddelde.
 

In tegenstelling tot nitraat, zijn de fosforconcentraties in de zomerperiode juist hoger dan in de winterperiode, dit heeft te maken met temperatuursinvloeden en evenwichtsreacties. Fosfaat bindt sterk aan ijzer en zal dan neerslaan als slib, maar onder zuurstofarme condities in de zomer komt dit weer vrij en kan daarmee de fosfaatconcentratie laten stijgen. Dit verschil tussen de seizoenen is vooral in de Kleiregio groot. Zie ook de uitleg bij Achtergronden.

Figuur 15. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het slootwater, per regio in 2018, zonder onderscheid naar bedrijfstype, winter- en zomerseizoen. Uitleg gebruik van boxplots.

 

Hieronder staat de gemiddelde concentratie opgelost fosfor in slootwater per regio met onderscheid naar bedrijfstype.

 

Kleiregio

Figuur 16. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het slootwater, per bedrijfstype in de Kleiregio in 2018. 

 

Veenregio 

Figuur 17. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het slootwater in de Veenregio in 2018. In de Veenregio bevinden zich in het Basismeetnet alleen melkveebedrijven. 

Zandregio 

Figuur 18. Spreiding van bedrijfsgemiddelde opgelost fosforconcentraties in het slootwater, per bedrijfstype in de Zandregio in 2018.