Regionale verschillen: Schattingen per gemeente, wijk en buurt

Aanleiding

Op deze site worden cijfers over gezondheid en gezondheidsgerelateerde onderwerpen gepubliceerd. Vanwege de decentralisaties in het sociaal domein is steeds meer behoefte aan cijfers op kleinere geografische niveaus. Een belangrijke bron is de Gezondheidsmonitor volwassenen van GGD'en, CBS en RIVM. Ondanks dat de Gezondheidsmonitor een enorm databestand is, bevat het onvoldoende respondenten om met behulp van weegmethoden cijfers te berekenen voor alle wijken en buurten in Nederland. Daarom heeft het RIVM een model ontwikkeld om cijfers te kunnen berekenen op wijk- en buurtniveau op basis van de Gezondheidsmonitor volwassenen van GGD'en, CBS en RIVM. Dit wordt wel het SMAP-model genoemd (SMall Area estimates for Policymakers). In 2012 zijn de eerste wijk- en buurtcijfers gepresenteerd. Op basis van de Gezondheidsmonitor 2016 zijn nieuwe cijfers berekend.

Daarnaast is het RIVM bezig om via andere methoden cijfers op gemeente-, wijk- en buurtniveau beschikbaar te stellen. We hebben inmiddels ook cijfers over blootstelling aan geluid op deze schaalniveaus beschikbaar. Deze zijn afkomstig uit het STAMINA-model.

Hieronder geven we een verantwoording van de totstandkoming van de gegevens.

SMAP-model

Methode - Algemeen

In het kader van de Gezondheidsmonitor zijn via vragenlijsten gegevens over gezondheid en leefstijl verzameld over volwassenen van 19 jaar en ouder. De ruim 457.000 deelnemers aan de Gezondheidsmonitor 2016 zijn anoniem in een beveiligde omgeving gekoppeld aan registratiebestanden van het CBS. Deze bestanden bevatten informatie over een reeks achtergrondkenmerken, zoals leeftijd, geslacht, herkomst, huishoudsamenstelling, opleidingsniveau, inkomen en woningtype. Er is een statistisch model gebruikt om de gezondheid en leefstijl te relateren aan deze achtergrondkenmerken. Ook wordt informatie uit de naastgelegen gebieden meegenomen. Door middel van deze relatie is het daarna mogelijk om voor alle volwassenen hun verwachte gezondheid en leefstijl te berekenen. De uitkomsten worden vervolgens gemiddeld over de betreffende wijk of buurt.

Het model heeft als doel om cijfers te kunnen berekenen op wijk- en buurtniveau. De gemeentecijfers en landelijke cijfers op deze website zijn via hetzelfde statistische model berekend om als referentiecijfer te kunnen fungeren voor de wijk- en buurtcijfers. De cijfers kunnen afwijken van de gemeente- en landelijke cijfers die direct uit de Gezondheidsmonitor 2016 komen omdat ze volgens een andere methode (weegmethode van het CBS) berekend zijn. Voor gebieden met minder dan 10 inwoners worden geen cijfers getoond.

Methode - geluidhinder

Of mensen hinder hebben hangt sterk samen met de blootstelling aan geluid in hun woonomgeving. Naast de achtergrondkenmerken is daarom ook de blootstelling aan geluid van weg-, vlieg- en railverkeer op het woonadres toegevoegd aan het statistische model. Deze blootstelling is afkomstig van landelijke geluidmodellen van het RIVM voor weg- en railverkeer. Het Nationale Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium heeft de geluidbelasting rond de belangrijkste Nederlandse luchthavens berekend op basis van de vliegbewegingen in 2016.

Vragen over geluidhinder zijn alleen opgenomen in de Gezondheidsmonitor voor volwassenen in de leeftijd van 19-64 jaar, en niet in de ouderenmonitor. De cijfers zijn gebaseerd op de ruim 220.000 deelnemers van 19-64 jaar en tonen schattingen voor dit deel van de Nederlandse populatie.

Schattingen

De cijfers op wijk- en buurtniveau moeten met voorzichtigheid worden gebruikt. Met het model wordt de werkelijkheid zo goed mogelijk benaderd, maar de cijfers blijven schattingen van de werkelijkheid. Daarom worden de uitkomsten ook als hele cijfers (dus zonder decimalen) gepresenteerd.

De cijfers uit de Gezondheidsmonitor die zijn verkregen met behulp van weegmethoden zijn echter ook een benadering van de werkelijkheid. De weging is nodig vanwege o.a. selectieve non-respons. Net zoals bij de berekeningen van de wijk- en buurtcijfers zijn de weegfactoren van het CBS ook gebaseerd op achtergrondkenmerken van de respondenten.

Verschil tussen cijfers

Verschillende GGD’en hebben voor de Gezondheidsmonitor 2016 de steekproef opgehoogd om ook voldoende respondenten te hebben om cijfers op wijkniveau met behulp van de CBS-weegmethode te kunnen presenteren. Echter blijft de steekproefomvang meestal te klein om ook cijfers op het nog gedetailleerdere buurtniveau te kunnen berekenen. De SMAP-methode biedt hiervoor een oplossing.

