Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
Pre- en neonatalescreening

Jaargang 9, Nummer 4 / 29 juni 2016

Inhoudsopgave
Tijdelijk alternatief product binnen PSIE programma
In Nederland is er momenteel een tekort voor een aantal plasmaproducten die gemaakt worden door Sanquin PlasmaProducts (SPP). De beschikbaarheid van de Quin-producten is beperkt vanaf begin 2016 en er worden verdere beschikbaarheidsproblemen verwacht. Dit is het gevolg van problemen in het productieproces. Tijdens het oplossen van deze problemen moet het productieproces ook zo worden aangepast dat het voldoet aan de meest recente Europese kwaliteitseisen, die de afgelopen jaren zijn aangescherpt. SPP werkt aan de vernieuwing van het productieproces. Voor het PSIE programma is er momenteel een tekort aan het product RhedQuin 1000IE. Er is een in Nederland geregistreerd gelijkwaardig alternatief product beschikbaar, namelijk Rhophylac. Dit product werd al in het PSIE-programma gebruikt en wordt geleverd door RIVM-DVP. Dit product van CSL is in NL verkrijgbaar via de firma Devrimed. RIVM-DVP die verantwoordelijk is voor levering van anti-D in het kader van het PSIE-programma zal zorgen voor levering van het alternatieve product. De procedures voor levering door DVP blijven ongewijzigd.

Mogelijk kunnen er op termijn ook tekorten ontstaan voor RheDQuin 375IE of HepBQuin 150IE. SPP streeft ernaar tekorten te voorkomen en heeft maatregelen getroffen om de continuïteit van zorg te garanderen. Dit is afgestemd met het College ter beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en het RIVM. In de praktijk betekent dit dat er dan een alternatief product gebruikt zal gaan worden. Wij zullen u hierover tijdig informeren indien dit het geval is.
Lees meer
Optimalisatie screening op cystic fibrosis per 1 juli
Met ingang van 1 juli a.s. worden de afkapgrenzen die gehanteerd worden in de screening op cystic fibrosis (CF = taaislijmziekte) aangescherpt. Verder is de classificatie van de mutaties waarnaar gekeken wordt in de 3e stap van de screening geëvalueerd en aangepast. Naar verwachting gaat dit leiden tot een toename van de sensitiviteit van 91% naar 95% bij een gelijkblijvende specificiteit van 99,99%. Naast een afname van 7 naar 1 kind per jaar met een afwijkende screeningsuitslag en onduidelijke diagnose, wordt een toename van 10 naar 14 dragers van CF per jaar verwacht. Dit besluit is genomen na analyse van de resultaten van bijna 557.000 pasgeborenen die tussen mei 2011 en juni 2014 gescreend zijn op CF.
Beleidskader pre- en neonatale screeningen gepubliceerd
Sinds begin juni is het beleidskader pre- en neonatale screeningen gereed. Het beleidskader biedt organisaties die betrokken zijn bij de uitvoering van de pre- en neonatale screeningen een gemeenschappelijk beeld van het doel, de uitgangspunten, randvoorwaarden, en organisatie ervan. Het Beleidskader geeft een overzicht van de door VWS vastgestelde wettelijke en beleidsmatige kaders voor de screeningen. Daarnaast beschrijft het de samenwerking en onderlinge verhoudingen van partijen die betrokken zijn bij de voorbereiding, besluitvorming en uitvoering van deze bevolkingsonderzoeken. Bovendien wordt ingegaan op voorwaarden die nodig zijn om screeningen effectief, efficiënt en met een hoge kwaliteit uit te voeren. Het document is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het RIVM-CVB en is geadviseerd door de programmacommissies van de pre- en neonatale screeningen.

Meer informatie:
Lees meer