| Het COVID-19-vaccin wordt in principe niet tegelijk met een ander vaccin toegediend. Er zijn geen gegevens beschikbaar over toediening tegelijk met een ander vaccin. Om duidelijk te houden of eventuele klachten bijwerkingen van het COVID-19-vaccin kunnen zijn, werd tot nu toe geadviseerd om een interval van minimaal 7 dagen aan te houden met andere geplande vaccinaties. De WHO adviseert zelfs een interval van minimaal 14 dagen. Interval van minimaal 14 dagen Dit lijkt ook voor Nederland gewenst, gezien de meldingen van bijvoorbeeld myo- en pericarditis vooral in de eerste week post vaccinatie, of TTS in de eerste drie weken na vaccinatie. Een langere interval van minimaal 14 dagen is daarmee beter voor de evaluatie van potentiële bijwerkingen. Ook voor het RVP betekent dit dat er een interval van minimaal 14 dagen tussen een COVID-19-vaccinatie en een RVP-vaccinatie gehanteerd moet worden. In het geval van een ongeplande maar noodzakelijke (PEP) vaccinatie (tetanus, rabiës), heeft deze altijd voorrang. Een kortere interval heeft geen negatief effect op de werkzaamheid van één van de vaccins. Geplande RVP-vaccinatie voorrang Een geplande RVP-vaccinatie heeft voorrang op een COVID-19-vaccinatie. De reden hiervoor is dat een RVP-vaccinatie minder flexibel is in te plannen dan een COVID-19-vaccinatie. |