Waterkwaliteitsnormen voor gewasbeschermingsmiddelen verschillen per lidstaat. Dat kan de aanpak van grensoverschrijdende problemen bemoeilijken. Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu pleit voor een Europese afstemming van deze normen.

Op dit moment zijn maar voor een beperkt aantal gewasbeschermingsmiddelen Europese waterkwaliteitsnormen vastgesteld. Dit geldt alleen voor  stoffen die onder de Kaderrichtlijn water zijn aangewezen als “prioritaire” stof. Voor andere stoffen stelt elke Europese lidstaat zelf de waterkwaliteitsnormen vast. Die normen verschillen per lidstaat, zo blijkt uit RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu-onderzoek.

Deze verschillen kunnen de aanpak van grensoverschrijdende problemen in oppervlaktewater bemoeilijken, bijvoorbeeld wanneer de normen stroomopwaarts hoger zijn dan in Nederland. Het RIVM pleit ervoor de hoogte van de waterkwaliteitsnormen op Europees niveau af te stemmen. Het is zinvol om dit te stroomlijnen met het Europese toelatingsproces van gewasbeschermingsmiddelen.