Omdat de SMAP-methode een andere berekeningswijze is, kunnen de gemeente- en wijkcijfers die met de SMAP-methode zijn berekend afwijken van de cijfers die berekend zijn met de CBS-weegmethode. Niet alleen het onderliggende model is anders, ook het aantal achtergrondkenmerken dat wordt gebruikt verschilt; bij de RIVM-schattingen wordt meer informatie over de bevolking gebruikt. Over het algemeen leiden de RIVM schattingen tot kleinere verschillen tussen gebieden dan de cijfers die verkregen zijn door middel van weegmethoden.

De volgende GGD'en publiceren voor (een aantal van) hun wijken eigen wijkcijfers:

Grote aantallen nodig

Voor het doen van dit soort schattingen zijn grote aantallen respondenten nodig. Het is dus niet zo dat het ontwikkelde model de Gezondheidsmonitors kan vervangen. Hoe meer respondenten er zijn, hoe minder er geschat hoeft te worden en hoe beter de cijfers zijn.

Samenwerking

De cijfers zijn berekend in het kader van het Strategisch Programma RIVM (SPR), een programma voor onderzoek, innovatie en kennisontwikkeling. Een werkgroep van epidemiologen van GGD'en en GGD GHOR NL is er bij betrokken.

Meer weten?

Een uitgebreide toelichting op de gebruikte methode is beschreven in een wetenschappelijk artikel. Voor de cijfers van 2016 zijn enkele aanpassingen gedaan aan het model.

Voor vragen over de cijfers over geluidhinder kunt u contact opnemen met danny.houthuijs@rivm.nl.
Voor vragen over alle andere onderwerpen kunt u contact opnemen met carolien.van.den.brink@rivm.nl.

Referentie

Jan van de Kassteele, Laurens Zwakhals, Oscar Breugelmans, Caroline Ameling and Carolien van den Brink. Estimating the prevalence of 26 health-related indicators at neighbourhood level in the Netherlands using structured additive regression. Int J Health Geogr (2017) 16:23 (https://ij-healthgeographics.biomedcentral.com/track/pdf/10.1186/s12942-017-0097-5?site=ij-healthgeographics.biomedcentral.com

Methode - geluidbelasting

De data over geluidbelasting is gebaseerd op het STAMINA-model. Dat staat voor Standard Model Instrumentation for Noise Assessments en is door het RIVM ontwikkeld. Het RIVM gebruikt dit standaardmodel om omgevingsgeluid in Nederland in kaart te brengen. Het model is gebaseerd op de Standaard Karteringsmethode voor verkeerslawaai en industrielawaai, die in Nederland is voorgeschreven om de Europese richtlijn voor omgevingslawaai uit te voeren. Het STAMINA-model levert data waarmee geluidkaarten worden gemaakt. Deze kaarten geven een beeld van de geluidbelasting in Nederland. De kaarten zijn online beschikbaar via de Atlas Leefomgeving

De geluidkaarten van wegverkeer en treinverkeer (beide voor 2016) zijn in GIS gekoppeld met informatie uit de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG). De BAG is de registratie waarin gemeentelijke basisgegevens over alle gebouwen en adressen in Nederland zijn verzameld. Bij het RIVM wordt een aangepaste versie van de BAG gebruikt. De BAG bij het RIVM bevat alle adresseerbare (verblijfs)objecten met adres en pand informatie; dit betekent dat panden zonder adres in principe niet in de BAG-versie van het RIVM zullen voorkomen. Een adres betekent in dit geval een straatnaam en huisnummer eventueel aangevuld met een huisletter. Daarnaast is de BAG verrijkt met informatie over de gemiddelde huishoudgrootte per postcode 6 (Statistische gegevens per vierkant en postcode 2018–2017–2016–2015 met data voor het jaar 2016). Voor deze koppeling is de RIVM versie van de BAG gebruikt met als peildatum 1 januari 2016.

Op basis van de gemiddelde huishoudgrootte en het aantal verblijfsobjecten met bijbehorende geluidbelasting is vervolgens per blootstellingscategorie en per buurt, wijk en gemeente (CBS buurt,- wijk en gemeentebestand voor het jaar 2016) de fractie van het totaal aantal blootgestelde personen bepaald.

De cijfers moeten met voorzichtigheid worden gebruikt. Bij het opstellen van de geluidkaarten (en daarmee deze informatie) wordt gepoogd de werkelijkheid zo goed mogelijk te benaderden, maar de cijfers blijven een inschatting van de werkelijke geluidbelasting en kunnen lokaal afwijken. Hoewel de fracties zijn gegeven op drie decimalen nauwkeurig is de laatste decimaal slechts indicatief en alleen gegeven om bij een berekening tot een correcte afronding te kunnen komen. De kaarten en de achterliggende cijfers zijn ook niet geschikt om aan (wettelijke) normen voor geluid te toetsen.