Verschillende meetmethoden

De ISOInternational Organization of Standardization-methode en de WHO Intense-methode roken op een andere manier sigaretten af. De WHO Intense-methode simuleert intenser rookgedrag: de machine ‘inhaleert’ dieper en vaker dan bij de ISO-methode (zie Figuur x). Daarnaast worden bij de WHO Intense-methode de ventilatiegaatjes in de filter dicht gehouden op de plek waar een roker de sigaret normaalgesproken vasthoudt (zie Figuur y). Dit is ook wat er gebeurt bij roken: de roker drukt de ventilatiegaatjes van de filter dicht als hij de sigaret tussen zijn vingers of lippen vasthoudt.

Kenmerken van de ISO methode en WHO Intense methode

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Figuur x. Specifieke kenmerken van de ISOInternational Organization of Standardization-methode en WHO Intense-methode, die gebruikt worden voor het afroken van sigaretten met een rookmachine. Ter vergelijking is een indicatie van het rookgedrag van een gemiddelde roker toegevoegd.

ISO meet lage waarden in sigaretten met filterventilatie

Bij de ISO-methode is de manier van roken minder intens en zijn de ventilatiegaatjes in sigarettenfilters onbedekt. Door de gaatjes komt extra lucht mee als de machine een trekje neemt, en wordt de rook dus verdund. Hierdoor worden er minder schadelijke stoffen gemeten dan wanneer een roker zelf rookt en de gaatjes dicht houdt (zie Figuur z).

Vergelijking nicotine roker met rookmachine

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Figuur z. De hoeveelheid nicotine bepaald door een rookmachine (ISOInternational Organization of Standardization-methode), vergeleken met de hoeveelheid nicotine die een roker daadwerkelijk binnen krijgt (gebaseerd op Jarvis et al. 2001).

Grootste verschil bij sigaretten met lage TNCOtar, nicotin and carbon monoxide-waarden

Het verschil tussen beide methoden is het grootst bij sigarettenmerken waarvan de rook volgens de ISO-methode relatief weinig teer, nicotine en koolmonoxide (TNCO) bevat. Dit zijn in de praktijk de sigaretten met veel filterventilatie (de zogenoemde lichte sigaretten). Juist bij de ‘lichte’ sigaretten blijkt de ISO-methode minder TNCO te meten dan een roker in werkelijkheid binnenkrijgt (en dan de WHO Intense-methode meet). Afgaand op de ISO-methode lijken er grote verschillen in TNCO te zijn tussen lichte en zware sigaretten, terwijl die verschillen in werkelijkheid maar klein zijn. De hoeveelheid schadelijke stoffen die een roker inhaleert verschilt dus tussen sigarettenmerken veel minder dan de TNCO-waarden volgens de ISO-methode suggereren.

TNCO in Databank Tabaksproducten

De TNCO-waarden in de Databank Tabaksproducten zijn door de tabaksfabrikanten aangeleverde gegevens, gebaseerd op de ISO-methode. Deze TNCO-waarden zeggen daarom meer over de hoeveelheid filterventilatie in de sigaret dan over de hoeveelheid TNCO die de roker binnenkrijgt.

Meer informatie